Posts tonen met het label robbedoes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label robbedoes. Alle posts tonen

14 oktober 2025

Eppo 21 - Daan Jippes 80 door Fred de Heij

 


Vandaag op 14 oktober viert Daan Jippes zijn 80ste verjaardag. Om die mijlpaal niet onopgemerkt voorbij te laten gaan, had ik zijn collega Fred de Heij gevraagd om een felicitatietekening te maken. Hij kwam met een schilderij waarop hij Jippes' stripfiguren Havank, Bernard Voorzichtig en zijn valet Siebe Sibbe heeft geportretteerd, dat pardoes op de cover van Eppo nr. 21 is terecht gekomen! Dit nummer is los te bestellen via de site van Eppo en Uitgeverij L. 


Bernard Voorzichtig had De Heij voor het eerst gelezen in het legendarische stripweekblad Pep toen in 1972 het verhaal Twee voor thee werd voorgepubliceerd. Zijn tekening heeft Fred geïnspireerd op de cover van het Robbedoes en Kwabbernoot album Hommeles in Rommelgem uit 1969. Heel toepasselijk, omdat Jippes nu bezig is met deze stripfiguren voor een lang verhaal. En in 1969 begon Jippes met Bernard Voorzichtig te tekenen. 

Interview met Fred de Heij over Daan Jippes

Op pagina 2 van Eppo nr. 21 staat, in plaats van het gebruikelijke Redactioneel van hoofdredacteur Rob van Bavel, een interview van mij met Fred de Heij over Daan Jippes, waarin hij zijn bewondering toelicht voor zijn jarige collega. Maestro, ook namens mij van harte gefeliciteerd met je 80ste verjaardag! En nog vele jaren erbij. 

Tijdschriftjongen Eppo getekend door Aart Cornelissen


06 juli 2020

Eppo 13 - De boekenkast van Olivier Schwartz

Foto: Olivier Schwartz (2020)

In Eppo 13 staat van mij De boekenkast van... Olivier Schwartz. In hetzelfde nummer gaat ook zijn strip Inspecteur Bayard van start. De Fransman kreeg in Nederland bekendheid met zijn albums voor de Robbedoes door...-reeks, waar zijn retrostijl zich uitstekend voor leent, en de biografische strip Gringos Locos. Vorig jaar sprak ik met deze sympathieke tekenaar op Stripfestival Breda waar hij zijn nieuwe serie Atom Agency signeerde. De favoriete albums van Schwartz zijn getekend door Hergé, Morris, Chaland en Spiegelman.
Eppo nummer 13 ligt nog tot 9 juli 2020 in de winkels en is los te bestellen via de Eppo site.

Schwartz signeert tijdens Stripfestival Breda 2019 (Foto: Robin Schouten)

20 oktober 2017

Cross Comix 2017 - Strips, cartoons en kunst in Rotterdam

De Rotterdamse Schouwburg is tot en met zaterdag 21 oktober het domein van de verbeelding en verandert in één groot podium voor cross overs tussen strips, cartoons en kunst. Ook buiten de muren van de schouwburg is er genoeg te doen, zoals bij Rotown, Het Nieuwe Instituut, Quasi Modo, buiten op straat op de Lijnbaan, de Koopgoot en er zijn meer festivallocaties. Waar je ook om je heen kijkt, beeld is er altijd en overal.
Op de openingsdag van Cross Comix is het jazzportret van Meijer Wery op de Oude Binnenweg onthuld, gemaakt door illustrator en striptekenaar Joost Swarte.
Cross Comix beleeft haar tweede editie en is een jong nieuwsgierig festival dat de onuitputtelijke verschijningsvormen onderzoekt van cross overs tussen beeld en kunst, politiek, technologie, wetenschap, media en filosofie. Het festival heeft voor deze editie grote helden, gerespecteerde namen en nog niet ontdekt talent weten te strikken.

Met het thema ‘de Grote Oversteek’ toont Cross Comix haar betrokkenheid met de samenleving door aandacht te vragen voor de toenemende polarisatie in de Westerse wereld, die zich kenmerkt door de steeds groter wordende kloof tussen overtuigingen, bevolkingsgroepen en sociale klassen.
Tijdens Cross Comix worden gasten en publiek aangemoedigd om over de eigen drempel heen te stappen en zich echt te verdiepen in de ander.
Op zaterdag 21 oktober is het hoofdprogramma met als klap op de vuurpijl de boekpresentatie van het nieuwste Robbedoes album 'Tulpen uit Istanboel' getekend en geschreven door Hanco Kolk. Ook zal hij in de Rotterdamse Schouwburg worden geïnterviewd over dit op-en-top Hollandse verhaal, een absolute primeur in de geschiedenis van het mythische strippersonage. Het album is zaterdag exclusief te koop bij de Donner Winkel op Cross Comix en dan is er tevens een signeersessie.

Kijk voor een uitgebreid programmaoverzicht op: https://crosscomix.nl/agenda

02 maart 2016

De Uitglijers van Eddy Paape

Paape signerend op De Stripdagen 2006 in Houten (Foto: Robin Schouten)
De Belgische striptekenaar Eddy Paape (3 juli 1920 – 12 mei 2012) heeft een wonderwel oeuvre op zijn naam staan. Dat begon toen hij in zijn jonge jaren aan de slag kon bij uitgeverij Dupuis. Dat was een katholieke organisatie, zoals, kun je zeggen, nagenoeg alle organisaties in België. Voor deze uitgever werkte hij samen met Joseph Gillain, alias Jijé om twee albums over Jezus te maken, Emmanuel. Tja, over wie anders zou je zeggen, maar toch… Hij inktte ook na die tijd Jan Kordaat, speurder deel 2 bijvoorbeeld; een serie die hij na het vertrek van Jijé naar de Verenigde Staten van hem overnam en de kwaliteit gaf die het verdiende.

Dat zo'n type verhaal met geweld de streng gelovigen censuur van de kerk kon overleven zit hem in het feit dat de goeden de slechten overwonnen; de boy-scouts ten top en allemaal voorgegaan door eerst Totor van Hergé en dan Kuifje. En naast diens uitgever Casterman, deed Dupuis dat dus ook en zo konden tekenaars als Will, Franquin, Morris etc. zich uitleven op hun helden. Heel anders dan in de lage landen waar strips met geweld werden geschuwd zodat menig Dick Bos-boekje (of die van Steve Drake; zie elders op deze blog) in de school- of thuishaard verdween. In de winter wel te verstaan.

Ook hielp Paape in 1948 Victor Hubinon bij Tarawa, de bloedige atol waar ook scenarist Jean-Michel Charlier (samen met Hubinon maakte hij de pilotenstrip Buck Danny) aan meewerkte. Die, op zijn beurt, weer meeschreef aan de door Paape bedachte Oom Wim serie voor Robbedoes/Spirou waarin allerlei geschiedkundige feiten in korte stripverhalen werden gepresenteerd. Luc Orient is ook van Paapes hand. Dit is niet alles wat hij tekende natuurlijk, maar het maakt een mooi bruggetje naar een andere loot van deze stripkunstenaar; Flip Flink (in het Frans: Marc Dacier; lees d'acier...Mark van Staal dus) met scenario's van Charlier. In 1958 verschijnt deze spannende avonturenserie over journalist Flink voor het eerst in Robbedoes en Spirou die vanaf 1960 ook in boekvorm te verkrijgen was. Paape was echter ontevreden over Dupuis die de albums wel liet produceren, maar er geen reclame voor maakte. Tja, en dan komen de Uitglijers denk ik dan.
Lelijke covers van Paape
Bij de eerste albums die ik herlas is het meteen mis. Behalve de spuuglelijke covers die al een Uitglijer op zich zijn met hun ballonteksten en harde kleuren, wordt de lezer niet altijd als slim bezien. Wat te denken van de scene met de piccolo (een late Robbedoes) die zijn kleren afgeeft aan onze speurder die in deel 4 'De geheimen van de Koraalzee' zijn kamer niet uit mag, omdat het hele gangsterdom van Amerika op hem loert (Kuifje had er in Amerika ook al last van). Hij loop trots met een strak pak de kamer uit, half beloerd door een agent die waarschijnlijk net is gerekruteerd uit het boevengilde dat hij nu naarstig is gaan bestrijden (bladzijden 6 en 7 van de 1e druk uit 1962). Dan lezen we dat Flink in de taxi gezeten zijn piccolo pakje heeft uitgetrokken dat hij boven zijn eigen kleren droeg.
Onder dit pak van de picollo zit een los jasje
Als je die tekeningen bekijkt vind ik het knap dat dat vlotje wijd hangende suede jasje ooit zo strak onder dat jasje van de bediende heeft gepast. Nu goed…

Dan verwijs ik ook nog even naar de eerste bladzijde van het verhaal waar de vertaler blijkbaar niet veel kaas heeft gegeten van het Nederlands als hij op de kastdeuren bordjes plaats; 'zomerkle' – het hoofd van Flink zit voor de rest van het woord 'zomerkleding' - en 'winterkleding'. Een plaatje verder echter staan de deuren open en is er ineens sprake van 'winterkle' en 'zomerkle' terwijl met name dat laatste best voluit geschreven had kunnen worden. Ruimte zat op het bordje. De man had de afkorting waarschijnlijk voor correct Nederlands aangezien. 'Hij kan de kle krijgen', krijgt zo een hele andere dimensie. (NB: in de herdruk van 1980 is er wel iets in dat plaatje bijgekrabbeld, zie hieronder)
 'De geheimen van de Koraalzee' (herdruk, 1980)
Maar het kan erger. Het creëren van een zin die niks zegt bijvoorbeeld. In het tweede plaatje van pagina 39 zegt onze Flip; 'nu alleen maar de aad gaan halen waar hij ligt'. Met een tikje fantasie kun je ook 'aap' lezen maar daar schiet je niks mee op. Bedoeld is vermoedelijk 'schat'. Las dan niemand die boekjes na vóórdat de clichés gemaakt werden of nadat de eerste vellen van de persen kwamen?

Dan nog een laatste, want een mens kan niet aan de gang blijven. Op bladzijde 34, en ook weer van de Koraalzee, opent Flink een vliegtuigdeur om een bom te lossen. Toch eens gezocht op deze site waar luchtvaartwaarheden worden onthuld. Daarin staat een voorbeeld van een kogel die wanneer het door een kant van het vliegtuig gaat, de afnemende druk in de cabine toch te compenseren is.
Hij is Van Staal en kan wat 100 bodybuilders net aan kunnen
Wordt er een raampje uitgeschoten dan kan dat niet, en wordt alles wat niet vast zit naar buiten gezogen. Flip doet gewoon de deur open zonder gevolg. Weliswaar heeft hij er moeite mee, maar dezelfde site geeft aan dat je zeker 100 bodybuilders nodig hebt om de door de druk gesloten deur te kunnen openen.

Oké, geen opwindingen meer over details voor deze mooie albums waarvan de verhalen lezen als een jongensroman. Het is ter lering en ook vermaak. En dan juist dat eerste is een trigger, want wat schetst mijn verbazing...zonder blikken over verblozen vindt de ontvoerder in het Flip Flink album 'In de nieuwe wereld' (1961) op bladzijde 23 dat Flink maar geen 'gijntjes' moet uithalen. Gijnig niet waar?
Het grappige is dat als je strips leest details, ook tekstuele, gewoon over het hoofd worden gezien. Degene die lettert ook zo te zien
En als u denkt dat dit alleen maar in die vroege jaren voor kwam… er is een Uitglijer in de maak waar Fournier (hij nam Robbedoes en Kwabbernoot over van Franquin) wat nader wordt bekeken. En ook daar mag men wel eens scherper op de pen letten… maar ja, wie niet. (HvK)

Naschrift op 7-3-2016:

Op Facebook is een paar reacties binnen gekomen op De Uitglijers van Paape en dan met name over de vertaling. Paape treft inderdaad geen blaam, omdat hij die vertaling niet deed. Ik geef dan ook in het stukje Paape niet direct de schuld maar de eindcontrole voor de drukkerij of, niet vermeld, inderdaad Dupuis. Wie de vertaling op zich heeft genomen is niet helemaal duidelijk. Het zou Peter Middendorp kunnen zijn geweest die tot medio jaren 60 dat werk deed bij Dupuis ( later hoofdredacteur van Pep) of Karel Cavens die we ook al zagen bij de Uitglijer van Guus Slim.

Over de andere Uitglijers bij Paape het volgende; Hij was een vaardig tekenaar, maar hij liep niet over van de ideeën. Greg vertelde ooit dat de scenario’s die hij voor Paape schreef in detail waren uitgewerkt. Bij wijze van spreken elke grasspriet kreeg een benoeming. Met dat in gedachten kunnen we zeggen dat Paape helemaal onschuldig was aan welke Uitglijer dan ook. Echter als er door mij als leek al geconstateerd wordt dat een vliegtuigdeur onmogelijk in de lucht geopend kan worden of dat het jasje echt niet een ander jasje had kunnen herbergen, wijs ik toch naar de man die, met schitterend tekenwerk overigens, Flip Flink het leven heeft gegeven. De kop had dan moeten luiden ‘Uitglijers in Paape’s oeuvre’. Een correctere titel als we alles bij elkaar nemen. (HvK)

Met dank aan Willem van Helden voor de info.

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog zal hij (on)regelmatig bijdragen leveren met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes. 

Eerder publiceerde hij een Uitglijer over Guus SlimHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim en Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro

11 augustus 2015

Milan Hulsing – De aanslag

Maar weinig Nederlandse stripauteurs komen in aanmerking om een stripbewerking te maken van De aanslag, de bekende en ontroerende oorlogsroman van Harry Mulisch uit 1982. De striptekenaar, scenarist en illustrator Milan Hulsing (1973) behoort juist wèl tot dat selecte gezelschap. Zijn sporen verdiende hij met de buitengewone graphic novel Stad van klei (dat ook een bewerking is van een literair boek) verschenen in 2011, de stripbundel Wat Fred niet wist en andere verhalen en het Pincetreeks-boekje De grote man dat geïnspireerd is op een ander boek van Harry Mulisch, 'Het zwarte licht'. Daarmee liet Hulsing al vroeg in zijn carrière blijken dat hij wel iets heeft met het werk van deze grote schrijver. Bovendien beschikt hij over het talent om voor ieder verhaal van stijl te kunnen wisselen, zowel in kleur als in zwart-wit.

Voor De aanslag koos hij voor een losse, bijna frivole tekenstijl. Bij de bewerking van het boek van Mulisch, dat gaat over Anton Steenwijk die in de oorlog zijn ouders en broer verliest door represailles van de Duitse bezetter en in latere jaren probeert te achterhalen wat er precies gebeurt is, heeft hij scenes aangepast, ingekort, verlengd of juist weggelaten. Ook heeft hij dialogen herschreven. In dat opzicht is zijn graphic novel een echte bewerking geworden van Mulisch' oorlogsroman, wat ook altijd het uitgangspunt was.
Een handelsmerk van het werk van Hulsing, zowel in zijn strips als illustraties, is dat hij er altijd wel een duistere, bijna dreigende en onheilspellende sfeer in weet te brengen. En dat heeft hij ook gedaan met De aanslag. Het kleurgebruik speelt daar een belangrijke rol bij. Donkere kleuren worden afgewisseld met heldere, met erg veel oranje, groen en geel. Een terugkerend element zijn de wolken die boven het hoofd van Anton of in zijn buurt getekend zijn, een schaduw dat het accent legt op de trauma's uit de oorlog waar hij het hele verhaal mee te maken heeft en dat hem steeds laat teruggaan in de tijd.

In zijn graphic novel heeft Hulsing het verhaal opgedeeld in een proloog en acht hoofdstukken, zowel korte als langere. Opmerkelijk is dat hij de oorlog er bijna helemaal heeft uitgeschreven, behalve in de flashbacks. Naarmate het boek vordert en Anton ouder wordt komen we steeds meer te weten over wat er gebeurt is, toen Cor Takes de aanslag pleegde op de NSB'er Fake Ploeg vlakbij het huis waar hij als 12-jarige met zijn ouders en broer woonde. Al laat Hulsing ook veel dingen uit de roman van Mulisch weg, iets wat hij wel vaker doet in zijn strips en waarmee hij een enigma teweeg brengt. Als rustpunten heeft hij hier en daar paginavullende illustraties, of zelfs verdeeld over twee pagina's, ingevoegd.
Franquin auto in De aanslag
In het hoofdstukje Athene verwerkt hij een oude stripliefde door op de eerste pagina de Tarbot auto te tekenen uit de Robbedoes en Kwabbernoot verhalen van Franquin. Het werkt allemaal wonderwel en maakt van deze graphic novel een heel aparte en rijke leeservaring die behoorlijk verschilt van het boek van Mulisch, maar uiteraard nog steeds herkenbaar is als zijn verhaal. In het allerlaatste plaatje loopt Anton symbolisch uit de schaduw naar de zon toe, wat een ontroerend en bevredigend einde geeft aan deze graphic novel, en dat ook op een fraaie grafische wijze. Kortom, een geslaagde verstripping van een literaire klassieker en opnieuw een mooi boek van Milan Hulsing. (RS)

Harry Mulisch en Milan Hulsing - De aanslag
Oog & Blik/De Bezige Bij, 2015
175 pagina's. € 24,90

Meer info over Milan Hulsing op de Lambiek Comiclopedia site en Wikipedia.