Posts tonen met het label jijé. Alle posts tonen
Posts tonen met het label jijé. Alle posts tonen

20 februari 2023

Uitglijers 't Prinske & Tanguy en Laverdure

Een verkeerde maan bij Vandersteen en Charlier met een veel gemaakte fout

In de paaseditie van het stripweekblad Kuifje dat in 1956 verscheen stond een strook van 't Prinske, een gagreeks van Willy Vandersteen. De kleine adelman wordt door de hofmeester terechtgewezen, omdat hij gelooft aan de klokken die uit Rome terug komen en chocolade eieren rondstrooien. De jongeman moet niet in sprookjes geloven, vindt de man, en stuurt de knaap weg om natuurkunde te gaan studeren. Die legende van de terugkerende klokken is een geliefd verhaal voor kinderen met name in België, een deel van Frankrijk en het zuiden van ons Limburg. De klokken en de eieren zijn op zich niet interessant voor de Uitglijer maar wel als blijkt dat er overal in de tuin van het paleis ineens wél chocolade eieren liggen. De hofmeester had het dus blijkbaar fout. Hij heeft daarop een dik boek uit de bibliotheek gehaald over die klokken en studeert tot in de kleine uren op het fenomeen. 

Wat te zien is aan de maan die door het venster schijnt. Daar schuilt de Uitglijer in. Het is een sikkeltje van niks. Pasen echter vindt altijd plaats op de eerste zondag ná de eerste volle maan en ná het begin van de lente op 21 maart. Dus dat betekent inderdaad dat de maan vol is en geen miezerig dingetje zoals Vandersteen ons doet geloven. Of de man heeft zoveel er over moeten lezen dat er al dagen van zijn tijd zijn opgeslokt, maar dat is vast niet de bedoeling geweest van deze maan. Een flinke Uitglijer dus.

De hofmeester leert bij. ('t Prinske uit Kuifje nr. 13, 1956)

Pistool of niet pistool dat is de vraag

Nog meer vroegere helden van de negende kunst met een Uitglijer; Tanguy en Laverdure in 'De zwarte engelen', in Nederland voorgepubliceerd in Pep in 1970, en een jaar later in album. Jean-Michel Charlier werkte als scenarist aan dit verhaal en is ook bekend als medeoprichter van het befaamde Franse stripblad Pilote waarin dit tweetal vanaf het eerste nummer in 1959 verscheen. Hij creëerde samen met Albert Uderzo dit duo als tegenhanger van Buck Danny en de zijnen. 

De populaire Buck Danny was hem niet onbekend, omdat hij daar de schouders onder zette voor de scenario's met Victor Hubinon als tekenaar. Hij werkte dus aan twee pilotenreeksen tegelijk. Tanguy en zijn vriend werden wellicht daardoor zowat kopieën van Buck en zijn maten. En dan is er ook nog Albert Weinberg's vliegende Dan Cooper die in Kuifje verscheen. Men zat nogal in de vliegers in die jaren om het zo maar eens te zeggen; een graag gezien genre blijkbaar. Alhoewel de laatste twee toch minder populair werden dan hun zogenaamde Amerikaanse tegenhangers, ook al zijn de ingrediënten hetzelfde en is de spanning gelijk. 

Later werkte Charlier met Jijé aan Tanguy en Laverdure en daar valt ons in een van de eerste verhalen van hen samen, 'De zwarte engelen' dus, een veel gemaakte fout op. Er wordt een wapen verkeerd benoemd. In dit geval wordt dat  wapen uit de hand van een hoge militair geslagen. Later krijgt hij het schiettuig weer terug van Laverdure onder de woorden: ”Oh ja... uw revolver, commandant!” Laat dit nu geen revolver zijn, maar een pistool.

Ceci n'est pas un revolver.

Revolver is zo genoemd vanwege de ronddraaiende trommel of cilinder met daarin de kogels (meestal 6). Revolver is afgeleid van het Latijn 'volvere' wat ronddraaien betekent. Bij de tegenhanger pistool zitten de kogels in een cassette onder het wapen (vaak in de kolf) die naar boven worden gedrukt en is platter dan een revolver. Het platte wapen dat de commandant krijgt aangereikt is dus een pistool. 


Pistool


Revolver


So far so bad. De volgende scene die ons opviel is een rare herhaling. Zie onderstaande scan. De tekst in de ballon wordt vreemd genoeg onderop min of meer gelijk hertaald. 


De min of meer dubbele tekst.

Het deel van de zin 'van de gevangene' is toegevoegd, tronie wordt gezicht en toestemming wordt papieren. Waarom in vredesnaam deze strook werd toegevoegd is een raadsel. Het heeft geen doel, de impact van de woorden is hetzelfde... we verdwalen in vragen. Afijn. Het doet niet af aan het verhaal en de sfeer... dat is een topper die door deze milde Uitglijer zeker niet wordt verpest, maar het is raar dat het er staat.  

Met dank voor stripverzamelaar Henk van der Hoek voor zijn vondst over de maan met Pasen. (HvK)


Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.


Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim)Uitglijer Sirius door albumuitgaveDe Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin)Jerry en Valentin glijen uit (Jerry Spring en Kuifje)Kuifje - Uitglijers in zwart-wit editiesUitglijer Robbedoes en KwabbernootVlaams of niet VlaamsDupuis glijdt weer eens uit (Jan Kordaat), Marten en Willy glijden uitBazooka JoeUitglijer van jewelste? (75 beste Suske en Wiskes)Uitglijer over een getalGiftige Anaconda's en omgekeerde grapUitglijers in Arman en Ilva, Kuifje en Suske en WiskeJerom evolutie in Suske en WiskeStijlverandering in Suske en Wiske eind jaren 40 al een feitMunro - Uitglijer in spiegelbeeldUitglijers in Donald DuckUitglijers Kuifje en Suske en Wiske en Uitglijers roken in strips & Jerom.

30 juli 2020

Dupuis glijdt weer eens uit

De uitgever Dupuis wordt steeds beruchter in ons boze oog. Niet alleen worden de verhalen soms geweld aangedaan door bladzijden uit de albums weg te laten (zie Uitglijer de Blauwe Sperwer), verwarren van ballonteksten (zie Uitglijer Jan Kordaat van het duo Paape-Charlier) maar ook rommelt de uitgever met de stroken zoals straks te zien is, of strooit met veranderende namen. En een ander nieuw fenomeen is een onduidelijke vertaling dan wel het gewoon verkeerd schrijven van het Nederlands. Chapeau voor de onderwijs klungelige kant van deze uitgever. Deze laatstgenoemde drie Uitglijers hebben we geconstateerd in Jan Kordaat - Het boze oog (1e druk uit 1960) van Jijé, pseudoniem van Joseph Gillain (1914-1980). 

In het verhaal lokt een bedreigd persoon genaamd Mr. Lee de held Kordaat en de sidekick Gerrit naar zijn huis om uit te leggen in welke nare omstandigheden hij is terecht gekomen. Op pagina 5 treedt de gangster in kwestie daar binnen met zijn trawanten. Slachtoffer Lee herkent hem natuurlijk onmiddellijk en roept in schrik zijn naam; Beria.

Beria treedt binnen bij Lee.

Het aardige hiervan is de naam. Beria was jarenlang het gevreesde hoofd van de Russische geheime dienst. Meer crimineel kun je iemand niet maken door hem die naam te geven. Maar in de rest van het verhaal verliest de man zijn schrikaanjagende naam en heet hij ineens Baru, wat meer slaat op idyllische eilanden of aandoenlijke plaatsjes in de groene archipel. 

Beria heet bij Dupuis op bladzijde 9 ineens anders.

Nu goed, dat is om overheen te komen. Minder geslaagd is de strokenverwisseling op bladzijde 7. Hier is het gesprek te zien met de buren van Lee die de helden bevrijden uit de kast waarin ze waren opgesloten door de gangsters. Ze willen van de vragende buren af. Op plaatje 2 verdwijnen ze met een smoes. Gaan de straat op en staan dan op het 1e plaatje op de volgende strook gewoon weer in de spullen te rommelen. Kordaat zegt wel in het tweede plaatje van de eerste strook dat ze terug komen, maar dat was juist niet de bedoeling. Er klopt dus geen snars van. Als je de stroken omkeert klopt het ineens wel.  

Deze twee stroken werden gewoon verkeerd gemonteerd.

Het schijnt niemand bij de uitgeverij toen te zijn opgevallen, helaas. Iets temperamentvoller word ik van het taalgebruik. Op bladzijde 8, het een na laatste plaatje, zegt Gerrit dat hij nog 'een hele ceel had bijgevoegd'. Daarmee wil hij aangeven dat hij nog meer zaken wist op te noemen die verband hielden met het woord 'schelde ' dat een leidraad is voor het verloop van het verhaal. Nu schijnt 18 procent van de Nederlanders het woord ceel te kennen en 19 procent van de Vlamingen, zo verried internet. Ik ken het in verband met doopceel, maar verder niet. Van ceel los had ik nooit gehoord. Muggenziften dan? Nee, want het is een kinderstrip en dan gebruik je geen woorden die meer dan 4/5 van de bevolking niet kent! Laten we wel wezen.

Relevanter is wellicht het volgende. De donkerharige man biedt aan dé beste wegenkaart te pakken (nota bene Michelin, want Dupuis wilde meer nationalistisch zijn dan welke nationalist ook en zo stroop om de mond smeren van de censuurcommissie die in die tijd nog actief was). Waarop de man zegt 'ik zal hem even krijgen'. Een goed voorbeeld van onzin. 
Hij gaat de kaart nu kopen ?

De man zegt echter in de Franse uitgave 'Je vous l'apporte!' wat betekent 'ik haal 'm voor u'. In deze slechte vertaling heeft de man de kaart gewoon nog niet en gaat hem onmiddellijk kopen, of erger nog meteen cadeau worden gedaan... pffff. Nog een om het af te leren, maar dan een gewone verschrijving...

Roje is geen Nederlands.

Gerrit, de vriend en medespeurder van Jan heeft rood haar en daar heeft de man het over. Die 'rooie'
wordt er bedoeld natuurlijk. Rooje met een 'j' bestaat niet zoals je weet en 'roje' al helemaal niet. Maar goed, het verhaal is verder bijzonder leuk, spannend zelfs met prachtige scenes en grafisch soms subliem (zie o.a. het tweede plaatje) op overigens een scenario van een zekere Philip en dat is de zoon van Jijé, Philippe Gillain, die ook aan onder andere Jerry Spring meewerkte. Chapeau voor de stripmakers en jammer voor de Uitglijers, en nog meer jammer is dat in de herdrukken van 23 jaar later alles gewoon bij het oude is gebleven. Voor de nostalgie zullen dan maar zeggen. 

Dank aan Willem van Helden voor het opzoeken van de Franse versie en de info over het nationalisme, Rob van Eijck voor de tip wie scenarist Philip is en Menno Barkema voor het laten inzien van de herdruk. (HvK)

Naschrift  (4 aug. 2020)

Een heer uit den Haag attendeerde mij er op dat in de Franse versie van dit Jan Kordaat verhaal, in tegenstelling tot de noordelijke versie (zie eerste deel van deze Uitglijer), de boef wél consequent dezelfde naam heeft; namelijk Baru. Deze naam zou door Jijé afgeleid zijn van Guy Bara. Deze Guy, zo wist de Haagse stripkenner te vertellen, was klasgenoot van Franquin op de middelbare school, huisvriend van de familie Gillain (Jijé) en stripmaker van onder andere Max de ontdekkingsreiziger, 9000 afleveringen in de bladen Robbedoes, Kuifje en verder zowat overal elders in de wereld. Verder oogstte hij roem met zijn cartoons in onder andere France Dimanche en zelfs in het Britse Punch. Jijé heeft zelfs de schurk Baru de gelaatstrekken van Bara gegeven! Kortom; er is weer wat in de Hollandse versie door een slapende beletteraar fout gedaan, of de vertaler heeft de avond ervoor een leuke ontmoeting gehad waar het hoofd nog vol van zat. En zo zit de uitgever met een Uitglijer. Dank voor deze aanvulling waarvan het flink gedeelte integraal is overgenomen uit de ontvangen mail.


Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim)Uitglijer Sirius door albumuitgaveDe Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin)Jerry en Valentin glijen uit (Jerry Spring en Kuifje)Kuifje - Uitglijers in zwart-wit editiesUitglijer Robbedoes en Kwabbernoot en Vlaams of niet Vlaams.

23 augustus 2019

Jerry en Valentin glijen uit

We lezen het album Mijn vriend Red / De eenzame wolf van Jijé (Joseph Gilain 1914-1980) uitgegeven door Dupuis in 1965. Hier wordt een indiaan beschuldigd van moord en men wil de man ophangen. Om met Koot en Bie te spreken; gewone usance.

Hoe geel kan een 'rode' zijn?

Jerry Spring die als marshall optreedt voorkomt dit. Om aan te duiden dat we hier met racisme te maken hebben in het oude goede Amerika, krijgt de indiaan het etiket 'gele' opgedrukt. En ook 'hond' om de afwijzing van dit ras nog sterker te maken. Hm. Die kleuraanduiding is opmerkelijk. Jacobs heeft ons gewezen op de bijnaam 'gelen' als het gaat om oost-Aziatische typen zoals uit de eerste twee albums van Blake en Mortimer is te leren (Het geheim van de Zwaardvis 1 en 2). Nu is het de vraag of een Aziaat echt zo geel is dat hij als dusdanig kan worden geduid. Maar dat geldt ook voor een indiaan die doorgaans als rood wordt geëtiketteerd. De kleuren zijn in mijn herinneringen te uitgesproken om die op een mens te plakken. Dat is goed door te trekken want in de voormalige kolonie van Nederland, Nederlands Indië nu Indonesië, werden bepaalde groepen weggezet als blauwen. Er zijn diverse verklaringen voor, maar het is uiteindelijk een scheldnaam geworden. Blauw van huidskleur zijn ze niet, net zo min als een Japanner geel is en een indiaan rood. Enfin. What's in the colour.

 Wat Jacobs betreft wordt de Japanner bij het gele ras ingedeeld 

Kan de indiaan dan een soort Aziaat zijn, of op zijn minst er vanaf stammen dan wel iets gemeenschappelijks hebben in het DNA dat 'geel' rechtvaardigt? Dat is wel lange tijd gedacht, maar genen-onderzoek heeft aangetoond dat de Amerikaanse indiaan sterke verwantschappen heeft met Europese groepen waaronder de Basken die na de ijstijd zich, al mengend met andere stammen en volkeren, verder trokken. Uiteindelijk ging die mix de Beringstraat over die toen droog was gevallen en kwam zo in Amerika terecht. Daar ontwikkelde de mens zich steeds verder als wat we nu zien als indiaan. Ook in dat licht is de kleur door Jijé dus volstrekt verkeerd gekozen. En de vertaler is nogal trouw geweest toen hij deze ballon vertaalde, want in het Frans staat er 'on va brancher ce chien jaune sur l'heure'. Jaune is onbetwist geel. Maarrr... een vriend van mij gaf de suggestie dat het Franse geel hetzelfde zou kunnen betekenen als het Engelse geel, namelijk laf. Dan zou een gele hond eigenlijk vertaald moeten worden als laffe hond. Vertaalbureaus gebeld... maar nee, ce chien jaune is geen laffe hond... jammer. En zo is geel voor een Indiaan blijvend onbetwist én wetenschappelijk bewezen een Uitglijer, zij het een kleine.

Kuifje als hoezenpoes

Dan toch nog even Kuifje met iets wonderlijks. Dit is ontleend aan een artikel in het stripinformatieblad Striprofiel nummer 49 uit 1984. Daarin staat het opvallende verschijnsel dat opzet verraadt. Kuifje krijgt op bladzijde 10 van De juwelen van Bianca Castafiore (1e druk, 1963) een vinylplaat van Bianca Castafiore aangeboden; de Juwelenaria in de opera Faust. Dat Faust staat nogal pontificaal op de hoes.

 De gewraakte scène
Niets bijzonders natuurlijk en aardig van de zangeres om die plaat te schenken, maar in een aantal opvolgende edities van het album is de naam Faust (opera van Gounod) weggelaten zonder enige reden. In het tekstballonnetje een kadertje later wordt de titel van de plaat ook gewoon 'gedacht' door Kuifje. Dus snijdt het weglaten op de hoes geen hout. Er zit geen copyright op etc... dus het kan niet anders of het is doelbewust zo gedaan.

Een naamloos geval

Achterop de hoes van de plaat zien we eveneens dat de titel is weggelaten. Dat riekt naar opzet. Verwarring zaaien in de wereld van de strip. Dat is het. Casterman bezondigt zich er aan zoals meerdere uitgeverijen. In latere edities is Faust gewoon weer terug op zijn oorspronkelijke plek. Raadsel alom. Maar de Uitglijer zal niet de Uitglijer zijn als er geen nieuwe ontdekking ingebracht kan worden. In veel latere, zeg maar huidige, uitgaven staat er heel iets anders op de hoes; namelijk Margaretha. Dit is Bianca Castafiore's artiestennaam in die opera. Het waarom van het ineens hanteren van díe naam is even onduidelijk.

Van Faust naar Niks en weer naar Faust en dan naar Margaretha

Ik ben benieuwd of er nog meer varianten te vinden zijn op dit thema... meld dit s.v.p. Vooralsnog beperkt het zich tot deze drie wisselingen.
Die dwaalsporen zijn in Hergé zijn creaties niet vreemd. Het staat stijf van dergelijke grappen en grollen. Dat geldt ook voor de naam van de held in het Frans. In dezelfde uitgave van Striprofiel haalt Hergé de schouders op over de onmogelijk naam van onze held, Tintin, die in het dagelijks leven niet voor komt. "Het is gewoon een naam", antwoordt de maker op de vaak herhaalde vraag. Het heeft ook geen betekenis... gewoon ontsproten aan de brein, schetste Hergé steeds. Nu blijkt met wat speurwerk van de Striprofiel redactie dat Tintin een verkleining is van Valentin. En er is zelfs de vrouwelijke variant Tintine, ofwel Ernestine verkleind. Uit het niet beantwoorden van de herhaalde, en blijkbaar antwoordloze vraag blijkt dat Hergé graag rookgordijnen optrok. Zoals dus ook met die titel van het vinyl, alhoewel Margaretha pas ver na zijn overlijden werd gehanteerd. Grapje van de bewerker van de clichés (zie de fietser in De Tartaarse helm van Suske en Wiske)? Of is dit het verder voeren van dergelijke grappen door de erven?

Frappant is wel dat Jacobs deze geintjes ook flikte in zijn Blake en Mortimers. Zijn na-opvolgers hanteren regelmatig eveneens die 'op het andere been'-zet foutjes (zie de recente Uitglijer van de Vallei der onsterfelijken). We moeten niet vergeten dat Jacobs een van de meest belangrijke medewerkers is geweest van Hergé en zeg maar rustig bevriend was met hem. Wellicht verzonnen ze samen allerlei Uitglijers en is dat nagevolgd door velen, tot zelfs nu aan toe. In elk geval wordt de oplettende lezer op een verkeerd been gezet, en dat lukt nog steeds erg goed. Wat dankbare stof oplevert voor deze stukjes.

Met excuus voor de zwart/wit illustratie. Die is overgenomen van Striprofiel. Het originele album zonder titel op de hoes is nogal zeldzaam. Vermoedelijk een collectors item en derhalve voor IC onvindbaar.
Met dank aan Menno Barkema van stripwinkel Mevrouw Kern/de Leidse Stripshop voor het zoeken in zijn rijke voorraad 'Juwelen' waardoor de ontdekking 'Margaretha' kon worden gedaan, en aan Willem van Helden die de scène met de 'gele hond' in zijn Franse collectie opzocht. (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim)Uitglijer Sirius door albumuitgave en De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin).

02 maart 2016

De Uitglijers van Eddy Paape

Paape signerend op De Stripdagen 2006 in Houten (Foto: Robin Schouten)
De Belgische striptekenaar Eddy Paape (3 juli 1920 – 12 mei 2012) heeft een wonderwel oeuvre op zijn naam staan. Dat begon toen hij in zijn jonge jaren aan de slag kon bij uitgeverij Dupuis. Dat was een katholieke organisatie, zoals, kun je zeggen, nagenoeg alle organisaties in België. Voor deze uitgever werkte hij samen met Joseph Gillain, alias Jijé om twee albums over Jezus te maken, Emmanuel. Tja, over wie anders zou je zeggen, maar toch… Hij inktte ook na die tijd Jan Kordaat, speurder deel 2 bijvoorbeeld; een serie die hij na het vertrek van Jijé naar de Verenigde Staten van hem overnam en de kwaliteit gaf die het verdiende.

Dat zo'n type verhaal met geweld de streng gelovigen censuur van de kerk kon overleven zit hem in het feit dat de goeden de slechten overwonnen; de boy-scouts ten top en allemaal voorgegaan door eerst Totor van Hergé en dan Kuifje. En naast diens uitgever Casterman, deed Dupuis dat dus ook en zo konden tekenaars als Will, Franquin, Morris etc. zich uitleven op hun helden. Heel anders dan in de lage landen waar strips met geweld werden geschuwd zodat menig Dick Bos-boekje (of die van Steve Drake; zie elders op deze blog) in de school- of thuishaard verdween. In de winter wel te verstaan.

Ook hielp Paape in 1948 Victor Hubinon bij Tarawa, de bloedige atol waar ook scenarist Jean-Michel Charlier (samen met Hubinon maakte hij de pilotenstrip Buck Danny) aan meewerkte. Die, op zijn beurt, weer meeschreef aan de door Paape bedachte Oom Wim serie voor Robbedoes/Spirou waarin allerlei geschiedkundige feiten in korte stripverhalen werden gepresenteerd. Luc Orient is ook van Paapes hand. Dit is niet alles wat hij tekende natuurlijk, maar het maakt een mooi bruggetje naar een andere loot van deze stripkunstenaar; Flip Flink (in het Frans: Marc Dacier; lees d'acier...Mark van Staal dus) met scenario's van Charlier. In 1958 verschijnt deze spannende avonturenserie over journalist Flink voor het eerst in Robbedoes en Spirou die vanaf 1960 ook in boekvorm te verkrijgen was. Paape was echter ontevreden over Dupuis die de albums wel liet produceren, maar er geen reclame voor maakte. Tja, en dan komen de Uitglijers denk ik dan.
Lelijke covers van Paape
Bij de eerste albums die ik herlas is het meteen mis. Behalve de spuuglelijke covers die al een Uitglijer op zich zijn met hun ballonteksten en harde kleuren, wordt de lezer niet altijd als slim bezien. Wat te denken van de scene met de piccolo (een late Robbedoes) die zijn kleren afgeeft aan onze speurder die in deel 4 'De geheimen van de Koraalzee' zijn kamer niet uit mag, omdat het hele gangsterdom van Amerika op hem loert (Kuifje had er in Amerika ook al last van). Hij loop trots met een strak pak de kamer uit, half beloerd door een agent die waarschijnlijk net is gerekruteerd uit het boevengilde dat hij nu naarstig is gaan bestrijden (bladzijden 6 en 7 van de 1e druk uit 1962). Dan lezen we dat Flink in de taxi gezeten zijn piccolo pakje heeft uitgetrokken dat hij boven zijn eigen kleren droeg.
Onder dit pak van de picollo zit een los jasje
Als je die tekeningen bekijkt vind ik het knap dat dat vlotje wijd hangende suede jasje ooit zo strak onder dat jasje van de bediende heeft gepast. Nu goed…

Dan verwijs ik ook nog even naar de eerste bladzijde van het verhaal waar de vertaler blijkbaar niet veel kaas heeft gegeten van het Nederlands als hij op de kastdeuren bordjes plaats; 'zomerkle' – het hoofd van Flink zit voor de rest van het woord 'zomerkleding' - en 'winterkleding'. Een plaatje verder echter staan de deuren open en is er ineens sprake van 'winterkle' en 'zomerkle' terwijl met name dat laatste best voluit geschreven had kunnen worden. Ruimte zat op het bordje. De man had de afkorting waarschijnlijk voor correct Nederlands aangezien. 'Hij kan de kle krijgen', krijgt zo een hele andere dimensie. (NB: in de herdruk van 1980 is er wel iets in dat plaatje bijgekrabbeld, zie hieronder)
 'De geheimen van de Koraalzee' (herdruk, 1980)
Maar het kan erger. Het creëren van een zin die niks zegt bijvoorbeeld. In het tweede plaatje van pagina 39 zegt onze Flip; 'nu alleen maar de aad gaan halen waar hij ligt'. Met een tikje fantasie kun je ook 'aap' lezen maar daar schiet je niks mee op. Bedoeld is vermoedelijk 'schat'. Las dan niemand die boekjes na vóórdat de clichés gemaakt werden of nadat de eerste vellen van de persen kwamen?

Dan nog een laatste, want een mens kan niet aan de gang blijven. Op bladzijde 34, en ook weer van de Koraalzee, opent Flink een vliegtuigdeur om een bom te lossen. Toch eens gezocht op deze site waar luchtvaartwaarheden worden onthuld. Daarin staat een voorbeeld van een kogel die wanneer het door een kant van het vliegtuig gaat, de afnemende druk in de cabine toch te compenseren is.
Hij is Van Staal en kan wat 100 bodybuilders net aan kunnen
Wordt er een raampje uitgeschoten dan kan dat niet, en wordt alles wat niet vast zit naar buiten gezogen. Flip doet gewoon de deur open zonder gevolg. Weliswaar heeft hij er moeite mee, maar dezelfde site geeft aan dat je zeker 100 bodybuilders nodig hebt om de door de druk gesloten deur te kunnen openen.

Oké, geen opwindingen meer over details voor deze mooie albums waarvan de verhalen lezen als een jongensroman. Het is ter lering en ook vermaak. En dan juist dat eerste is een trigger, want wat schetst mijn verbazing...zonder blikken over verblozen vindt de ontvoerder in het Flip Flink album 'In de nieuwe wereld' (1961) op bladzijde 23 dat Flink maar geen 'gijntjes' moet uithalen. Gijnig niet waar?
Het grappige is dat als je strips leest details, ook tekstuele, gewoon over het hoofd worden gezien. Degene die lettert ook zo te zien
En als u denkt dat dit alleen maar in die vroege jaren voor kwam… er is een Uitglijer in de maak waar Fournier (hij nam Robbedoes en Kwabbernoot over van Franquin) wat nader wordt bekeken. En ook daar mag men wel eens scherper op de pen letten… maar ja, wie niet. (HvK)

Naschrift op 7-3-2016:

Op Facebook is een paar reacties binnen gekomen op De Uitglijers van Paape en dan met name over de vertaling. Paape treft inderdaad geen blaam, omdat hij die vertaling niet deed. Ik geef dan ook in het stukje Paape niet direct de schuld maar de eindcontrole voor de drukkerij of, niet vermeld, inderdaad Dupuis. Wie de vertaling op zich heeft genomen is niet helemaal duidelijk. Het zou Peter Middendorp kunnen zijn geweest die tot medio jaren 60 dat werk deed bij Dupuis ( later hoofdredacteur van Pep) of Karel Cavens die we ook al zagen bij de Uitglijer van Guus Slim.

Over de andere Uitglijers bij Paape het volgende; Hij was een vaardig tekenaar, maar hij liep niet over van de ideeën. Greg vertelde ooit dat de scenario’s die hij voor Paape schreef in detail waren uitgewerkt. Bij wijze van spreken elke grasspriet kreeg een benoeming. Met dat in gedachten kunnen we zeggen dat Paape helemaal onschuldig was aan welke Uitglijer dan ook. Echter als er door mij als leek al geconstateerd wordt dat een vliegtuigdeur onmogelijk in de lucht geopend kan worden of dat het jasje echt niet een ander jasje had kunnen herbergen, wijs ik toch naar de man die, met schitterend tekenwerk overigens, Flip Flink het leven heeft gegeven. De kop had dan moeten luiden ‘Uitglijers in Paape’s oeuvre’. Een correctere titel als we alles bij elkaar nemen. (HvK)

Met dank aan Willem van Helden voor de info.

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog zal hij (on)regelmatig bijdragen leveren met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes. 

Eerder publiceerde hij een Uitglijer over Guus SlimHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim en Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro

30 juni 2012

Jijé - Originele pagina Jerry Spring: Het pad naar het hoge noorden

Originele pagina 21 uit Jerry Spring: Het pad naar het hoge noorden van de Belgische striptekenaar Jijé. Deze pagina is overigens niet in mijn bezit.
Jijé (1914-1980) wordt samen met Hergé, E.P. Jacobs en Franquin beschouwd als een van de eerste grootmeesters van de Europese strip. Hij heeft grote realistische striptekenaars beïnvloed zoals Jean Giraud en Hermann, maar ook Atoomstijl-tekenaars Yves Chaland en Ever Meulen.
De pagina zoals het in kleur verscheen in album (eerste druk: 1958)
Jijé werkt aan de pilotenstrip Tanguy & Laverdure (circa 1970)