31 juli 2019

Daan Jippes - Onuitgegeven inhoudspagina, 1971


Wilbert Plijnaar (bekend als coauteur van Sjors en Sjimmie en Claire) heeft de afgelopen maanden een grote schoonmaak gehouden en vond in zijn archieven allerlei bijzondere originelen. Zoals deze inhoudspagina van Daan Jippes die hij in 1971 maakte voor een eenmalig blad met interviews dat Plijnaar wilde maken maar nooit verschenen is. Gelukkig heeft hij, nu hij met pensioen is, de tijd om in Californië (waar hij sinds 1995 woont) allerlei mappen en dozen onder het stof vandaan te halen uit de tijd dat hij nog werkte voor de stripbladen Pep en Eppo. En is hij zo vrijgevig om zijn vondsten te delen op de Facebookpagina De Jaren Eppo.

Eerder plaatste ik een Agent 327 tekening van Martin Lodewijk (en met hemzelf) dat ook bedoeld was voor Wilberts blad met interviews van allerlei stripauteurs. Welke dat geweest zouden zijn lees je in de balloen van Jippes' tekening. Ik noemde het op De Jaren Eppo 'een pareltje'. En Plijnaars reactie daarop was: "Dat meesterlijke inktwerk! Elke lijn drukt een ander materiaal uit door middel van het gewicht wat Daan het meegeeft. Wie is er nu nog zo virtuoos?"

28 juli 2019

Joost Swarte - Cover The New Yorker


De Haarlemse illustrator en striptekenaar Joost Swarte (1947) maakt al jarenlang covers voor het toonaangevende Amerikaanse weekblad The New Yorker. Dit is zijn nieuwste, voor de editie van 29 juli 2019. Titel van zijn coverillustratie is: Traveling can ruin dream destinations.

Op de site van The New Yorker staat ook een interview met Swarte door Françoise Mouly, vergezelt met schetsen die hij maakte tijdens zijn vakantie.

Swarte's eerste schets en een kleurstudie voor de cover (© The New Yorker)

27 juli 2019

Bert van der Meij - Kappie strips

Afgelopen voorjaar had ik weer even mailcontact met illustrator en striptekenaar Bert van der Meij, die ik zo'n 10 jaar geleden leerde kennen toen ik nog veel deed voor Stripster. Deze site was nu ook weer de aanleiding omdat Bert niet meer kon inloggen op StripSter, waar hij al sinds 2011 zijn wekelijkse blog Bert op woensdag op publiceerde. (StripSter dreigde te verdwijnen maar is online gebleven als archief, met nog wel een werkend Forum.)
(Klik op de Kappie afleveringen voor een groter formaat)
In ieder geval, ik kon het niet laten om na al die jaren wat vragen op Bert af te vuren (want je blijft toch journalist) zoals: teken je nog steeds de wekelijkse Kappie strip?
“Yep, het enige, dunne lijntje dat ik nog met strip heb. Straks om tien uur bel ik, zoals ik de laatste zeventien jaar heb gedaan, De Katwijksche Post op om te horen wat er zoal aan nieuws in gaat verschijnen. Vervolgens fiets ik naar een strandtent, lees de Volkskrant en ga dan aan het broeden over een grapje over dat nieuwslijstje dat ik van De Katwijksche Post heb gekregen. Eenmaal gevonden, laat ik de schets nog even liggen, om te kijken of mijn onderbewustzijn nog met wijzigingen komt en dan maak ik hem ergens vandaag, laat hem vanavond 'vertalen' door m'n goede vriend Leendert de Vink (doet hij ook al al die jaren, iedere dinsdagavond), letter hem en stuur hem dan op. Ik ervaar dit als een heerlijk vast punt in de week.”


Inhakend vroeg ik hem in de daaropvolgende mail:
Is het Katwijks dialect zelfs voor een geboren Katwijker als jij te ‘machtig’ om het zelf te doen voor de Kappie-strip? Of is het een dialect wat niet meer zo vaak gesproken wordt, en is Leendert juist daarin een expert?
“Katwijks dialect, en ik vermoed elk dialect, luistert nauw. Anders gezegd: het ligt gevoelig bij de sprekers er van. Doe je het verkeerd, dan voelt het voor een dialectspreker algauw als een persiflage of karikatuur. Daarom is het idee om Leendert, zo'n beetje de autoriteit op het gebied van Katwijks dialect, een gouden greep geweest. Zo is ere geen discussie meer mogelijk over of het nou met een k of met een c moet.”

Ik vroeg als laatste aan Bert of ik een paar Kappie afleveringen op deze blog mocht plaatsen, om te laten zien dat de strip nog steeds bestaat. Of zijn de grappen te veel toegespitst op de Katwijkse actualiteit? En zijn antwoord: “Dat laatste is wel het geval vermoed ik, en dan ook nog in Katwijks dialect. Maar goed, dat stopte Haagse Harry ook niet. Ik sluit de laatste zeven afleveringen bij, dan kun je zelf oordelen.”

En hier zijn ze dan, afl. 808-814 met de laatste vier strips onderaan dit bericht. (Eerder gepubliceerd in maart en april 2019 in De Katwijksche Post.)




Copyright: Bert van der Meij (2019)

10 juli 2019

Eppo 13 - De boekenkast van Alex Odijk

Alex Odijk thuis bij een deel van zijn verzameling, januari 2019. (Foto: Els Odijk - niet gebruikt in Eppo maar ter illustratie van zijn grote passie: strips.)

In Eppo 13 staat van mij De boekenkast van... Alex Odijk. Als de huisfotograaf van Eppo legde hij al vele momenten vast van tekenaars tijdens kerstborrels, presentaties, openingen van tentoonstellingen én de grote stripfestivals zoals De Stripdagen en Stripfestival Breda. Ook voor Het Stripschap maakt hij al jarenlang foto’s die gebruikt worden voor het kwartaalblad StripNieuws en diverse andere media (kijk op de Stripschap blog voor vele van zijn foto's). Maar bovenal is hij een groot stripliefhebber.
Alex Odijk in Eppo 13, 2019 (Foto: Robin Schouten)

Zijn favoriete boeken zijn van auteurs die hij al leest sinds zijn jeugd, getekend door Jan Kruis, Martin Lodewijk, Piet Wijn en Will. Eppo nummer 13 ligt tot 11 juli in de winkel is ook los te bestellen via de Eppo site.

Eppo #13, 2019 (cover: Gerben Valkema) met De boekenkast van Alex Odijk.

30 juni 2019

De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin)

Verbazingwekkend, maar het bestaat... een fout die iemand niet is aan te rekenen. Dat is Jacques Martin (1921-2010) overkomen. Wat is er aan de hand? Toen Martin aan het eind van de jaren 40, begin 50 zijn klassieke stripreeks Alex tekende was er nog weinig informatie voorhanden over de Romeinse wapenuitrusting. Pas sinds de jaren zeventig is die kennis in een stroomversnelling gekomen dankzij onderzoek van enkele, vooral Britse, archeologen en historici. Sindsdien is er heel veel bekend geworden over het antieke wapentuig en uitrusting.
Wat zien we nu bij Martin? Hij heeft zich steeds zo optimaal mogelijk proberen te documenteren. In de oudste Alex verhalen kun je goed zien dat zijn belangrijkste bron De Zuil van Trajanus is in Rome, onder meer aan de bepantsering van ruiters. Nu was Trajanus heerser van 98 tot 117. En Alex is een vriendje van Caesar en die is van een ander tijdperk. Deze werd in 100 vóór Christus geboren. Tja en dan heb je niks aan de 'kleding'adviezen van De Zuil. Daar zit zo'n 150 jaar tussen.

De 'modernere' dracht uit de tijd van Trajanus.

Opvallend is dat Martin zeer snel allerlei nieuwe ontwikkelingen in de ontdekking van Romeinse bewapening volgt: hij past die vanaf de jaren 70 per album aan. In de oude Alex albums dragen de soldaten een lorica segmentata, het bandenpantser, dat pas onder keizer Augustus langzaam in zwang begon te raken. En Augustus is weer van na Caesar.

Het bandenpantser is van na de periode Caesar.

In Caesars tijd, dus de tijd waarin Alex speelt, droegen de legioensoldaten meestal een lorica hamata, een maliënkolder.

Het correcte beveiligingsstuk ten tijde van Caesar dat
aanvankelijk niet door Martin voor Alex werd gebruikt.

Uiteindelijk komen alleen de correcte wapenuitrustingen in de Alex strip. Frappant overigens dat in zo'n korte tijd de wetenschap behoorlijk vorderde wat betreft deze onderwerpen. Hedendaagse tekenaars kunnen tenminste hun voordeel doen met deze kennis en zo een Uitglijer voorkomen.
Met dank aan Willem van Helden voor de tip en aan Rob van Eijck die goeddeels de tekst schreef als info én de illustraties aanleverde. (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim) en Uitglijer Sirius door albumuitgave.

29 juni 2019

Unieke Storm + Agent 327 tekening (1996)

De iconische stripfiguren Storm en Agent 327 ontmoetten elkaar op deze unieke dédicace (opdrachttekening) van Don Lawrence en Martin Lodewijk uit 1996. Met dank aan Ed Hengeveld voor het betere plakwerk.

Kwam ik onlangs tegen op het internet. De tekening werd in februari 2019 geveild op Catawiki (te bekijken via View this lot).


24 juni 2019

Eppo 12 - De boekenkast van Hajo de Reijger

Hajo de Reijger thuis in Haarlem, 27 januari 2019. (Foto: Robin Schouten)

In Eppo nr. 12 staat van mij De boekenkast van... Hajo de Reiger. In het dagelijkse leven maakt hij cartoons voor onder andere NRC Handelsblad en nrc.next. Als uitstapje tekende hij het Agent 327 verhaaltje ‘Dossier Biertegoed’ (Eppo 18, 2018) op scenario van  Peter van Leersum. Tijdens de afgelopen Stripdagen in Utrecht werd het Agent album ‘Hulde aan de Jubilaris’ gepresenteerd en ook Hajo was daar bij. Als favorieten voor de rubriek koos hij voor albums van Jim Woodring, Brecht Evens, Blutch en Typex. Eppo nr. 12 ligt tot 27 juni in de winkels en is ook via de Eppo site te bestellen.

Op 9 december 2016 was Hajo te gast bij het tv-programma De Wereld Draait Door vanwege het overlijden van de cartoonist Peter van Straaten. Bekijk het fragment hier terug.

Eppo nr 12, 2019 met een Asterix cover + De boekenkast van Hajo de Reijger

14 juni 2019

13 juni 2019

Giraud - Blueberry expositie 2009

Tijd voor een flashback. Op 13 juni 2009 was ik met een vriend naar Brussel getogen om, een dag voor de sluiting, de overzichtsexpositie Blueberry by Gir te bezoeken met maar liefst 80 originele strippagina's getekend door de geniale Fransman Jean Giraud, ook wel bekend onder zijn pseudoniem Moebius.
Het zou een bloedhete dag worden en juist op de heenreis viel onze trein uit in, naar mijn herinnering, the middle of nowhere. Het leverde urenlange vertraging op (met een rap opklimmende temperatuur) waardoor we pas rond 15:30 uur in Brussel arriveerden.
Foto: Robin Schouten (2009)
We hadden nog een kleine anderhalf uur om bij La Maison de la Bande Dessinée de Blueberry tentoonstelling te bekijken. Maar het gevoel dat de uitputtingsslag van die ochtend en middag de moeite waard was geweest overheerste al vrij snel toen we eenmaal de expo, die zeer indrukwekkend was, konden bekijken.
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 24 (1969). Foto: Robin Schouten (2009)
Opvallend was toch wel dat we (al zal het late tijdstip en het mooie weer ook meegeteld hebben) tot de zeer weinige bezoekers behoorden. Met uitpuilende ogen, dat wel, want hoe vaak krijg je de kans om al deze originele pagina's van de beste westernstrip onder een dak te kunnen bekijken? Al met al kreeg ik het gevoel alsof we op dat moment een van de weinige uitverkorenen waren om al dat moois te mogen aanschouwen.
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 29-32 (1969). Foto: Robin Schouten (2009)
Wat me ook nog goed bijstaat van die tropische dag was ons bezoek aan een Brusselse boekhandel waar de blonde verkoopster, gekleed met een grote rode sjaal om haar middel, de klassieke soulsong 'Why can't we live together?' door de zaak liet schallen. Wellicht had ze liefdesverdriet. Hoe dan ook, de orgelklanken en de gekwelde stem van Timmy Thomas, in combinatie met de bloedmooie melancholieke blondine, riep een perfect weemoedige sfeer bij me op. Wat misschien ook meetelde was dat ik de volgende dag mijn veertigste verjaardag zou vieren, en dat vond ik een behoorlijke mijlpaal.
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 34-35 (1969) Foto: Robin Schouten (2009)
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 36-37 (1969) Foto: Robin Schouten (2009)
Ik vind het wel toepasselijk om na precies 10 jaar dan eindelijk wat foto's prijs te geven die ik gemaakt had van die indrukwekkende Blueberry expositie. En... een nieuwe mijlpaal te vieren.
Blueberry 23 - Arizona Love (1990) - pag. 14

31 mei 2019

Uitglijer Sirius door albumuitgave

Een verdienstelijk striptekenaar die Sirius ofwel Max Mayeu (1911-1997). Naast de veel gezochte serie De Blauwe Sperwer is de Belg ook de creator van met name De Timoers. Jammer dat hij bij de uitgever Dupuis zat.

Over een jeugdzonde van Sirius gaat het hier en dan doel ik op het Blauwe Sperwer album De geheimzinnige vijand dat in 1979 opnieuw door Dupuis werd uitgegeven in de reeks Jeugdzonden. Deze kenmerkt zich door het gebruik van werkelijk foeilelijke kleuren op de cover. Op zich al een Uitglijer van de uitgever. De grootste klacht is echter dat de bladzijden 2, 3 en 4 van het oorspronkelijke verhaal zijn weggelaten waardoor het geheel keurig in het 50 pagina's tellend boekblok past. Zo zien we op de eerste pagina dat Eric, de echte naam van de held van het album, en zijn vriend Larsen een jager ontmoeten die 'Lars' elke dag tegenkomt. So far so good. Echter op de tweede bladzijde, 5e plaatje is er ineens sprake van een schietpartij. In het hele voorafgaande stuk is er geen schot gelost. Dit staat er ineens plompverloren, een losse flodder als je wilt.
De openbaring van de schietpartij. 
De meeste lezers zijn geen oplettende lezers en zien het niet of halen de schouders op, zo moet Dupuis hebben geredeneerd. Maar raar is het wel dat men niet de moeite neemt om bij deze heruitgave die missende pagina's aan te vullen, of toch op zijn minst iets te doen met de stroken zodat er een kloppend verhaal verschijnt. Maar nee... gewoon doen of  je neus bloedt. 
De volgende Uitglijer is dat in de oorspronkelijke mooi verzorgde albumuitgave van 1952 die pagina's er nota bene ook niet in staan! Deze zijn idioot genoeg alleen te lezen geweest in de Robbedoes weekbladen 500, 501 en 502 uit 1949. Een aantal fans heeft zich blijkbaar groen en geel aan die omissie geërgerd en lieten in 2012 een illegale uitgave het licht zien. Ik voel dat als een terechte wraak naar de weinig invoelende uitgever. 

Naar ik mag hopen is men wel in die onofficiële uitgave (ik heb het album nooit gezien) van de teksten afgebleven. Die zijn zo nu en dan weer zo heerlijk stom vertaald. Zo rekent Eric heel bijzonder af met de taxichauffeur.
Eric zoekt 'mot'.
Als je dat zo aan iemand zou vragen loop je het risico dat er klappen vallen. Dit valt in de categorie 'heb ik iets van je an'. Nu goed, dan nog even zeuren over de wapens. Er is sprake van een mitrailleuse en een mitraillette. Helemaal goed; de eerste is een grote mitrailleur en de ander is een handzamer wapen waar de kogels eveneens in hoog tempo de loop verlaten. Maar wie weet dat? Dat onderscheid kennen we niet in het Nederlands en je kunt je afvragen waarom dat onderscheid sowieso gemaakt moet worden in dit verhaal.  Overbodige informatie dus. Geloof mij; alleen mitrailleur volstaat, en niet die vrouwelijk aandoende achtervoegingen, want zo lief zijn die wapens niet.
De Franse variant is blijven staan.
Lof overigens voor het verhaal waarin geen pagina voorbij gaat of de heren knokken, vliegen uit de bocht met voertuigen of zijn te water geraakt. Minder lof is dat ze het hele avontuur dezelfde kleren aan hebben, maar dat wordt ruimschoots goed gemaakt door de onderkoelde opmerkingen die soms geponeerd worden. Zo komt Erik in het laatste plaatje van pagina 37 tussen twee hekwerken vast te zitten terwijl de boel in lichterlaaie staat. Hij kan geen kant op en de vlammen komen steeds dichterbij. Dan plaats hij de anekdotische opmerking; 'hier zal ik geen kou vatten'. Schier onmogelijk om zo te reageren in die hete omstandigheden natuurlijk, maar Erik doet het wel. Een Uitglijer? Ach, je kunt in elk geval stellen dat de held onder alle omstandigheden de humor blijft bewaren. Een sprekend voorbeeld voor de jeugd, nietwaar? (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer) en Poederdons in plaats van zwaard (Akim).

29 mei 2019

Martin Lodewijk - Agent 327 en zijn schepper (jaren 70)

Wilbert Plijnaar vond onlangs deze originele tekening van Martin Lodewijk in zijn archief, met Agent 327 die zijn schepper vakkundig over de schouder neemt. Begin jaren 70 gemaakt voor een eenmalig blad met interviews dat Plijnaar wilde maken maar niet was doorgegaan. Wel is de tekening later nog gebruikt voor het schutblad van Top Secret, een bundeling van de eerste vier Agent 327 albums (Oberon, 1981).

26 mei 2019

Stripuitgever Alexis Dragonetti (Ballon Media) overleden

Met verslagenheid is in de media gereageerd op het nieuws dat Alexis Dragonetti, CEO van stripuitgeverij Ballon Media gisteren is overleden als gevolg van een auto-ongeluk op de ring van Antwerpen. De Vlaming speelde ook een belangrijke rol (als gedelegeerd bestuurder van Boek.be)  bij de organisatie van de Boekenbeurs in Antwerpen.
Twee jaar geleden kreeg ik de mogelijkheid om Dragonetti te interviewen voor 'De boekenkast van...' rubriek in stripblad Eppo (zie deze link) en zo leerde ik hem een beetje kennen als een zeer hardwerkende ondernemer, een drijvende kracht met een enorm groot striphart. Een inspirerende man. Ook zijn vriendelijke en warme persoonlijkheid staat me nog goed bij. Een groot verlies voor de Vlaamse boekenwereld en de Nederlandstalige stripwereld in het bijzonder. Alexis Dragonetti werd slechts 50 jaar (9 september 1968 - 25 mei 2019).
Alexis Dragonetti met Jommeke - een van de vele stripseries die hij uitgaf naast Largo Winch, Thorgal etc. - en Lucky Luke (alias Rutger Gret, de Nederlandse Lucky Luke). 

25 mei 2019

Nieuw stripfonds voor debutanten

Ter illustratie van haar site en folder kocht de SDB een paar tekeningen van Lode Devroe.
Nederland is weer een mooi initiatief op stripgebied rijker. Stichting Debutantenfonds Beeldverhaal (SDB) zet zich in voor beginnende stripmakers en ondersteunt talent op hun weg naar professionaliteit binnen de stripwereld. Ze doen dat bijvoorbeeld met de Debutanten Award waarbij ieder jaar maximaal zes debutanten gekoppeld worden aan een uitgever en een begeleider die de debutanten vervolgens ondersteunen met kennis, ervaring en geld. Met deze award wil de SDB een stimulans geven aan de Nederlandse stripwereld.

Het initiatief is afkomstig van stripjournalist en vertaler Hans Pols, Syndikaat uitgever Marc de Lobie, stripmaker en illustrator Bob Op ‘t Land en studente Kunst en Economie Roos Huijskes. De aftrap in de vorm van een presentatie was op zaterdag 18 mei tijdens het Brabants Stripspektakel in Eindhoven. Kijk voor meer info op www.stripfonds.nl

23 mei 2019

Strip De Rechter goes international

Van de populaire dagbladstrip De Rechter zijn al dertig boeken verschenen maar de eenendertigste is een bijzondere. Een uitgave in het Engels: The Judge, a Touch of Dutch.

Tekenaar en schrijver van de strip, Jesse van Muylwijck, maakte hiertoe een bijzondere selectie uit de 8000 strips die hij in 25 jaar heeft getekend. De opzet van de uitgave is een humoristisch beeld te geven van Nederland. De lezer kan daarom strips verwachten over Schiphol, Mondriaan, de Gay Parade, de Deventer Boekenmarkt,  de fiets, de coffeeshop en de bitterbal. Maar ook strips die een beeld geven van onze rechtspraak, politiek, privacy, zorg, onderwijs en integratie. Kortom, ons land met een knipoog bezien.
Luggage
Jesse van Muylwijck, zelf jurist, hierover: “De strip De Rechter is al uniek, het is de enige krantenstrip ter wereld die de rechtspraak en de maatschappelijke actualiteit als onderwerp heeft. En ook dit boekje is enig in zijn soort. Er bestaan wel boeken die Nederland met humor beschrijven,  maar nog niet in de vorm van strips.” Deze uitgave is dan ook interessant voor buitenlandse collega’s van Nederlandse juristen, zodat die ook eens kunnen zien wat ons land zo bijzonder maakt. En voor expats die in Nederland wonen en ongetwijfeld veel grappen heel herkenbaar zullen vinden.
Election

The Judge, a Touch of Dutch  kost 13,50 euro  en ligt vanaf half juni in de boekhandel en stripwinkel. Het is ook te bestellen bij de tekenaar zelf via info@jessecartoons.com

Jesse van Muylwijck (Groningen, 1961) studeerde rechten in Groningen en bezocht daarna de kunstacademie Minerva. In 1993 nam zijn strip De Rechter voor het eerst zitting in de dagbladpers. Tegenwoordig staat de strip zesmaal per week in 14 regionale kranten, van Den Helder tot Eindhoven en van Middelburg tot Delfzijl, en bereikt daarmee bijna 3 miljoen lezers.
Cheese!
Het maken van de Rechterstrip is slechts een van de activiteiten van de tekenaar. Jesse van Muylwijck maakt ook cartoons in opdracht die hij digitaal verstuurt en tekent als ‘stand-up cartoonist’ tijdens conferenties van grote bedrijven en organisaties in Europa, de VS en Canada. Vanwege deze activiteiten en het gemak van digitale verbindingen emigreerde Jesse in 2005 met zijn gezin naar Vancouver Island, Canada. Vanaf deze plek kan hij even snel, en letterlijk en figuurlijk met gepaste afstand, in zijn strip reageren op de Nederlandse actualiteit. Tenslotte geeft Jesse samen met zijn vrouw Marleen de boeken van De Rechter in eigen beheer uit. Marleen heeft de zakelijke leiding en doet de redactie en grafische vormgeving van de boekuitgaven.
Jesse van Muylwijck maakt De Rechterstrip in Canada op Vancouver Island.
In 2010 won Jesse de Stripschapprijs, de enige oeuvreprijs voor Nederlandse stripmakers en in 2011 en 2018 werden tentoonstellingen van zijn werk georganiseerd in het Nederlands Stripmuseum in Groningen. Vorig jaar vierde De Rechter zijn 25-jarig jubileum (zie ook dit bericht) waar Jesse uitvoerig over vertelde in een podcast van het Stripjournaal.

jessecartoons.com

30 april 2019

Eppo 8 - De boekenkast van Pieter Albert

Historicus, stripliefhebber en stripscenarist Pieter Albert (© Foto: Robin Schouten)
In stripblad Eppo nr. 8 staat van mij De boekenkast van... Pieter Albert. Hij is de co-scenarist van de Eppo strip Alternative Facts die hij samen schrijft met Noël Ummels en getekend wordt door Fred de Heij. De eerste 14 verhaaltjes van deze politieke satire zijn gebundeld in het vorig jaar verschenen album Trumps werkelijkheid (zie ook dit artikel op de Volkskrant site). “Dit is het eerste stripproject waar ik bij betrokken ben. Het is een echte ‘koppenstrip’ en ik vind dat Fred het fantastisch heeft getekend. Wat mij betreft komen er nog meer verhaaltjes. Inspiratie genoeg, daar zorgt Trump wel voor!”

 Tekenaar Fred de Heij heeft Donald Trump helemaal in zijn vingers voor Alternative Facts (L, 2018)
Voor de Boekenkast-rubriek koos Albert voor strips die hij heeft leren kennen in zijn pubertijd met Hermann, Bilal, Tardi en het Nederlandse duo Theo van den Boogaard en Wim T. Schippers. Eppo nummer 8 ligt tot 2 mei in de winkels en is ook los te bestellen via de Eppo site.

Eppo nr. 8 (cover: Romano Molenaar) met De boekenkast van... Pieter Albert.

25 april 2019

Typex - Cover VPRO Gids #17

Typex, winnaar van de Stripschapprijs 2019 voor zijn gehele oeuvre, tekende de cover van de nieuwe VPRO Gids #17.

Eerder was Typex te gast in De podcast van de Prijswinnaars van het Stripjournaal (samen met Ger Apeldoorn, winnaar van de P. Hans Frankfurtherprijs) waarin hij met Robin Vinck praat over zijn internationaal verschenen graphic novel ‘De vele levens van Andy Warhol’ en uiteraard het winnen van de Stripschapprijs, de belangrijkste stripprijs van Nederland. Deze nam hij op 23 maart in ontvangst tijdens de Dutch Comic Con / Stripdagen in de Jaarbeurs Utrecht.
Typex (met Eppo-boek) en Ger Apeldoorn (met Typex’s Andy) ©stripjournaal.com
Momenteel is in Frankrijk een expositie rond het werk van Typex te zien in Cité du Livre - Galerie Zola in Aix-en-Provence, tot 25 mei 2019.

18 april 2019

Uitglijer - Poederdons in plaats van zwaard

Niet iedereen is een begenadigd tekenaar binnen de stripwereld. En dat hoeft ook niet, want het gaat om de sfeer, het verhaal, de karakters. Sommige striptekenaars stellen zich boven anderen en dat is nu ook weer niet nodig. Neem nu de onvolprezen Hans G. Kresse. Die zei over collega tekenaar (geen strips!) Rien Poortvliet dat die er niks van kon. Hij gaf dat weer door diens voornaam te verfransen en noemde hem 'Rien' (spreek uit rie-en) Poortvliet, de voornaam betekent vertaald 'niets'. Allemaal politiek, maar je ontkomt toch niet altijd aan commentaar.
Neem nu de befaamde Lilliputreeks. Deze reeks is tevens bekend onder de verzamelnaam 'piccolo's', of, omdat een jungleheld een van de meest bekende is, ook wel 'Akims' genoemd. In deze reeks werd wat afgerotzooid met stijlen, sferen, onbehoorlijkheden in scenario's en tekeningen. Ondanks dat wisten deze Lilliputs zich met succes tot eind jaren 60 te handhaven. Dat is de periode waarin de strip als medium steeds meer serieus werd genomen en liefdevol De 9e Kunst werd genoemd. Deze vriendelijke kleine boekjes werden mede daardoor al een tikje met de nek aangekeken.
Een Italiaanse uitgave van Akim, de 'Europese Tarzan' door tekenaar Augusto Pedrazza.
Die Lilliputs werden van 1953 tot 1968 in Nederland uitgegeven. Naast de net genoemde Akim verschenen er ook boekjes met Sigürd, Nick, Falk, Robbie, Tibor enz.; een wereld van gevierde ridders, halfblote gespierde bosmannen, puberjongens op avontuur, cowboys en mensen in de verre toekomst. Wat in Nederland werd uitgegeven kwam uit het buitenland; voor zover bekend hebben er zich geen Nederlandse tekenaars en schrijvers aan gewaagd. Veel kwam uit Duitsland (de zogenaamde 'Piccolohefte') en de vertaling daarvan werd door een zekere Reichel gedaan. Daarnaast kwam er ook werk uit Italië waar tevens de wieg van Akim stond die in 1950 werd vormgegeven door tekenaar Augusto Pedrazza (1923-1994) en scenarist Roberto Renzi (1923-2018). De Amerikaanse Tarzan heeft er model voor gestaan en die verscheen eveneens in deze mini-oblongreeks.

In de lange rij minicomics voeren we de Duitse veeltekenaar Hansrudi Wäscher (1928-2016) op. Zijn hand is duidelijk te herkennen in de veelvoud van deze boekjes. Het is wat stijvig, maar dat past prima binnen de kwaliteit die deze reeks bevolkt. Hansrudi is met name bekend van Akim die hij in 1953 overnam van Pedrazza. Het Italiaans van deze collega-stripmaker zal hij wel gesproken hebben want Hansrudi heeft tot 1940 in het Italiaans sprekende deel van Zwitserland gewoond. De eigen Duitse vertaling lag dus op de loer. Hoeveel verhalen Hansrudi van de bosheld zelf maakte is onduidelijk omdat diverse bronnen verschillende dingen zeggen. Een onderzoek is een hele uitdaging en gelukkig niet geschikt voor de schrijver van de Uitglijer, maar dit terzijde. Pedrazza zou alleen al 1000 Akim-deeltjes tot leven hebben gewekt. Ga er maar aan staan. Naast Akim tekende Hansrudi in elk geval wel alle Sigürd-verhalen zelf, en dat vanaf 1953.
 Een ridder zonder vrees met een wat vreemd uiterlijk, anno 1962.
Onze focus ligt op deze zwaardheld en meer bepaald bij het verhaal 'Casper's verraad' uit 1962. En deze Uitglijer is meteen het bewijs dat ook de Nederlandse uitgever van al dit fraais toen, Van Ditmar, het geen probleem vond dat de boekjes wat zwakke, maar o zo aller charmantste kanten kennen. Niet voor niets wordt het nog volop verzameld en spreekt men zacht over bepaalde deeltjes die nagenoeg onvindbaar zijn. Op de cover van dit verhaal zien we links het steeds terugkerende standaardbeeld van de held met opgeheven zwaard. De kaak krachtig naar voren, zoals we dat ook in zo'n vorm vinden bij bijvoorbeeld Buck Danny. Rechts een inkijkje wat de lezer kan verwachten van het verhaal. Tony Ovaere kwam met deze Uitglijer (hij speurde ook van alles op over de tekenaar en scenarist Pizarro van de stripheld Steve Drake, te vinden in onderstaande lijst). Tony merkte terecht op dat het hoofd van de ridder in het rechterdeel van het boekje eerder leek te horen bij de poederdons dan bij een zwaard. In de poging om de ridder een nobel en evenwichtig uiterlijk te geven mislukt Hansrudi. En zo vervalt de o zo stoere Sigürd tot een soort jongedame, of wellicht was de nobele strijder meer geïnteresseerd in zijn mederidders dan in de freules die naar zijn hand dongen. Dat wil het uiterlijk nog wel eens beïnvloeden.
Op de zwart-wit pagina's binnenin wordt het 'vrouwelijke element' verder doorgetrokken. 
Of de meester schuldig is aan deze Uitglijer, want dat mag je dit toch wel noemen, is de vraag. Daarvoor verschilt het standaard plaatje links op de cover te veel van de illustratie van het verhaal zelf. Het is aannemelijk dat Hansrudi werkte met studiotekenaars om de reeks vol te krijgen en zo kreeg bij wijze van spreken zijn neefje van 14 ook een kans. De productie alleen al doet zoiets vermoeden want die was fors. Volgens de catalogus van Matla gaf Wäscher in het Duitse taalgebied alleen al 668 Sigürd deeltjes uit (in het Nederlands verschenen er volgens die catalogus zo'n 400 tussen 1959 en 1963). Dan had hij nog Akim maar ook Nick (80 titels), Tibor (220), Falk (50) en nog vele anderen. Volgens de Lambiek Comiclopedia scheidde de man in zijn tekenleven 1500 deeltjes af en dat kan zomaar een conservatieve schatting zijn. Even rekenen met deze gegevens; vanaf 1953 tot pak 'm beet eind jaren zestig is dat toch minstens 100 deeltjes per jaar.  Als je in ogenschouw neemt dat de reeksen Bessy en De Rode Ridder voor de Duitse markt in een team werd geproduceerd waar vaak werd gesjoemeld om de productie op peil te houden (een onderdeel van een plaatje werd rustig meerdere keren in verschillende albums gebruikt), dan kun je er vanuit gaan dat Hansrudi eveneens met een aantal mensen aan de tekentafel heeft gezeten. En soms zal er wat te snel werk afgeleverd zijn als de druk van de deadline naderde. Minder begenadigde tekenaars zouden dan aan het werk gezet kunnen zijn. Et voila; opeens zien we ‘queenie’ ridders in plaats van harde mannen. Ondanks dat noemen Wäschers-fans hem liefdevol Der Meister. Nou, dan mag er van mij zo nu en dan een lief snoetje op de cover verschijnen in plaats van een doorwinterde ridderkop die veldslag na veldslag heeft meegemaakt. Het gros van het werk is immers sfeervol, en verdient een compliment. Zeker als je bedenkt dat de zwakke Duitse stripmarkt niet erg veel tegenwicht bood tijdens de gloriejaren van de Vlaamse en Franstalige strips. Der Meister heeft dat best wel een tikje goed gemaakt. (HvK)

Uitgeverij Boumaar, die zich specialiseert in Nederlandstalige uitgaven van de klassieke Nederlandse stripverhalen zoals Piloot Storm en Archie, is in 2014 begonnen met bundelingen van Sigürd met in deel 1 de comic uit 1953 en de daaropvolgende eerste 20 lilliputuitgaven. Sindsdien is er elk jaar een nieuwe band verschenen, inmiddels zijn dat er zes. Van elke bundeling zijn maar 100 ex. gedrukt.

Dank aan Tony Ovaere, de Duitse Wikipedia, Uitgeverij Boumaar en Lambiek Comiclopedia.

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer) en De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)