29 april 2018

Striptekenaar Eric Heuvel bekroond met Koninklijke onderscheiding

Heuvel poseert nog wat beduusd met zijn speciale onderscheiding (Foto: Jos van Waterschoot)
Tijdens de jaarlijkse lintjesregen op 26 april werd striptekenaar Eric Heuvel in zijn woonplaats Zaandam benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Het was de eerste keer in ruim twintig jaar dat een inwoner van Zaanstad deze eer ten beurt viel. Voor de orde komen mensen in aanmerking “met bijzondere verdiensten van zeer exceptionele aard voor de samenleving”. Heuvel is bekroond voor zijn educatieve stripalbums die inmiddels een wereldwijd publiek trekken. Hij kreeg de onderscheiding uitgereikt door burgemeester Jan Hamming in de raadzaal van het stadhuis waar  zeven andere inwoners van Zaanstad benoemd werden tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.
Eric Heuvel staat helemaal link en in het midden burgemeester Jan Hamming van Zaanstad. (Foto: Bart Homburg)
Eric Heuvel (Amsterdam, 25 mei 1960) verwierf nationale en internationale bekendheid met educatieve en historische stripboeken in samenwerking met onder meer de Anne Frank Stichting en het NiNsee waaronder De Ontdekking (over de Tweede Wereldoorlog), De Zoektocht (over de Holocaust) en De Terugkeer (over de Indonesische Onafhankelijkheidsstrijd). Daarnaast tekende hij het eerste stripboek over het Nederlandse slavernijverleden, Quaco.
Volgens Zaanstad “zet hij zo zijn uitzonderlijke artistieke talent in om historisch en cultureel belangrijke thema’s op een indringende en toegankelijke wijze te vertellen aan een groot jeugdig én volwassen publiek, niet alleen in Nederland, maar over de hele wereld.” 
Eric Heuvel signeert bij uitgeverij BD Must tijdens het internationale stripfestival in Angoulême, januari 2017 (Foto: Erwin Suvaal)
Heuvel begon in 1987 met Martin Lodewijk de avonturenreeks January Jones in stripblad Eppo waar hij nog steeds nieuwe verhalen voor maakt. Ook tekende hij de series Bud Broadway, Geheim van de Tijd en Carbeau en publiceert hij momenteel samen met tekstschrijver Jacques Post de strip De Meimoorden in de Stripglossy. In 2012 won hij de Stripschapsprijs voor zijn gehele oeuvre. 
De felicitatie van Peter Leersum, Heuvels hoofdredacteur bij Eppo van 1985-1990 
Met zijn orde voegt Eric Heuvel zich bij zijn stripcollega's Jan Kruis, Martin Lodewijk, Joost Swarte, Jan van Haasteren, Thom Roep en Kees Kousemaker van stripwinkel Lambiek die reeds eerder een Koninklijke Onderscheiding mochten ontvangen. 

28 april 2018

Uitglijer over een Bommeljas

Zelden heb ik Marten Toonder (1912-2005) kunnen betrappen op een Uitglijer. De meeste lezers én makers (!) van strips kijken dan ook over strip-misstappen heen, leert de ervaring. Ik beken dat niet al de door mij gevonden Uitglijers even sterk zijn, maar goed… Incognito Comics voelt het als een behoorlijk lichte plicht om er zo nu en dan één aan te wijzen. Zo ook bij deze Uitglijer van de bovenmeester Toonder.
Het komt voor in het Tom Poes en Heer Bommel verhaal De Hachelbouten dat oorspronkelijk verscheen in 1960 in diverse kranten. Dit verhaal en al de andere krantenstrips van Bommel werden later in de Bezige Bij serie  BB-Literair opgenomen, met steeds drie verhalen per uitgave. De Hachelbouten is te vinden onder de verzameltitel Mijn eigen eenzame weg. De Uitglijer werd gevonden in de 1e druk uit 1979; feitelijk in een herdruk dus want het stond ook zo fout al veel eerder in de krant (1960).

Heer Olivier B. Bommel heeft zich in dit verhaal weer eens prima in de nesten gewerkt. Om het verhaal te laten voor wat het is richten we ons op de scene waarin Bommel, nog onhandiger dan ooit tevoren, de toorn wekt van een herbergier die na veel gehannes Bommels tartan-achtige versierde jas in onderpand neemt. In ruil krijgt hij om zijn naaktheid te bedekken een vod uit de poetsmand toegeworpen, en daarmee moet de heer van stand het doen.
Op het tweede plaatje van pagina 102 is het vod duidelijk te zien; een rafelig kledingstuk zonder enige tekening of design.
Een vertwijfelde Bommel krijgt een vod zonder enige versiering toegeworpen, terwijl links zijn in beslag genomen jas hangt.
Op de volgende pagina, 103 dus, het eerste plaatje, heeft Bommel echter wel een vod aan maar dat is feitelijk zijn oude vertrouwde jas. Pas op de bladzijden erna is de jas weer geheel ontdaan van elke versiering zoals hij die eerder ruw kreeg aangereikt.
Bij de volgende plaatjes en op de volgende pagina is het weer een Bommeljas (Afbeeldingen: © Marten Toonder)
Deze tekeningen werden voor de publicatie in de pockets dus rechtstreeks overgenomen van de krantenpublicaties, want ook daar komt deze omissie in voor. Omdat veel stripverhalen dit soort fouten houden in de opvolgende publicaties, waren we benieuwd of deze Uitglijer lang heeft bestaan.
Stripvorser Rob van Eijck weet te vertellen dat in het later verschenen Verzameld Werk, achterin bij het verhaal, is opgemerkt dat in de Bezige Bij reeks de correctie bij de herdrukken is toegepast. De jas is daar dus ontdaan van enige print. Niet bekend bij mij en Incognito Comics is vanaf wélke uitgave (licht ons in via een e-mail, svp).
Volgens Van Eijck was in 1960 toen dit verhaal het licht zag een periode dat Toonder zich voornamelijk met de tekst bezighield. Zoals Willy Vandersteen controleerde hij wel wat zijn studio had gemaakt maar vermoedelijk was hij al niet meer een bijster oplettende lezertje, om het maar op z’n Toonderiaans te zeggen. De jas-kwestie is hem geheel ontgaan. Ondanks deze Uitglijer is dit een van de Bommelverhalen die qua tekenwerk en tekst onmiskenbaar aan de top van de strippiramide staat en nog voor jaren houdbaar is. Laat dat gezegd zijn, ook al stond er wel eens een een Uitglijer in. En ik moet zeggen dat Toonder daar nauwelijks op te betrappen is. Zo las ik in De dropslaven dat de trouwe Joost 20 jaar in dienst was. Dat verhaal stamt uit 1959. In De verdwenen heer is de lakei maar liefst 30 jaar serviel geweest en dat verhaal komt uit 1968. Niet helemaal correct dus maar zo nipt dat ik er geen Uitglijer van maak. (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen tot nu toe: Guus Slim: Kamerlid Piemel, Hergé, Suske en Wiske: De Tartaarse helm, Tintin: Le Sceptre d'Ottokar, Schanulleke (Suske en Wiske), Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2), Suske en Wiske: De Ringelingschat, Uitglijers met dubbele betekenissen?, Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergen, Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro, De Uitglijers van Eddy Paape, Dan Cooper, De Tartaarse helm (Jeugd Revue), Majesteitelijke Uitglijer, Fournier, Suske en Wiske en Dick Bos, Foute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje), Rik overleeft de kogels (Rik Ringers), Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke), Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e druk, Jansen is de naam (Kuifje), Magda van Tilburg en Hergé als geweten van de wereld.

25 april 2018

Eppo 8 - Dick Matena 75 jaar

Op 24 april vierde de veelzijdige stripmaker Dick Matena zijn 75ste verjaardag. In stripblad Eppo nr. 8 wordt dat gevierd met speciaal getekende verjaardagswensen van 22 van zijn stripcollega's. Ik noem bijvoorbeeld Martin Lodewijk, Aloys Oosterwijk, Gerben Valkema, Kim Duchateau, Gerard Leever, Eric Heuvel, Fred de Heij en Paul Teng. De cover is getekend door Mars Gremmen (naast striptekenaar is hij ook een fervent vogelaar) die er iets bijzonders van heeft gemaakt met een sprekende karikatuur van de jarige grootmeester en een collage van zijn stripfiguren Virl, Dandy, Kleine Pier en ook Marten Toonders Bommel, die hij de afgelopen jaren tekende in twee Tom Poes verhalen.
Matena levert zelf een bijdrage met een column voor de serie Het geheugen van de Nederlandse stripwereld waarin hij op 3 pagina's een begin maakt aan het vertellen van zijn levensloop, gelardeerd met foto's uit zijn persoonlijke archief.
Eppo nummer 8 ligt tot 3 mei in de winkels en is ook los te bestellen via de Eppo site.
Losse tekeningen van Mars Gremmen voor zijn Dick Matena cover (gepost op Facebook). 
Saillant detail: sommige stripmakers zagen nog steeds een stevig rokende Matena op hun netvlies en tekenden hem voor Eppo met een sigaret in de hand (Aimée de Jongh en Bruno de Roover) terwijl  de gevierde stripauteur van o.a. De Avonden, Mythen en De Prediker reeds in 2013 is gestopt met roken na zijn hartinfarct (luister naar dit radio interview met Matena uit 2016 t.g.v. zijn stripversie van Turks Fruit).
Bruno de Roover eert de jarige Matena met een ouderwets sigaretje.

13 april 2018

Eppo 7 - De boekenkast van Marc Legendre

Marc Legendre op de Boekenbeurs in Antwerpen, 4 november 2017. (© Foto: Robin Schouten)
In Eppo nr. 7 staat van mij: De boekenkast van... Marc Legendre. Hij is de scenarist van de Suske en Wiske spin-off Amoras die hij samen met tekenaar Charel Cambré (zie ook zijn boekenkast) tot een groot succes heeft gemaakt. Samen maakten de twee Vlamingen ook twee Robbedoes albums en een derde is onderweg. Daar bovenop vernieuwde Legendre met tekenaar Fabio Bono De Rode Ridder serie. Voor de Boekenkast-rubriek koos hij voor vier boeken die belangrijk voor hem waren op een bepaald moment in zijn carrière. Eppo nummer 7 ligt tot 19 april in de winkels en is ook los te bestellen via de Eppo site.
Een deel van zijn boekenkast thuis in El Hierro op de Canarische Eilanden. Een montage met het portret van Legendre hierboven staat in Eppo bij zijn Boekenkast. 
Marc Legendre (1956) debuteerde in de jaren 80 met de gagstrip Biebel in het weekblad Robbedoes onder het pseudoniem Ikke. Tegelijkertijd werkte hij op de redactie van Kuifje om daarna full time strips te gaan maken. In 1990 begon hij met Jan Bosschaert de succesvolle reeks Sam. Na zijn periode als hoofdredacteur van Suske en Wiske Weekblad vertrok hij op wereldreis met een zeiljacht, maar vestigde zich met zijn vrouw op het Canarische eiland Gran Canaria nadat hun boot daar bijna letterlijk was gestrand. Ondertussen verhuisden ze naar het eiland El Hierro. Legendre keert regelmatig terug naar België. In Antwerpen sprak ik afgelopen november met hem op de Boekenbeurs waar hij voor veel fans zijn albums signeerde.
Van tevoren had Legendre een lijst gemaakt met zijn favoriete strips. (© Foto: Robin Schouten, 2017)

30 maart 2018

Grenzeloos Getalenteerd expositie op De Stripdagen 2018

Speciaal voor De Stripdagen 2018, dat op zaterdag 31 maart en zondag 1 april wordt gehouden in de Jaarbeurs Utrecht (samen met Dutch Comic Con) heb ik de expositie Grenzeloos Getalenteerd samengesteld. Daar is veel buitenlands werk te bekijken van Nederlandse stripauteurs op 10 panelen. Ook schreef ik de bijbehorende teksten.

Aanleiding voor deze tentoonstelling is de tendens bij uitgeverijen om nieuwe strips te laten maken van klassieke internationale bestsellers. Daar worden uiteraard hoge eisen aan gesteld. En de zoektocht naar talent voert uitgevers verbazend vaak naar Nederland! Zo kunnen we sinds kort (of binnenkort) genieten van beroemde stripfiguren als Suske en Wiske, Robbedoes, Guust Flater en Blake en Mortimer, gemaakt door Hollandse meesters als Gerben Valkema, Hanco Kolk en Peter van Dongen (zie hierboven).

Daarnaast worden er flink wat Nederlandse strips in vele talen vertaald en vele landen verkocht (ik noem slechts Erik Kriek, Barbara Stok en Eric Heuvel). Dat is op zich niet nieuw want ook in het verleden zijn er wereldsterren geweest onder de Nederlandse stripmakers zoals bv. Theo van den Boogaard, Dick Matena, Hans G. Kresse en Marten Toonder. Van al deze tekenaars laat ik voorbeelden zien op de Grenzeloos Getalenteerd expositie, en nog veel, veel meer!
Lettertekenaar Frits Jonker heeft speciaal voor deze tentoonstelling een logo ontworpen, zoals alleen hij dat kan.

Na een lange voorbereidingstijd had ik zoveel materiaal verzameld dat ik voor de moeilijke keus stond welke covers etc. uiteindelijk op de tentoonstelling terecht zouden komen. Daarbij zocht ik naar een balans van het aantal beelden per tekenaars, en op welke panelen het materiaal van de diverse striptekenaars zouden passen. Een belangrijk criterium vond ik om zoveel mogelijk covers te laten zien die speciaal voor buitenlandse uitgaven zijn getekend, en dus nog onbekend zijn bij het Nederlandse publiek (zoals de Franstalige Franka-covers van Henk Kuijpers).
Evert Geradt - Cover voor het Duitse stripblad U-Comix Sonderband 14 (1978)
Evert Geradts was een van de vele stripauteurs die ik had benaderd, vanwege zijn historie als een van de eerste belangrijke undergroundtekenaars van Nederland. Helaas had ik geen ruimte om al zijn buitenlandse covers die hij stuurde in de expositie op te nemen. Zoals deze twee, die evengoed zeer de moeite van het tonen waard zijn.
Evert Geradt - Franse uitgave van Jan Zeiloor (1979)
Omdat De Stripdagen zijn samengegaan met Heroes Dutch Comic Con kunnen de bezoekers nóg vijf hallen barstensvol jongerencultuur bezoeken! Alle informatie over De Stripdagen staat op www.destripdagen.nl  Graag tot ziens!

P. Hans Frankfurtherprijs 2018 voor Rob van Eijck, Willem van Helden en Joost Pollmann

Naast de Stripschapprijs voor Peter van Dongen en de bekendmaking + prijs van Album van het Jaar worden dit weekend ook de andere Stripschapprijzen uitgereikt op De Stripdagen, voor het eerst in de Jaarbeurs Utrecht (en samen met Dutch Comic Con). Als stripjournalist mocht ik voor het eerst zitting nemen in de jury voor deze prijzen.

De P. Hans Frankfurtherprijs, in de volksmond ook bekend als de Jaarprijs voor Bijzondere Verdiensten en vernoemd naar de in 1996 overleden oprichter van Het Stripschap, is dit jaar een eerbetoon aan de Nederlandse stripjournalistiek. Omdat dit een heel breed gebied beslaat en een periode van een halve eeuw, wordt de prijs dit jaar niet aan één, maar aan liefst drie veelbetekenende exponenten van dit genre toegekend: Rob van Eijck, Willem van Helden en Joost Pollmann.

Allereerst: Rob van Eijck en Willem van Helden. Zij mogen gezien worden als de grondleggers van de Nederlandse stripjournalistiek. Als spil van een team stripliefhebbers en -kenners waren de twee verantwoordelijk voor de gouden jaren van het stripinformatieblad Stripschrift waarin zij de stripjournalistiek als het ware hebben uitgevonden en vormgegeven. Dit leverde prachtige interviews en artikelen op, met en over alle belangrijke stripauteurs. Vaak leidde dit ook tot boekpublicaties.
Rob van Eijck poseert voor zijn boekenkast, thuis in Haarlem. Foto: Robin Schouten (2014)
Rob schreef boek na boek, met als hoogtepunt het meesterwerk ‘Beeldspraak’ (een interviewboek met o.a. Dick Matena, Martin Lodewijk, Daan Jippes, Evert Geradts en Hans G. Kresse). In 2014 interviewde ik Van Eijck voor de rubriek De boekenkast van... in stripblad Eppo (zie deze link).
Willem ontpopte zich tot de Carl Barks-kenner bij uitstek. Ook hij leverde diverse titels af en wist daarnaast jarenlang de lezers van de Volkskrant om zijn vinger te winden met zijn inspirerende stukken over strips.
En het duo is nog steeds productief. Zo schreven zij met (onder meer) de derde winnaar van de P. Hans Frankfurtherprijs het boek over de stripgeschiedenis van de Nederlandse strip ‘Strips! 200 jaar Nederlands beeldverhaal’ (lees ook deze recensie).
Joost Pollmann in het Afrika Museum voor de striptentoonstelling Picha, 2008 (Foto: Robin Schouten)
En die derde winnaar is niet de minste: Joost Pollmann. Hij volgde Van Helden op als stripjournalist in de Volkskrant en wist de stripjournalistiek naar een academisch niveau te tillen. Hij geeft namelijk zo vaak ‘college’ dat hij zich gerust ‘stripprofessor’ kan noemen. En laat dat nu niet geheel toevallig de titel zijn van zijn gelijknamige en alom bejubelde boek dat vorig jaar verscheen.
Daarnaast was Pollmann ruim twintig jaar de grote man achter Stripdagen Haarlem. Een veelzijdig festival dat onder zijn bezielende leiding uitgroeide tot het grootste stripevenement van de Benelux.

Met de P. Hans Frankfurtherprijs wil de commissie van de Stripschapprijzen laten zien hoe belangrijk de bijdrage van de journalistiek aan de wetenschap kan zijn en hoe begeesterde liefhebbers van het beeldverhaal kunnen uitgroeien tot geschiedschrijvers. Daarom alle lof voor de winnaars!

Op zondag 1 april ontvangen Rob van Eijck, Willem van Helden en Joost Pollmann de P. Hans Frankfurtherprijs, om 13.00 uur op het mainstage, Hal 10. De drie heren zijn het hele weekend op De Stripdagen aanwezig.

Alle informatie over De Stripdagen kun je vinden op www.destripdagen.nl

29 maart 2018

Stripschapprijs 2018 voor Peter van Dongen

Peter van Dongen poseert bij zijn expositie op De Stripdagen 2017 in Rijswijk (Foto: Robin Schouten)
Komend weekend, 31 maart en 1 april vinden De Stripdagen voor de eerste keer plaats in de Jaarbeurs Utrecht (tegelijk met Heroes Dutch Comic Con). Daar worden ook de Stripschapprijzen 2018 uitgereikt. Als stripjournalist mocht ik in de jury zitten voor deze prijzen.
Voor de Stripschapprijs, de belangrijkste oeuvreprijs voor striptekenaars in Nederland, stemden we unaniem voor een Nederlandse stripmaker met Indische roots: Peter van Dongen. Een meer dan terechte winnaar! Hier volgt het (door mij licht aangepaste) juryrapport.

Zijn oeuvre is niet omvangrijk maar wel herkenbaar. Al sinds zijn eerste publicaties in bladen als De Vrije Balloen en het maandblad Wordt Vervolgd springt zijn werk in het oog. Vanaf midden jaren tachtig heeft hij zijn tekenwerk geperfectioneerd en wist hij de Klare Lijn naar zijn hand te zetten, een Klare Lijn met een Indisch tintje.
De Indonesische uitgave van Rampokan (2014)
De winnaar van dit jaar gaat voor het hoogst haalbare. Vanaf zijn debuut ‘Muizentheater’ in 1990 zijn bijna al zijn andere albums ook prijswinnaars. Zijn Indische roots (via zijn Chinees-Indische moeder) spelen een nadrukkelijke rol. Zijn bekendste werk, Rampokan, is een monument in de Nederlandse stripgeschiedenis. Het tweeluik dat zich afspeelt aan de vooravond van de politionele acties in Indonesië behoort zonder twijfel thuis in het canon van de Nederlandse strip. Hiermee liet hij zien hoe nauw de Indische cultuur met onze samenleving verbonden is. Met deze graphic novel brak hij ook internationaal door.
Peter van Dongen met Adriaan van Dis.
Zijn meest recente werk is een bewerking van de novelle ‘Familieziek’ van Adriaan van Dis, die in november 2017 uitkwam. Niet voor niets vroeg deze schrijver aan Van Dongen om zijn boek te bewerken tot een schitterend beeldverhaal. In no-time is dit boek al weer toe aan een derde druk, een feit dat in deze tijd waarin de meeste boeken in kleine oplages verschijnen buitengewoon is te noemen.

Als klap op de vuurpijl verschijnt in oktober 2018 het eerste deel van zijn Blake en Mortimer tweeluik De Vallei der Onsterfelijken, die hij samen met Teun Berserik tekent op scenario van Yves Sente. Dit werk beviel Uitgeverij Dargaud al zodanig dat beide Nederlandse striptekenaars kunnen rekenen op een toekomstig Blake en Mortimer verhaal van de internationaal gelauwerde scenarist Jean Van Hamme.
Peter van Dongen - Proefpagina 1B voor Blake en Mortimer 
Door Peter van Dongen (1966) de Stripschapprijs toe te kennen wil de commissie meer dan eens laten zien dat het niet gaat om een grote productie, maar om continuïteit en bovenal kwaliteit. Dit maakt hem de terechte winnaar van de Stripschapprijs 2018.

Op zaterdag 31 maart krijgt hij de prijs uitgereikt door 'Stripmaker des Vaderlands' Margreet de Heer. Tijd en locatie: om 13:00 uur, Hal 10, Jaarbeurs Utrecht.

Alle informatie over De Stripdagen kun je vinden op www.destripdagen.nl
Margreet de Heer ging alvast bij Peter van Dongen langs voor een interview en maakte vervolgens deze strip (met veel 'Wauws!').

Lees hier het recente interview van Joost Pollmann met Van Dongen voor de Volkskrant waarin hij uitgebreidt vertelt over Blake en Mortimer.

28 maart 2018

De Stripdagen 2018 naar de Jaarbeurs Utrecht

De Stripdagen 2018 poster is getekend door Vick De Bergh, met de terugkeer van De Generaal.
Een keer per jaar wordt de strip als kunstvorm en als massamedium landelijk onder de aandacht gebracht op De Stripdagen. En dat gebeurt al vijftig jaar! De vorige edities werden gehouden in Rijswijk. Samenwerking met een ander evenement (de Heroes Dutch Comic Con, die tegelijkertijd plaatsvindt) heeft het mogelijk gemaakt om De Stripdagen dit jaar te laten plaatsvinden in de Jaarbeurs, Utrecht. En wel komend weekend, op zaterdag 31 maart en zondag 1 april.

Deze verhuizing én schaalvergroting maken het mogelijk om het mooie medium strip onder de aandacht te brengen van een veel grotere groep belangstellenden. Ook biedt deze samenwerking de armslag voor een grotere en bredere programmering dan ooit tevoren.
Naast een grote stripboekenbeurs en diverse stripuitgeverijen is er een continu-programmering op drie podia, vol educatie en entertainment! Met paneldiscussies, presentaties, prijsuitreikingen, stripbattles, veilingen, muziek, wedstrijden, quizzen, interviews, workshops en lezingen. Met diverse exposities (o.a. een overzichtstentoonstelling van De Generaal in de Stripdagenhal), signerende tekenaars, unieke beursedities van nieuwe uitgaven en de verkiezing van het Album van het Jaar. En natuurlijk veel doe-dingen voor kinderen.

EEN PAAR HIGHLIGHTS

Expositie Grenzeloos Getalenteerd
Er is wereldwijd een tendens bij uitgeverijen om nieuwe strips te laten maken van klassieke internationale bestsellers. Daar worden uiteraard hoge eisen aan gesteld. En de zoektocht naar talent voert uitgevers verbazend vaak naar Nederland! Zo kunnen we sinds kort (of binnenkort) genieten van beroemde stripfiguren als Suske en Wiske, Robbedoes, Guust Flater en Blake en Mortimer, gemaakt door Hollandse meesters als Gerben Valkema, Hanco Kolk en Peter van Dongen.
Daarnaast worden er flink wat Nederlandse strips in vele talen vertaald en aan vele landen verkocht (zoals het werk van Erik Kriek en Eric Heuvel). Dat is op zich niet nieuw, want ook in het verleden zijn er wereldsterren geweest onder de Nederlandse stripmakers. Deze speciaal voor De Stripdagen gemaakte expositie, door stripjournalist Robin Schouten, doet het allemaal uit de doeken. Het logo werd ontworpen door lettertekenaar Frits Jonker.

Stripbattles
Altijd een hoogtepunt op De Stripdagen: de inmiddels legendarische Stripbattle! Twee teams van Nederlandse toptekenaars strijden tegen elkaar in een niets ontziende improvisatie-tekenoorlog. Wie is het snelst, het mooist, het grappigst, het origineelst? De opdrachten komen uit het publiek, en het publiek bepaalt ook de winnaars! De partijen strijden om de Gouden Tekentang, de meest afzichtelijke wisseltrofee ter wereld. Het geheel staat onder (bege)leiding van Ger Apeldoorn. Die zal de deelnemers het onderste uit de kan doen halen.

Hoog bezoek
Het is vele jaren geleden dat er zoveel buitenlandse gasten op De Stripdagen komen als dit jaar! Uiteraard uit België en Frankrijk, maar ook uit Italië (Angelo Stano), Indonesië (Apri Kusbiantoro) en de Verenigde Staten. De organisatie is zeer verguld met de aanwezigheid van toptekenaars Steve Scott en Eddy Barrows (o.m. Batman en Superman). Kijk voor alle signerende tekenaars op www.destripdagen.nl/artiesten.html
Lezingen en workshops
Op het workshop-podium vinden diverse lezingen en workshops plaats, waaronder:

- Cosplay introductielezing (zaterdag)
- Cosplay-lezing: maken, kopen of aanpassen (zondag)
- Workshops strips maken voor kinderen en voor volwassenen. Een strip maken, hoe doe je dat precies? Tommy A heeft vaker met dit bijltje gehakt.

Voor deelname aan de workshops kun je je hier opgeven.

Omdat De Stripdagen zijn samengegaan met Heroes Dutch Comic Con kunnen de bezoekers nóg vijf hallen barstensvol jongerencultuur bezoeken!

Alle informatie over De Stripdagen staat op www.destripdagen.nl
Over Heroes Dutch Comic Con is meer te vinden op www.dutchcomiccon.com/nl

Morgen volgt meer informatie over De Stripdagen op deze blog, o.a. over de Stripschapprijzen, met de Stripschapprijs 2018 voor Peter van Dongen die hij op zaterdag 31 maart krijgt om 13:00 uur, Hal 10, Jaarbeurs Utrecht.

21 maart 2018

Eppo 5 - De boekenkast van Jan Vervoort

Jan Vervoort voor zijn boekenkast op zolder (Eindhoven, 22 oktober 2017)
Nog even op de valreep: in Eppo nr. 5 staat van mij De boekenkast van... Jan Vervoort. Tussen 1987 en 1995 maakte deze klare lijn tekenaar 3 verhalen van de avonturenstrip Elno voor de stripbladen Eppo Wordt Vervolgd en Sjors en Sjimmie Stripblad. Vorig jaar werden deze gebundeld in De complete Elno (met een uitgebreid dossier) dat Jan gesigneerd heeft op de stripfestivals in Veldhoven en Breda. Voor de Boekenkast-rubriek koos hij 4 favoriete boeken van een Belgische (Hergé), Franse (Jacques Tardi) en twee Amerikaanse striptekenaars (Jack Cole en Chris Ware). Eppo nummer 5 ligt tot 22 maart in de winkel en is ook los te bestellen via de Eppo site. 
© Foto's: Robin Schouten. Voor een hogere resolutie, mail naar incognito@comic.com

20 februari 2018

Eppo 3 - De boekenkast van Marvin van der Zwart

Marvin van der Zwart thuis in Rhenen, 11 september 2017. (Foto: Robin Schouten)
In stripblad Eppo nr. 3 staat van mij De boekenkast van... Marvin van der Zwart. Hij is de inkleurder van de avonturenstrip Ward, getekend door Marissa Delbressine en op scenario van Willem Ritstier. Marvin koos voor vier favoriete strips die hij visueel heel mooi vind en sommige zijn ook inspiratiebronnen voor hem. Eppo nummer 3 ligt tot 22 februari in de winkel en is ook los te bestellen via de Eppo site.
Marvin met de door hem ingekleurde Ward cover voor Eppo. (Foto: Robin Schouten)
Marvin van der Zwart (1988) studeerde op de HKU in Utrecht 2D animatie en nu maakt hij ook korte animatiefilms. “Tijdens mijn studie kon ik stage lopen bij Marissa en dat was mijn introductie in de stripwereld. Toen de vorige inkleurster (Shanna Paulissen – red.) met Ward stopte kon ik haar werk overnemen. Interessant dat ik nu ook het proces achter de schermen kon meemaken van een strip. Vanaf deel 3 heb ik Ward ingekleurd. Dat ik nu in de winkel de albums zie staan waaraan ik heb meegewerkt is heel leuk. Je hebt ook echt iets tastbaars van je werk.”
In het najaar van 2017 verscheen deel 4 van Ward, Stilte voor de storm, waarmee deze cyclus is afgesloten. Of er in de toekomst een vijfde deel gaat verschijnen is nog even afwachten. Voorlopig hebben zowel Delbressine als Ritstier het druk met andere projecten.

06 februari 2018

Eppo 2 - Interview Yves Swolfs over Lonesome

In stripblad Eppo nr. 2, 2018 staat van mij een artikel over Lonesome, de nieuwe westernserie van de Belgische stripauteur Yves Swolfs (Durango, Legende, De Prins van de nacht) waarvan het eerste verhaal vanaf deze Eppo een eerste Nederlandse publicatie krijgt (het album volgt in het voorjaar). Eppo nummer 2 ligt tot 8 februari in de winkel en is ook los te bestellen via de Eppo site.

Speciaal voor het artikel had ik nog wat vragen over Lonesome naar Swolfs gestuurd. Echter, de uitgave in januari van het Franstalige album en zijn status als gevierd stripauteur zorgden ervoor dat hij het heel druk kreeg met signeersessies, en daarom niet op de tijd zijn antwoorden kon sturen voor Eppo nr. 2. Als extra publiceer ik ze hier alsnog, zoals afgesproken met Yves.

De laatste vier delen van Durango had u alleen nog geschreven. En nu is er het eerste deel van uw nieuwe serie Lonesome dat u ook heeft getekend. Wilde u na 20 jaar weer terugkeren naar de western en een van uw meest geliefde scenes in een strip, ruiters in de sneeuw?
Eigenlijk had ik al enkele jaren zin om weer eens een western te maken. Ik heb het plezier teruggevonden om een nieuwe serie te creëren en eraan te werken.

Kunt u de beide western-personages Durango en Lonesome goed uit elkaar halen?
Wel, de twee personages hebben één ding gemeen, dat ze allebei een hoed dragen met een platte boord en een lange mantel. Op psychologisch niveau, qua context en het scenario wat zal leiden naar een sage van meerdere albums, zal Lonesome een heel andere serie worden dan Durango.

De ruiter zonder naam uit Lonesome doet denken aan een personage uit een spaghettiwestern. Laat u zich nog steeds door deze films inspireren zoals bij Durango?
Er blijft de inspiratie van de Italiaanse western op het vlak van de keuze van de pagina indeling en hoe de personages eruit zien. Maar het scenario zal heel verschillend zijn, complexer, gesitueerd vanuit een historische context en met een beetje esoterie en fantasy erin.

Lonesome speelt zich af in Kansas, februari 1861, een paar maanden voor het uitbreken van de Amerikaanse Burgeroorlog. U heeft zich door deze gebeurtenissen laten inspireren voor het verhaal?
Ja, het historische gedeelte is geïnspireerd door bestaande feiten. Men kan eruit halen dat de Secessieoorlog niet enkel gevoerd is omwille van het probleem van de slavernij, maar ook om economische redenen en onder invloed van Engelse en Franse banken.

Wilt u de Lonesome serie zelf blijven tekenen?
Normaal gezien is het verhaal voorzien in minimaal 4 of 5 delen. Ik ga het verhaal zelf beëindigen als scenarist en als tekenaar.

En gaat u ook door als scenarist van Durango? 
Het scenario van de volgende Durango is reeds klaar en de twee volgende delen van De Prins van de nacht zijn volledig afgewerkt. De tekeningen worden nu gedaan door Timothée Montaigne. Ik hou veel van zijn manier van werken.

22 januari 2018

Eppo 1 - De boekenkast van Ruud Straatman

Ruud Strraatman met Disney strips die hij heeft geschreven op het Brabants Stripspektakel in Veldhoven, 2 september 2017. (Foto's: Robin Schouten. Voor een hoge resolutie, mail naar incognito@comic.com)
In Eppo 1 staat van mij De boekenkast van... Ruud Straatman. Deze veelzijdige stripscenarist werkte samen met o.a. Martin Lodewijk, Evert Geradts en Peter de Wit en tekent zelf ook strips. Als redacteur van Robbedoes ontdekte hij het talent van Eric Heuvel en voor hem schreef hij het Agent 327 hommageverhaaltje ‘Dossier naschoolse activiteiten’, gepubliceerd in Eppo 15 van 2017 en gebundeld in het Agent 327 hommageboek Hulde aan de jubilaris. Eppo 1 ligt tot 25 januari in de winkel en is los te bestellen via de Eppo site.
Met sigaar in de hand op het Brabants Stripspektakel 2017 in Veldhoven. (Foto: Robin Schouten)
Ruud Straatman (1948) is een van de meest veelzijdige Nederlandse stripmakers. Hij schreef een groot aantal Disney strips en werkte samen aan verhalen voor Martin Lodewijk (Agent 327), Hans G. Kresse (Vidocq), Dino Attanasio (Johnny Goodbye), Evert Geradts (Henk Hond) en  Peter de Wit (De familie Fortuin). Ook heeft hij zelf veel strips getekend zoals Polderkolder en Simon Spitsmuis (voor Eppo Wordt Vervolgd) en maakte hij meer recentelijk de internetstrip Royaal Modaal, Aloysius Frispeer en cartoons over sigaren (Cigartoons).
Ruud poseert met Martin Lodewijk op de Eppo stand in Veldhoven, 2 september 2017. (Foto: Robin Schouten)
Martin Lodewijk is een van Ruud's favoriete scenaristen en hem zien we ook terug zijn Boekenkast. "Van de latere strips vind ik De kinderen van de wind van Bourgeon heel goed, Largo Winch en Jerome K. Jerome Bloks vanwege de verhalen. Ik hou van alles, wat goed is is goed.”

15 januari 2018

Hergé als geweten van de wereld

Een anti-Uitglijer

Hergé (Etterbeek, 22 mei 1907 - Sint Lambrechts Woluwe, 3 maart 1983), de creator van onder andere Kuifje is door zijn succes opgevallen en dat heeft zo zijn gevolgen. Er worden daardoor hele studies aan deze 'kinderboekjes' gewijd en dan valt er van alles op. Dat kan variëren van een scheve haarlok tot een verkeerd getekende deurbel. Ook hele oude drukken komen aan bod, en dan is het hek helemaal van de dam. Men kan dan bijvoorbeeld bepaalde karikaturen aanwijzen die te sterk zijn aangezet, met een gefronste wenkbrauw als gevolg. 
De twee joodse mannen in Tintin - L'Étoile mystérieuse.
Zoals in de oorspronkelijk zwart-wit versie uit 1942 van L'Étoile mystérieuse (De Geheimzinnige Ster) waar twee overduidelijk joodse mannen zeggen dat het niet erg is dat de wereld vergaat (de aanvliegende ster zou dat bewerkstelligen), omdat een van hen nog zoveel franc aan die en die schuldig is.
Ai!
De recente oorlogsgeschiedenis heeft geleerd dat we dit zeker op zijn minst als zeer ongepast moeten beschouwen. Groot is dan ook de opluchting van de oplettende mens dat hij of zij in de hedendaagse versie van dit soort onsmakelijkheden verschoond is. Edoch is er kort geleden nog een hetze geweest bij Amsterdamse stripwinkels over Kuifje in Afrika (zie deze link), waar de zwarte medemens er allemaal uitzien als Al Jolson die voor de oorlog in films optrad en geschminkt in de verte iets weg heeft van Zwarte Piet (en dus feitelijk helemaal niet op een neger leek). Om kort te gaan; uit Afrika zijn er geen geluiden gekomen dat het boek verboden moet worden en is als karikatuurverhaal gewoon wereldwijd te koop.
In Afrika kunnen ze relativeren en hebben ze humor, zo veel is wel duidelijk.

Interessant in dit betoog is de verloop van een andere minder frisse opmerking. Die komt uit Tintin en Amérique uit 1932.
De Franse oerversie van Kuifje in Amerika met zeven onschuldigen onbekenden en deze man op de
grond (Wilmet A3, 1940).
Hier wordt fier beschreven dat er na een overval en het gegeven alarm, maar liefst zeven negers onmiddellijk werden opgehangen, met de toevoeging 'maar de schuldige is gevlucht'.
Dit moet dus humor voorstellen. Je dunt een bevolkingsgroep uit die wordt geminacht, maar je hebt nog niet wat je wilt. Juist dat het negers zijn geeft aan dat Hergé discrimineert, zo lijkt het. Ik zou hebben gezegd; 'men heeft zeven mannen opgehangen', als het dan zo nodig moet, maar dit terzijde. Ik kom er nog op terug.

Dan wordt Kuifje interessant voor het Nederlandstalige gebied en komt dit verhaal in 1941-1942 in het Vlaamse dagblad Het Laatste Nieuws waarin Kuifje nog gewoon Tintin heet. Zoals te zien is in deze (nog) niet ingekleurde en hertekende versie werd de gemankeerde tekst nog steeds passend gevonden.
Kuifje in Amerika - De krantenversie uit 1941-1942 in Het Laatste Nieuws
Deze variant zal op nog grotere instemming van de Duitsers hebben kunnen rekenen. Nu zijn er zelfs negen negers opgehangen i.p.v. zeven. Misschien omdat het lekker bekt, negers en negen. Logisch dat er toen niemand tegen in het geweer is gekomen… je zag de bezetter al op je deur bonzen. Maar erger nog, men zet dergelijke zaken ongezien voort, ook na 1945 als het risico van klein verzet verdwenen is. 
In de eerste Nederlandstalige kleurendruk is de tekst alweer wat matiger de aantallen gehangenen maar verder blijft het intact.
De tekst bij deze eerste Nederlandstalige kleurendruk uit 1947 (Ottens, A46 rood) is wel wat aangepast. Er is nu sprake van 'men' en dat kan ook een en ander verklaren, maar ook dit komt later aan de orde. 
De herdruk (Ottens A51) met een neutrale toon en geen slachtoffers meer behalve de man op de grond (1952)
In de herdrukken uit 1952 en verder is besloten om het hangen uit te bannen. We weten niet of dit uit een zekere piëteit is gebeurd of dat het te schokkend werd ervaren in een kinderstrip. 
Afijn; terug naar de gewraakte tekst. 
Is dit nu een Uitglijer van Hergé of kunnen we dat ook anders zien?
Amerika is het land van de onbegrensde mogelijkheden. Dat geldt van voorlopers in de industrie tot aan de keuze van de president. Illustratief is de koe in het album die op een lopende band staat en er als een worst weer uit komt. Ook het fenomeen gangster krijgt een flinke dosis aangezette aandacht; het was tenslotte de tijd van Luciano en Capone. En zoals we zagen wordt natuurlijk de segregatie in met name het zuiden van de VS niet vergeten. De donkere medemens was zijn leven niet zeker en er werden door de red necks te pas en te onpas negers opgehangen. Abel Meeropol schreef er een gedicht over bij wijze van protest, 'Bitter Fruit’ en dat werd later door jazz-zangeres Billie Holiday vertolkt onder de titel 'Strange Fruit'. Vreemd Fruit, een vreemde manier om zulke gruwelheden aan te duiden. 

Hergé heeft zich volgens mij het hele album door in feite op een ludieke wijze aangesloten bij de mening van Meeropol, door te laten zien hoe dat daar gaat in dat verre Amerika. Zo was de mentaliteit. Een neger meer of minder was geen probleem (het hadden evengoed indianen kunnen zijn, maar die waren al geen issue meer voor de segregatist in de jaren 1930). Op die manier heeft Hergé de ridiculiteiten van 'gods own country' willen belichten; of eerder overbelichten.

In de laatste ver-her-taling komt dan ook het woordje 'men' bovendrijven, zoals in de alleroudste versie ook werd gebruikt ('on'). Hergé zou hiermee de persoon die de misdaad ontdekt hebben vrijgepleit van de gruwelijke reactie van de mob (dan is 'men' die anderen) en daarmee tevens zichzelf. Hij is de toeschouwer als de man van de ontdekking van de overval, en dat deed hij dus al in 1932. Geen discriminatie, maar een vorm van journalistiek bedrijven in stripvorm.

Hiermee zijn we gelijk verlost van de mogelijke gedachten dat Hergé een racist was, maar eerder als kind van zijn onbuigzame katholieke tijd gevangen zat in een onwelriekend systeem, waarin velen van zijn kennissen en vrienden geen afstand namen van wat er met name in de Tweede Wereldoorlog in België gebeurde. Dan is het makkelijk schertsen met ellende of stereotypiën in de albums, zonder welke vorm van tegendruk van de omgeving dan ook. Met die gedachten kan ik weer met een gerust hart de oude en de herdrukken oppakken en genieten van wat Hergé ooit voor miljoenen lezers maakte; leuke verhalen met vaak een bijzondere knipoog.

Met dank aan Rob van Eijck die de drie laatste illustraties aanleverde en de daarbij horende informatie. (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Eerder publiceerde hij een Uitglijer over Guus Slim: Kamerlid Piemel, Hergé, Suske en Wiske: De Tartaarse helm, Tintin: Le Sceptre d'Ottokar, Schanulleke (Suske en Wiske), Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2), Suske en Wiske: De Ringelingschat, Uitglijers met dubbele betekenissen?, Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergen, Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro, De Uitglijers van Eddy Paape, Dan Cooper, De Tartaarse helm (Jeugd Revue), Majesteitelijke Uitglijer, Fournier, Suske en Wiske en Dick Bos, Foute teksten bij onze wereldvermaarde held, Rik overleeft de kogels (Rik Ringers), Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke), Jansen is de naam (Kuifje) en Magda van Tilburg.

03 januari 2018

Nieuwjaarskaarten - René Follet, Mark Schilders, Aimée de Jongh en Margreet de Heer

De Belgische striptekenaar en illustrator René Follet (Steven Severijn, Edmund Bell, Ikar, De Zingari, Ivan Zoerin) stuurde mij deze kaart als nieuwjaarswens. Sinds 2006 (het jaar waarin ik hem schriftelijk interviewde voor Stripschrift) sturen we elkaar ieder jaar een kerstkaart.

Het figuurtje Harry siert de filosofische nieuwjaarswens van striptekenaar en illustrator Mark Schilders (Mark Retera Ensemble als tekenaar en gagman voor Dirkjan, losse strips voor diverse publicaties o.a. de bladen Incognito en Iris). Kijk op zijn website http://open-hartigheid.nl
De nieuwjaarswens van striptekenaar, illustrator en animator Aimée de Jongh (Snippers, De terugkeer van de wespendief)
Margreet de Heer (Filosofie in Beeld, Religie in Beeld, Wetenschappen in Beeld, Liefde in Beeld) tekende haarzelf en haar man Yiri T. Kohl in een oer-Hollandse setting. In 2017 werd zij verkozen tot Stripmaker des Vaderlands.

02 januari 2018

Nieuwjaarskaarten - Wilbert van der Steen, Marq van Broekhoven, Berend Vonk en Dick Matena

(een dag te laat maar niettemin...)
Gelukkig Nieuwjaar! Happy New Year! Bonne Année! Feliz Año Nuevo! Feliz Ano Novo!

En om 2018 op gepaste wijze in te luiden zijn hier nog eens een viertal nieuwjaarskaarten door striptekenaars gemaakt en gepost op Facebook.
De kleurrijke nieuwjaarswens van striptekenaar en illustrator Wilbert van der Steen (Ayak + Por, Suske en Wiske). Zijn beeldroman Zon won eind vorig jaar de Willy Vandersteenprijs 2017, de prijs voor het beste Nederlandstalige stripalbum van het jaar.

Marq van Broekhoven (Peer de Plintkabouter, Jodocus de Barbaar, Marq Denkt, Bubbels)  tekende zichzelf, zijn gezin en twee katten op zijn mooie grafische nieuwjaarswens.
Cartoonist, illustrator en striptekenaar Berend Vonk (In de val, Jeanette, Avonturen, avonturen). Iedere week tekent hij voor Dagblad Trouw en Dagblad De Limburger.


Een vrolijke nieuwjaarswens van Tess en Timmy, de nieuwe kinderboekenserie van schrijfster Nelleke de Boorder (Sammie en Nele) en striptekenaar Dick Matena die de mooie illustraties maakt.