16 november 2019

Cross Comix Festival 2019 met Wilbert Plijnaar


De vierde editie van het Cross Comix Festival is sinds een paar dagen in volle gang. Op zondag 17 november vindt de grote afsluiter plaats in Theater Rotterdam waar je kunt genieten van de wondere wereld van het stripverhaal oftewel de 9e Kunst, absurdisme, visual storytelling en beeldcultuur. Toonaangevende beeldmakers en -denkers, auteurs, storytellers, kunstenaars en musici zullen er garant staan voor inspirerende crossovers.

In de schouwburg wordt het één groot stripfeest, belooft de organisatie. ,,Ook de niet-striplezer zal het er prima naar zijn zin hebben, zeker als je visueel bent ingesteld en je niet vies bent van een grap. De hele setting is met een knipoog. Er is kunst, muziek, lekker eten en je gaat lachend naar huis. Zelfs de band, Les Robots, lijkt zo te zijn weggelopen uit een strip.” (bron: AD.nl, 13 nov. 2019)

Op zondag staan een aantal internationaal bekende stripauteurs centraal: Posy Simmonds (Gemma Bovery, Tamara Drewe) en Wilbert Plijnaar (Sjors en Sjimmie, Claire, story artist Disney) treden het publiek tegemoet met interviews op het podium, presentaties en signeersessies. Om 15.30 uur geeft het Vlaamse icoon Kamagurka een humorcollege, oftewel absurdisme ten top.


Wilbert Plijnaar komt speciaal voor het festival over uit Amerika waar hij sinds 1995 woont en vanuit LA gewerkt heeft als story artist voor alle grote animatiestudio's. Vanaf 17.00 uur is de boekpresentatie van 'Wilbert Plijnaar, Rotterdammer in Hollywood' geschreven door collega Peter 'Sigmund' de Wit. Beide heren worden op het podium geïnterviewd en gaan in gesprek over hun gedeelde passie voor spitsvondige teksten, het verkennen van grenzen en een strakke tekenstijl. En over de Amerikaanse droom. Direct na afloop signeren Plijnaar en De Wit de  gloednieuwe biografie in de foyer van Theater Rotterdam.

Info en tickets: crosscomix.nl

13 november 2019

Jesse van Muylwijck signeert De Rechter bij Scheltema


Op zaterdag 16 november signeert Jesse van Muylwijck zijn nieuwste boek van De Rechter, 'Kopzorgen en Hoofdzaken' bij boekhandel Scheltema in Amsterdam, van 15:00-17:00 uur. Ook zijn eerder verschenen Engelstalige boek The Judge, a Touch of Dutch ligt daar klaar om voorzien te worden van een handtekening en tekening. Jesse zal ook met plezier je vragen beantwoorden.

Een uitgelezen kans dus om de bedenker van de De Rechter te ontmoeten voordat hij weer terugvliegt naar zijn thuisbasis in Canada. Deze signeersessie is ook zijn enige dit jaar in Nederland. Jesse van Muylwijck liet ons alvast weten dat hij volgend jaar weer van de partij is bij de Stripdagen Haarlem.

Adres: Scheltema, Rokin 9, 1012 KK Amsterdam.

Meer info: www.scheltema.nl/evenementen/signeersessies/stripmiddag-met-de-rechter

31 oktober 2019

Kuifje - Uitglijers in zwart-wit edities van Amerika en Verre Oriënt

Exotische wapens

Hergé is door het naar hem genoemde genootschap al menig keer op de vingers getikt vanwege Uitglijers of frappantere zaken in zijn werk. Ook bij Incognito Comics fietste er in die zin al eens wat voorbij. Dat is echter nog niet het einde van de 'ontdekkingen'. In een heruitgave van Tintin en Amérique uit 1941, dat grafisch als een topalbum in de oude zwart-wit reeks kan worden gezien, is er een slip of the drawingpen te vinden. Wat is het geval?
Hergé heeft zich altijd geïnteresseerd voor vreemde culturen en gebruiken en dat komt ook tot uitdrukking in dit album dat hij op 22-jarige leeftijd tekende. Hier introduceerde hij de boemerang. Vrijwel in het begin van het verhaal wordt dit, vermoedelijk voor velen in die tijd dat het verhaal verscheen, vreemde voorwerp van stal gehaald als wapen. Het werphout of jachthout werd op een enkele uitzondering na niet werkelijk voor de jacht gebruikt. Vanwege de beperkte mogelijkheden is de boemerang niet effectief en dat geldt ook in het gebruik voor gangsters, maar daar trekt Hergé zich niets van aan. In het tweede kader hieronder is te zien dat de werper een correcte werphouding aanneemt om het exotische voorwerp te gooien. Hoewel hij erg dicht bij de boom lijkt te staan, wat de zwaai van de arm kan belemmeren. Maar goed, verder lijkt het iemand te zijn die weet van de hoed en de rand aan de stand van de hand te zien, of in dit geval weet hij van de pet en de klep.

De boemerang is zowat geworpen. (uit Tintin en Amérique, 1941)

De worp zien we niet en dus kunnen we niet zeggen of die verder correct wordt uitgevoerd. Het resultaat is wel meteen te zien; die boemerang raakt de ontvoerde chauffeur die op het punt staat een bekentenis af te leggen. De klap is zo hard dat de man neervalt. Op Wikipedia is te lezen dat de boemerang niet gevaarlijk is… nou dan moet je dit bendelid maar niet tegenkomen. Als je een bepaald punt op het hoofd raakt met zo'n ding lijkt het mij dat er een kans is dat je toch even het heden verlaat om pas in de toekomst terug te keren, zeker wanneer het werphout van een wat zwaardere kwaliteit is. Theoretisch zou dat hier het geval kunnen zijn.

De theoretische mogelijkheid van de boemerang als wapen. 

Met wat goede wil kun je dit een Uitglijer noemen, maar we doelen op iets anders. Van dit 'wapen' is bekend dat het terugkeert naar de werper, mits goed gegooid… en zonder iets geraakt te hebben! Hier is echter sprake van een gevalletje van de klok en de klepel. Door de vorm en de unieke rand gaat het werphout in een lift en zal al cirkelend een bocht maken om ongeveer in de richting van de eigenaar terug te komen. Als het dus iets raakt, zoals hier, is het gedaan met de cirkelende beweging en van lift is al helemaal geen sprake meer. Het kan gewoon niet op eigen kracht terugkomen. Een Uitglijer dus, maar de vrijheid van het stripverhaal maakt het tot een effectief en gevaarlijk wapen… dat weer wel. Thuis maar niet proberen.

Blij met een Uitglijer

Meer vreemds is er te vinden in de Les Cigares du pharaon uitgave uit 1938. Na vele uitputtende avonturen komt Kuifje/Tintin bij een sjeik terecht die blij is met zo'n beroemde gast. Bij vertrek biedt hij de held dan ook wapens, een paard en meer goeds aan. Kuifje staat in de stijgbeugels klaar om op het beest te gaan zitten, maar dat zal niet erg goed gaan.

Met het verkeerde been.(uit Les Cigares du pharaon, 1938)
Voor het plaatje staat hij parmantig klaar maar zal, als hij zich omhoog hijst, achterstevoren op het paard terechtkomen. Of hij moet de amazonezit prefereren, maar dat is niet het geval. Hij heeft gewoon de verkeerde voet in de stijgbeugel gezet. Gelukkig zit hij op het volgende plaatje op de juiste manier op het paard en niet zoals Dik Trom achterstevoren (die was vermoedelijk wel zo opgestapt). Dat zou niet alleen een deconfiture van de held zijn geweest, maar het had wel een Uitglijer voorkomen. In dit geval blij met een Uitglijer… stel je voor dat Kuifje achterstevoren was gaan paardrijden. We moeten er niet aan denken. Gelukkig was Hergé getipt of hij zag zelf zijn fout in want in de kleurenversie is het een en ander goed hersteld. Ode aan de meester zou ik dan zeggen. (HvK)

Een stuk comfortabeler voor de tekenaar om het maar zonder opstap' te doen in de kleurenversie.

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim)Uitglijer Sirius door albumuitgave en De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin) en Jerry en Valentin glijen uit (Jerry Spring en Kuifje).

28 oktober 2019

Aloys Oosterwijk - Bij de Neus


Aloys Oosterwijk, bekend van Cor Morelli en Willems Wereld is naast een begenadigd stripauteur ook een uitstekende rechtbanktekenaar. Bij Uitgeverij L verschijnt volgende week Bij de Neus een getekende documentaire over het Holleeder-proces dat Aloys maakte samen met Vico Olling en Sjerp Jaarsma. Hierin brengt hij het Holleeder-proces in beeld aan de hand van zo’n 300 tekeningen. Aangevuld met illustraties van de liquidaties en andere belangrijke momenten die in het proces aan bod kwamen heeft dit een indrukwekkend beeld document opgeleverd. 


De presentatie van dit nieuwe boek is op 5 november om 14.00 uur in boekhandel Donner te Rotterdam, in aanwezigheid van de auteurs en gevolgd door een signeersessie. Wil je er bij zijn, stuur dan voor 4 november een mail naar Uitgeverij L. Voor iedereen die zich heeft aangemeld is er een exclusieve Holleeder-prent beschikbaar, getekend door Aloys Oosterwijk.

06 oktober 2019

StripGlossy 14 - Interview Achdé

Achdé poserend in Amsterdam, mei 2019 (Foto: Peter Beemsterboer)

In StripGlossy #14 (sept. 2019) staat van mij een interview met Achdé, de tekenaar van Lucky Luke en Kid Lucky. In het 7-pagina artikel vertelt de Fransman openhartig over zijn wonderbaarlijke stripcarrière, zijn helden Morris en Uderzo en de strip die zijn leven zo veranderd heeft.

Peter Beemsterboer maakte de mooie foto's. Hierboven een voorproefje.

StripGlossy #14 staat in het teken van 60 jaar Asterix waarvoor Peter de Wit een speciale cover tekende. Het nummer ligt in alle tijdschriftenwinkels en is ook te bestellen via de website van StripGlossy.



26 september 2019

Simon van de rivier – Boek 3

In 2015 en 2016 werden de Simon van de rivier verhalen van Claude Auclair opnieuw uitgebracht in drie integrale boeken bij uitgeverij Sherpa. De eerste cyclus met zes verhalen verscheen in boek 1 en 2 (zie deze recensie). Hier volgt de verlate recensie van boek 3 met de verhalen uit de tweede Simon cyclus.


Nadat Auclair de eerste Simon cyclus had afgerond krijgt hij de kans om langere stripverhalen te maken voor een meer volwassen publiek. Hij zal een van de voornaamste auteurs worden van het Franse maandblad (A Suivre) waarvan ook een Nederlandstalige versie verschijnt: Wordt Vervolgd. Auclair begint met het keltische epos Bran Ruz (Casterman, 1981) waar hij voor het scenario samenwerkt met Alain Deschamps. Hoe beide auteurs dan weer uiterst pijnlijk gebrouilleerd raken lezen we in het uitgebreide dossier in boek 3, geschreven door de Franse stripkenner Patrick Gaumer. Voor zijn volgende beeldroman, Een stem die van nergens komt (Casterman, 1984) kreeg Auclair het scenario van cineast François Migeat. Daarna krijgt hij eindelijk weer zin om Simon van de rivier nieuw leven blazen, de reeks die sinds 1978 in de ijskast stond.

Simon en Emeline prent bij Boek 3 (Sherpa, 2016)

De tweede Simon cyclus zal heel anders van toon zijn, meer intellectueel en psychologisch. Auclair was in de voorbije jaren als stripmaker enorm gegroeid, maar ook als mens had hij grote veranderingen doorgemaakt. Het postnucleaire element van de eerste verhalen was naar zijn gevoel uitgemolken en bovendien erg gedateerd. De pessimistische sfeer van de eerste cyclus behoorde tot het verleden. Hij had nieuwe ideeën die hij graag met de Simon reeks wilde uitwerken maar waarin de held niet meer zo centraal zou staan als voorheen. En opnieuw had hij behoefte om samen te werken met een scenarist. Die vind hij in Alain Riondet, een avonturier die zijn grote belangstelling voor natuurfilosofie en Keltische mythologie deelde.

Tussen 1983 en 1986 maken Auclair en Riondet drie nieuwe Simon verhalen waarvan het derde een tweeluik is. Een voorpublicatie in het weekblad Kuifje komt er deze keer niet. Le Lombard weet zich in feite geen raad met de nieuwe cyclus, die zij wat al te ontoegankelijk vinden voor de jeugdige lezers van Kuifje. De verhalen blijven jarenlang in de la liggen. In 1988 en 1989 worden de vier albums dan eindelijk uitgegeven. Wel maakt Simon in 1985 een bescheiden comeback met een pagina voor een kettingstrip in Kuifje. Een jaar later volgt nog een tweepaginastrip ter gelegenheid van de 40e verjaardag van het blad. En zo maken we kennis met het gezin van Simon op zijn zeilboot.

Auclair laat Simon terugkeren in Kuifje nr. 46, 1985 met zijn bijdrage voor de kettingstrip De geheimzinnige, heroïsche belevenissen van de ruimte-agent

In hun eerste verhaal voor de nieuwe Simon cyclus, De opwekker (eerder vertaald als De opwekkende kracht) verwijzen Auclair en Riondet volop naar wijsheden en mythes. De filosofische sfeer wordt meteen neergezet met een spreuk uit de I-Tjing, het Boek der veranderingen. Opmerkelijk is dat Simon bijna niet voorkomt in het verhaal. In plaats daarvan volgen we de dooltocht van West die op zoek is naar een vrouw, die letterlijk zijn wederhelft vormt. Het is ook een terugkerend thema in de verhalen van Auclair: de man en de vrouw zijn ieder afzonderlijk onvolmaakt, en alleen samen kunnen zij de harmonie vinden die hun bestaan in evenwicht brengt. We komen terecht in een andere, poëtische werkelijkheid met veel symboliek.

Originele pagina's 45 en 46 van De opwekker

Simon, Emeline en hun twee kinderen duiken pas aan het eind op. Zij zijn ook degenen aan wie de man zijn verhaal verteld had. Hij blijkt verbonden te zijn met Naïg, de oudste dochter van Simon (zie de platen hierboven). Niet toevallig lijkt zij sprekend op Auclairs eigen dochter Sarah. Het dossier onthult dat de auteurs het leuk vonden om te spelen met de overeenkomsten van Simons gezin en dat van Auclair. In het echte leven bouwt hij een boot en wil hij met zijn gezin op reis gaan. Net als zijn personage.

In De wegen van het Ogham (voorheen De weg van het Ogam) draait het verhaal weer om Simon. Al op de eerste pagina's maken we de held mee zoals we hem nog niet eerder zagen: boos, wanhopig en gevangen in een identiteitscrisis, die hij afreageert op Emeline en Naïg. De wijze woorden van het meisje maken iets los in Simon, die zich verwijdert van zijn gezin en vervolgens terechtkomt in een visioen. Hij keert terug naar de rivier, waar hij letterlijk kopje ondergaat om vervolgens te belanden in een droomachtige toestand. Auclair en Riondet laten Simon een bijzondere reis afleggen met verwijzingen naar de Keltische mythologie. Ook de interpretaties van Bachelard en Jung spelen een centrale rol.

Originele pagina 42 van De wegen van het Ogham waarin Simon zijn vader weer terugziet.

Onderweg heeft hij een reeks vreemde ontmoetingen waarin steeds een vrouw verschijnt die hem troost, zonder te weten wie zij is. Dat mysterie wordt aan het eind van het verhaal onthult wanneer Simon een emotioneel weerzien heeft met zijn vader. Dit is Auclair zelf maar dan ouder. Simons reis is voorbij en hij kan zich weer herenigen met Emeline en hun twee dochters Naïg en Lio.

De introspectieve tocht die Simon maakt is niet zomaar verzonnen. In de eerste twee delen zijn we in feite getuige van de persoonlijke reis die Auclair zelf ondervond, met Simon als zijn spreekbuis. Daarbij vond hij het interessant om het spel van waarheid en droom te gebruiken. Was de vorige cyclus een droom, of droomt de oude Simon de nieuwe cyclus? De vele verwijzingen naar wijsheden en mythes kan soms iets te overdadig overkomen. Maar toch geeft het ook heel mooi de persoonlijke groei weer van Auclair, die in Riondet een gelijkgestemde geest had gevonden.

Mevrouw, Pierre, Simon en Emeline in Schipbreuk 2, originele pagina 16.

Voor het tweeluik Schipbreuk kozen Auclair en Riondet voor een meer toegankelijke beeldroman vertelling. In dit psychologische verhaal komt Simon met zijn gezin terecht bij een geïsoleerde vissersgemeenschap aan de Atlantische kust, dat met ijzeren hand wordt geleid door Mevrouw. Haar opzichter Patrick ‘Grote Hond’ heeft duidelijk gevoelens voor haar, die ze keer op keer afwijst. Ooit is ze door haar man in de steek gelaten voor een andere liefde en dat heeft haar verbitterd en hard gemaakt. Ze heeft een jong volwassen zoon, Pierre, die ze afschermt van andere vrouwen met een verstikkende hartstocht. Toch zoekt hij toenadering: eerst tot Emeline en later tot het meisje Sarah. Simon en Emeline dragen ieder hun steentje bij aan de gemeenschap en worden gewaardeerd. Maar de beklemmende sfeer doet hun vermoeden dat er iets niet klopt. In het tweede deel wordt de tragische familievete ontvouwt die deze gemeenschap al zo lang verscheurd heeft. Op het eind volgt de onvermijdelijke climax waarbij ook Simon een rol speelt en Grote Hond het ultieme offer brengt. De weg is vrij voor Pierre om zijn moeder te ontvluchten en ervandoor te gaan met zijn nieuwe liefde Sarah. En zo besluiten Auclair en Riondet de tweede Simon cyclus met een positieve boodschap.

Het tekenwerk van Auclair is zoals de platen laten zien van een ouderwets hoog niveau. De vier verhalen leveren samen met het 40 pagina's tellende dossier een extra dik boek op dat weer mooi verzorgd is door uitgeverij Sherpa. Een must have. (RS)

Auclair & Riondet - Simon van de rivier (integraal)
- Boek 3 (2016) met: De opwekker, De wegen van het Ogham, Schipbreuk deel 1 + deel 2 - 240 pagina’s, € 39,95

Te bestellen bij Uitgeverij Sherpa.

Fansite: www.claude_auclair.hjschumacher.nl

23 september 2019

Impressie Stripfestival Breda 2019 - 2

Przemyslaw Klosin signeert bij de Eppo stand het tweede Jylland album, Dode macht. Naast hem zitten Fred de Heij (Haas, De Kaart, Safehaven) en Martin Lodewijk (Agent 327).

Foto's van het Stripfestival Breda 2019 in het Chassé Theater met de stripauteurs Przemyslaw Klosin, Fred de Heij, Martin Lodewijk, Daan Jippes, Gerard Leever, Mark Retera, Remco Polman, Jan Vriends en IJsbrand Oost. Alle foto's zijn gemaakt door Erwin Suvaal op zondag 15 september 2019.

Martin Lodewijk, de Godfather van de Nederlandse strip vierde in april zijn 80ste verjaardag. Hij signeerde beide dagen bij Eppo.
Daan Jippes / Danier was ook weer van de partij. Zijn twee Havank verhalen kregen eerder dit jaar een Franse integrale uitgave met vele extra's bij Editions Black and White 
Gerard Leever signeerde in Breda o.a. zijn Suus & Sas albums.
De uitbundige Dirkjan stand van Mark Retera was niet te missen!

Remco Polman, tekenaar van de ridderstrip Floris van Dendermonde signeerde beide dagen bij Eppo. 

Jan Vriends signeert zijn Roos Vink boek bij uitgeverij Syndikaat. Eind dit jaar verschijnt daar Roos Vink 2. 

IJsbrand Oost met het album over de totstandkoming van het Max Miller verhaal De Orde van de Blauwe SteenTijdens het festival werd zijn nieuwste boek gepresenteerd, ‘Op de tekentafel van IJsbrand Oost: 2015-2016’. 

22 september 2019

Impressie Stripfestival Breda 2019 - 1

Romano Molenaar verwelkomt een nieuwe Storm fan met een Roodhaar tekening.

Afgelopen weekend, op 14 en 15 september werd weer het jaarlijkse Stripfestival Breda gehouden in het Chassé Theater. Zelf was ik er alleen op zaterdag, met name voor interviews die ik na de beurs heb kunnen afnemen met twee Franse striptekenaars voor de Boekenkast-rubriek in Eppo.

Henk Kuijpers werkt geconcentreerd aan een Franka tekening (© Foto: Erwin Suvaal)
Foto's van het festival heb ik deze keer niet gemaakt maar gelukkig hebben andere festivalbezoekers hun beelden gedeeld op Facebook. Daar heb ik deze eerste foto-impressie uit samengesteld, met de stripauteurs Romano Molenaar, Henk Kuijpers, Martin Lodewijk, Hans van Oudenaarden, Petar Meseldžija en Olivier Schwartz, een van de buitenlandse hoofdgasten wiens komst mogelijk werd gemaakt door de Vrienden van Stripfestival Breda.

Martin Lodewijk signeert zijn nieuwste Agent 327 integrale, deel 4 (Foto © Wim Kieffer)
Hans van Oudenaarden van de stripreeks Rhonda (Foto © Erwin Suvaal

Petar Meseldžija met zijn tekening voor Rolf Kruger (Foto © ComiX-Photographer)
Olivier Schwartz is in Nederland bekend van zijn delen in de reeks Robbedoes door... (Foto © Erwin Suvaal)

12 september 2019

Tiende editie Stripfeest Brussel - 13 tot 15 sept.

François Schuiten tekende het affiche met Blake en Mortimer.

Al sinds het begin van vorige eeuw is België het stripland bij uitstek. Heel wat tekenaars en scenarioschrijvers uit Brussel en de rest van het land genieten een internationale uitstraling. Het Stripfeest is al vanaf de eerste editie in 2010 een niet te missen afspraak voor iedereen die van strips houdt. Of het nu gaat om liefhebbers of specialisten, jong of oud. Elk jaar kan het Stripfeest rekenen op meer dan 100.000 bezoekers en zo’n 300 auteurs.

Ook tijdens de tiende editie zijn er weer heel wat activiteiten met signeersessies, de Balloon’s Day Parade, exposities en veel meer. Van 13 tot 15 september vindt het Stripfeest niet alleen in het Warandepark plaats, het neemt ook zijn intrek in het prestigieuze Paleis voor Schone Kunsten in Brussel, BOZAR. De twee unieke locaties zijn complementair aan elkaar en bieden het Stripfestival extra mogelijkheden. De festivalgangers kunnen er vrij rondlopen, deelnemen aan de vele gratis activiteiten en kennismaken met de nieuwigheden op het festival.
Dit jaar staan er honderden signeersessies, vertoningen van tekenfilms in avant-première, tentoonstellingen en ontmoetingen met beroepstekenaars op het programma. Voor de derde keer worden ook de Atomiumprijzen uitgereikt. Dat gebeurt tijdens een gala-avond. Er wordt niet minder dan 90.000 euro aan prijzengeld uitgedeeld aan de beste stripverhalen van het voorbije jaar.


Tijdens het Stripfeest leeft heel Brussel mee op het ritme van het stripverhaal. Er zijn gratis wandelingen langs de stripmuren in Brussel en heel wat organisaties van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bieden animaties aan rond de negende kunst. Van 13 tot 15 september 2019 ontsnap je niet aan de strip in Brussel.

Kijk voor alle info op: stripfeest.brussels/stripfeest 

31 augustus 2019

Peter de Wit maakt boek over Wilbert Plijnaar


Stripmaker Peter de Wit (Sigmund, S1ngle) maakt een boek gemaakt over de carrière van zijn collega Wilbert Plijnaar (Sjors en Sjimmie, Claire) die hij eind jaren 70 leerde kennen bij het stripblad Eppo. In november verschijnt de exclusieve uitgave Wilbert Plijnaar, Rotterdammer in Hollywood. Naast een uitgebreid dossier over deze stripmaker, scenarist, ideeënman, illustrator en story artist bevat dit artbook de hilarische strips Koen Kalkoen en Ko en Oom Jo uit de Eppo. Daarnaast zijn de bijdragen aan Donald Duck en Pep opgenomen en bevat het een ruim overzicht van zijn stijlvolle oeuvre als illustrator.

Wilbert Plijnaar is sinds 1995 woonachtig in Hollywood en heeft de afgelopen 25 jaar als story artist aan succesvolle animatiefilms als Ice Age, Shrek en Despicable Me zijn naam verbonden. Deze periode krijgt in deze uitgave ruim aandacht in tekst en beeld. Het boek verschijnt in hardcover met circa 240 pagina’s in kleur, formaat 260 x 240 mm liggend en genaaid gebonden.

Wilbert Plijnaar, Rotterdammer in Hollywood zal verschijnen in een beperkte oplage. Om zeker te zijn van een exemplaar kun je nu alvast bestellen. Maak € 52,50 (boek plus verzendkosten) over op bankrekening NL 38 INGB 00048542 83 t.n.v. Peter de Wit-Strips o.v.v. Wilbertboek. Rond half november wordt het boek gestuurd naar het door jou opgegeven adres.

Je kunt ook je bestelling afhalen bij de stand van Peter de Wit tijdens het Cross Comix festival in Rotterdam op zondag 17 november 2019. In dat geval maak je € 45,- euro over en ontvang je ter plekke een door Wilbert Plijnaar gesigneerd exemplaar.
Attentie: Een toegangskaartje voor het Cross Comix festival kost € 17,50. Wellicht is dat wat prijzig om een boek af te halen. Je kunt in dat geval ook € 52,50 overmaken, dan wordt het boek over Wilbert Plijnaar gesigneerd thuisgestuurd.

30 augustus 2019

Vijfde Undertaker van start in Eppo


In Eppo stripblad nr. 17 is het vijfde Undertaker deel van start gegaan, De witte indiaan. De redactie kreeg deze topstrip van Ralph Meyer (tekeningen) en Xavier Dorison (scenario) geheel onverwacht in de mailbox en besloot om de geplande westernachtige strip Nevada van Colin Wilson on hold te zetten. Die verschijnt binnenkort ook, staat in de Eppo Update. Maar nu eerst genieten van de nieuwe Undertaker dat naar mijn mening een van de beste westernstrips van dit moment is.

Eppo nr. 17 ligt tot 5 september in de winkels en is ook te bestellen via de Eppo site.

Ralph Meyer's cover voor het aanstaande Undertaker album (en nu ook Eppo nr. 17) is subliem. 

23 augustus 2019

Jerry en Valentin glijen uit

We lezen het album Mijn vriend Red / De eenzame wolf van Jijé (Joseph Gilain 1914-1980) uitgegeven door Dupuis in 1965. Hier wordt een indiaan beschuldigd van moord en men wil de man ophangen. Om met Koot en Bie te spreken; gewone usance.

Hoe geel kan een 'rode' zijn?

Jerry Spring die als marshall optreedt voorkomt dit. Om aan te duiden dat we hier met racisme te maken hebben in het oude goede Amerika, krijgt de indiaan het etiket 'gele' opgedrukt. En ook 'hond' om de afwijzing van dit ras nog sterker te maken. Hm. Die kleuraanduiding is opmerkelijk. Jacobs heeft ons gewezen op de bijnaam 'gelen' als het gaat om oost-Aziatische typen zoals uit de eerste twee albums van Blake en Mortimer is te leren (Het geheim van de Zwaardvis 1 en 2). Nu is het de vraag of een Aziaat echt zo geel is dat hij als dusdanig kan worden geduid. Maar dat geldt ook voor een indiaan die doorgaans als rood wordt geëtiketteerd. De kleuren zijn in mijn herinneringen te uitgesproken om die op een mens te plakken. Dat is goed door te trekken want in de voormalige kolonie van Nederland, Nederlands Indië nu Indonesië, werden bepaalde groepen weggezet als blauwen. Er zijn diverse verklaringen voor, maar het is uiteindelijk een scheldnaam geworden. Blauw van huidskleur zijn ze niet, net zo min als een Japanner geel is en een indiaan rood. Enfin. What's in the colour.

 Wat Jacobs betreft wordt de Japanner bij het gele ras ingedeeld 

Kan de indiaan dan een soort Aziaat zijn, of op zijn minst er vanaf stammen dan wel iets gemeenschappelijks hebben in het DNA dat 'geel' rechtvaardigt? Dat is wel lange tijd gedacht, maar genen-onderzoek heeft aangetoond dat de Amerikaanse indiaan sterke verwantschappen heeft met Europese groepen waaronder de Basken die na de ijstijd zich, al mengend met andere stammen en volkeren, verder trokken. Uiteindelijk ging die mix de Beringstraat over die toen droog was gevallen en kwam zo in Amerika terecht. Daar ontwikkelde de mens zich steeds verder als wat we nu zien als indiaan. Ook in dat licht is de kleur door Jijé dus volstrekt verkeerd gekozen. En de vertaler is nogal trouw geweest toen hij deze ballon vertaalde, want in het Frans staat er 'on va brancher ce chien jaune sur l'heure'. Jaune is onbetwist geel. Maarrr... een vriend van mij gaf de suggestie dat het Franse geel hetzelfde zou kunnen betekenen als het Engelse geel, namelijk laf. Dan zou een gele hond eigenlijk vertaald moeten worden als laffe hond. Vertaalbureaus gebeld... maar nee, ce chien jaune is geen laffe hond... jammer. En zo is geel voor een Indiaan blijvend onbetwist én wetenschappelijk bewezen een Uitglijer, zij het een kleine.

Kuifje als hoezenpoes

Dan toch nog even Kuifje met iets wonderlijks. Dit is ontleend aan een artikel in het stripinformatieblad Striprofiel nummer 49 uit 1984. Daarin staat het opvallende verschijnsel dat opzet verraadt. Kuifje krijgt op bladzijde 10 van De juwelen van Bianca Castafiore (1e druk, 1963) een vinylplaat van Bianca Castafiore aangeboden; de Juwelenaria in de opera Faust. Dat Faust staat nogal pontificaal op de hoes.

 De gewraakte scène
Niets bijzonders natuurlijk en aardig van de zangeres om die plaat te schenken, maar in een aantal opvolgende edities van het album is de naam Faust (opera van Gounod) weggelaten zonder enige reden. In het tekstballonnetje een kadertje later wordt de titel van de plaat ook gewoon 'gedacht' door Kuifje. Dus snijdt het weglaten op de hoes geen hout. Er zit geen copyright op etc... dus het kan niet anders of het is doelbewust zo gedaan.

Een naamloos geval

Achterop de hoes van de plaat zien we eveneens dat de titel is weggelaten. Dat riekt naar opzet. Verwarring zaaien in de wereld van de strip. Dat is het. Casterman bezondigt zich er aan zoals meerdere uitgeverijen. In latere edities is Faust gewoon weer terug op zijn oorspronkelijke plek. Raadsel alom. Maar de Uitglijer zal niet de Uitglijer zijn als er geen nieuwe ontdekking ingebracht kan worden. In veel latere, zeg maar huidige, uitgaven staat er heel iets anders op de hoes; namelijk Margaretha. Dit is Bianca Castafiore's artiestennaam in die opera. Het waarom van het ineens hanteren van díe naam is even onduidelijk.

Van Faust naar Niks en weer naar Faust en dan naar Margaretha

Ik ben benieuwd of er nog meer varianten te vinden zijn op dit thema... meld dit s.v.p. Vooralsnog beperkt het zich tot deze drie wisselingen.
Die dwaalsporen zijn in Hergé zijn creaties niet vreemd. Het staat stijf van dergelijke grappen en grollen. Dat geldt ook voor de naam van de held in het Frans. In dezelfde uitgave van Striprofiel haalt Hergé de schouders op over de onmogelijk naam van onze held, Tintin, die in het dagelijks leven niet voor komt. "Het is gewoon een naam", antwoordt de maker op de vaak herhaalde vraag. Het heeft ook geen betekenis... gewoon ontsproten aan de brein, schetste Hergé steeds. Nu blijkt met wat speurwerk van de Striprofiel redactie dat Tintin een verkleining is van Valentin. En er is zelfs de vrouwelijke variant Tintine, ofwel Ernestine verkleind. Uit het niet beantwoorden van de herhaalde, en blijkbaar antwoordloze vraag blijkt dat Hergé graag rookgordijnen optrok. Zoals dus ook met die titel van het vinyl, alhoewel Margaretha pas ver na zijn overlijden werd gehanteerd. Grapje van de bewerker van de clichés (zie de fietser in De Tartaarse helm van Suske en Wiske)? Of is dit het verder voeren van dergelijke grappen door de erven?

Frappant is wel dat Jacobs deze geintjes ook flikte in zijn Blake en Mortimers. Zijn na-opvolgers hanteren regelmatig eveneens die 'op het andere been'-zet foutjes (zie de recente Uitglijer van de Vallei der onsterfelijken). We moeten niet vergeten dat Jacobs een van de meest belangrijke medewerkers is geweest van Hergé en zeg maar rustig bevriend was met hem. Wellicht verzonnen ze samen allerlei Uitglijers en is dat nagevolgd door velen, tot zelfs nu aan toe. In elk geval wordt de oplettende lezer op een verkeerd been gezet, en dat lukt nog steeds erg goed. Wat dankbare stof oplevert voor deze stukjes.

Met excuus voor de zwart/wit illustratie. Die is overgenomen van Striprofiel. Het originele album zonder titel op de hoes is nogal zeldzaam. Vermoedelijk een collectors item en derhalve voor IC onvindbaar.
Met dank aan Menno Barkema van stripwinkel Mevrouw Kern/de Leidse Stripshop voor het zoeken in zijn rijke voorraad 'Juwelen' waardoor de ontdekking 'Margaretha' kon worden gedaan, en aan Willem van Helden die de scène met de 'gele hond' in zijn Franse collectie opzocht. (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim)Uitglijer Sirius door albumuitgave en De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin).

13 augustus 2019

Eppo 16 - De boekenkast van Achdé

Achdé voor een van zijn boekenkasten. © Foto: Valérie Darmenton (2019)

In Eppo nr. 16 staat van mij De boekenkast van... Achdé. De Fransman is de tekenaar van Lucky Luke en de opvolger van Morris sinds zijn dood in 2001. De afgelopen jaren zijn al diverse verhalen van zijn hand in Eppo voorgepubliceerd zoals ook de meest recente, ‘Een cowboy in Parijs’ (scenario: Jul) waarin de eenzame cowboy voor het eerst naar Europa gaat. Zelf schrijft Achdé nog de spin-off Kid Lucky dat ook in Eppo is verschenen. Hij is een echte stripliefhebber. Als favorieten koos hij voor boeken van vier stripauteurs (Morris, Uderzo, Franquin en Herriman) die belangrijk waren tijdens zijn jeugd en hem nog altijd inspiratie geven.

Eppo nummer 16 ligt tot 22 augustus in de winkels en is ook te bestellen via de Eppo site.

Eppo 16, 2019 (cover: Kim Duchateau) met De boekenkast van Achdé.

31 juli 2019

Daan Jippes - Onuitgegeven inhoudspagina, 1971


Wilbert Plijnaar (bekend als coauteur van Sjors en Sjimmie en Claire) heeft de afgelopen maanden een grote schoonmaak gehouden en vond in zijn archieven allerlei bijzondere originelen. Zoals deze inhoudspagina van Daan Jippes die hij in 1971 maakte voor een eenmalig blad met interviews dat Plijnaar wilde maken maar nooit verschenen is. Gelukkig heeft hij, nu hij met pensioen is, de tijd om in Californië (waar hij sinds 1995 woont) allerlei mappen en dozen onder het stof vandaan te halen uit de tijd dat hij nog werkte voor de stripbladen Pep en Eppo. En is hij zo vrijgevig om zijn vondsten te delen op de Facebookpagina De Jaren Eppo.

Eerder plaatste ik een Agent 327 tekening van Martin Lodewijk (en met hemzelf) dat ook bedoeld was voor Wilberts blad met interviews van allerlei stripauteurs. Welke dat geweest zouden zijn lees je in de balloen van Jippes' tekening. Ik noemde het op De Jaren Eppo 'een pareltje'. En Plijnaars reactie daarop was: "Dat meesterlijke inktwerk! Elke lijn drukt een ander materiaal uit door middel van het gewicht wat Daan het meegeeft. Wie is er nu nog zo virtuoos?"

28 juli 2019

Joost Swarte - Cover The New Yorker


De Haarlemse illustrator en striptekenaar Joost Swarte (1947) maakt al jarenlang covers voor het toonaangevende Amerikaanse weekblad The New Yorker. Dit is zijn nieuwste, voor de editie van 29 juli 2019. Titel van zijn coverillustratie is: Traveling can ruin dream destinations.

Op de site van The New Yorker staat ook een interview met Swarte door Françoise Mouly, vergezelt met schetsen die hij maakte tijdens zijn vakantie.

Swarte's eerste schets en een kleurstudie voor de cover (© The New Yorker)

27 juli 2019

Bert van der Meij - Kappie strips

Afgelopen voorjaar had ik weer even mailcontact met illustrator en striptekenaar Bert van der Meij, die ik zo'n 10 jaar geleden leerde kennen toen ik nog veel deed voor Stripster. Deze site was nu ook weer de aanleiding omdat Bert niet meer kon inloggen op StripSter, waar hij al sinds 2011 zijn wekelijkse blog Bert op woensdag op publiceerde. (StripSter dreigde te verdwijnen maar is online gebleven als archief, met nog wel een werkend Forum.)
(Klik op de Kappie afleveringen voor een groter formaat)
In ieder geval, ik kon het niet laten om na al die jaren wat vragen op Bert af te vuren (want je blijft toch journalist) zoals: teken je nog steeds de wekelijkse Kappie strip?
“Yep, het enige, dunne lijntje dat ik nog met strip heb. Straks om tien uur bel ik, zoals ik de laatste zeventien jaar heb gedaan, De Katwijksche Post op om te horen wat er zoal aan nieuws in gaat verschijnen. Vervolgens fiets ik naar een strandtent, lees de Volkskrant en ga dan aan het broeden over een grapje over dat nieuwslijstje dat ik van De Katwijksche Post heb gekregen. Eenmaal gevonden, laat ik de schets nog even liggen, om te kijken of mijn onderbewustzijn nog met wijzigingen komt en dan maak ik hem ergens vandaag, laat hem vanavond 'vertalen' door m'n goede vriend Leendert de Vink (doet hij ook al al die jaren, iedere dinsdagavond), letter hem en stuur hem dan op. Ik ervaar dit als een heerlijk vast punt in de week.”


Inhakend vroeg ik hem in de daaropvolgende mail:
Is het Katwijks dialect zelfs voor een geboren Katwijker als jij te ‘machtig’ om het zelf te doen voor de Kappie-strip? Of is het een dialect wat niet meer zo vaak gesproken wordt, en is Leendert juist daarin een expert?
“Katwijks dialect, en ik vermoed elk dialect, luistert nauw. Anders gezegd: het ligt gevoelig bij de sprekers er van. Doe je het verkeerd, dan voelt het voor een dialectspreker algauw als een persiflage of karikatuur. Daarom is het idee om Leendert, zo'n beetje de autoriteit op het gebied van Katwijks dialect, een gouden greep geweest. Zo is ere geen discussie meer mogelijk over of het nou met een k of met een c moet.”

Ik vroeg als laatste aan Bert of ik een paar Kappie afleveringen op deze blog mocht plaatsen, om te laten zien dat de strip nog steeds bestaat. Of zijn de grappen te veel toegespitst op de Katwijkse actualiteit? En zijn antwoord: “Dat laatste is wel het geval vermoed ik, en dan ook nog in Katwijks dialect. Maar goed, dat stopte Haagse Harry ook niet. Ik sluit de laatste zeven afleveringen bij, dan kun je zelf oordelen.”

En hier zijn ze dan, afl. 808-814 met de laatste vier strips onderaan dit bericht. (Eerder gepubliceerd in maart en april 2019 in De Katwijksche Post.)




Copyright: Bert van der Meij (2019)