23 augustus 2019

Jerry en Valentin glijen uit

We lezen het album Mijn vriend Red / De eenzame wolf van Jijé (Joseph Gilain 1914-1980) uitgegeven door Dupuis in 1965. Hier wordt een indiaan beschuldigd van moord en men wil de man ophangen. Om met Koot en Bie te spreken; gewone usance.

Hoe geel kan een 'rode' zijn?

Jerry Spring die als marshall optreedt voorkomt dit. Om aan te duiden dat we hier met racisme te maken hebben in het oude goede Amerika, krijgt de indiaan het etiket 'gele' opgedrukt. En ook 'hond' om de afwijzing van dit ras nog sterker te maken. Hm. Die kleuraanduiding is opmerkelijk. Jacobs heeft ons gewezen op de bijnaam 'gelen' als het gaat om oost-Aziatische typen zoals uit de eerste twee albums van Blake en Mortimer is te leren (Het geheim van de Zwaardvis 1 en 2). Nu is het de vraag of een Aziaat echt zo geel is dat hij als dusdanig kan worden geduid. Maar dat geldt ook voor een indiaan die doorgaans als rood wordt geëtiketteerd. De kleuren zijn in mijn herinneringen te uitgesproken om die op een mens te plakken. Dat is goed door te trekken want in de voormalige kolonie van Nederland, Nederlands Indië nu Indonesië, werden bepaalde groepen weggezet als blauwen. Er zijn diverse verklaringen voor, maar het is uiteindelijk een scheldnaam geworden. Blauw van huidskleur zijn ze niet, net zo min als een Japanner geel is en een indiaan rood. Enfin. What's in the colour.

 Wat Jacobs betreft wordt de Japanner bij het gele ras ingedeeld 

Kan de indiaan dan een soort Aziaat zijn, of op zijn minst er vanaf stammen dan wel iets gemeenschappelijks hebben in het DNA dat 'geel' rechtvaardigt? Dat is wel lange tijd gedacht, maar genen-onderzoek heeft aangetoond dat de Amerikaanse indiaan sterke verwantschappen heeft met Europese groepen waaronder de Basken die na de ijstijd zich, al mengend met andere stammen en volkeren, verder trokken. Uiteindelijk ging die mix de Beringstraat over die toen droog was gevallen en kwam zo in Amerika terecht. Daar ontwikkelde de mens zich steeds verder als wat we nu zien als indiaan. Ook in dat licht is de kleur door Jijé dus volstrekt verkeerd gekozen. En de vertaler is nogal trouw geweest toen hij deze ballon vertaalde, want in het Frans staat er 'on va brancher ce chien jaune sur l'heure'. Jaune is onbetwist geel. Maarrr... een vriend van mij gaf de suggestie dat het Franse geel hetzelfde zou kunnen betekenen als het Engelse geel, namelijk laf. Dan zou een gele hond eigenlijk vertaald moeten worden als laffe hond. Vertaalbureaus gebeld... maar nee, ce chien jaune is geen laffe hond... jammer. En zo is geel voor een Indiaan blijvend onbetwist én wetenschappelijk bewezen een Uitglijer, zij het een kleine.

Kuifje als hoezenpoes

Dan toch nog even Kuifje met iets wonderlijks. Dit is ontleend aan een artikel in het stripinformatieblad Striprofiel nummer 49 uit 1984. Daarin staat het opvallende verschijnsel dat opzet verraadt. Kuifje krijgt op bladzijde 10 van De juwelen van Bianca Castafiore (1e druk, 1963) een vinylplaat van Bianca Castafiore aangeboden; de Juwelenaria in de opera Faust. Dat Faust staat nogal pontificaal op de hoes.

 De gewraakte scène
Niets bijzonders natuurlijk en aardig van de zangeres om die plaat te schenken, maar in een aantal opvolgende edities van het album is de naam Faust (opera van Gounod) weggelaten zonder enige reden. In het tekstballonnetje een kadertje later wordt de titel van de plaat ook gewoon 'gedacht' door Kuifje. Dus snijdt het weglaten op de hoes geen hout. Er zit geen copyright op etc... dus het kan niet anders of het is doelbewust zo gedaan.

Een naamloos geval

Achterop de hoes van de plaat zien we eveneens dat de titel is weggelaten. Dat riekt naar opzet. Verwarring zaaien in de wereld van de strip. Dat is het. Casterman bezondigt zich er aan zoals meerdere uitgeverijen. In latere edities is Faust gewoon weer terug op zijn oorspronkelijke plek. Raadsel alom. Maar de Uitglijer zal niet de Uitglijer zijn als er geen nieuwe ontdekking ingebracht kan worden. In veel latere, zeg maar huidige, uitgaven staat er heel iets anders op de hoes; namelijk Margaretha. Dit is Bianca Castafiore's artiestennaam in die opera. Het waarom van het ineens hanteren van díe naam is even onduidelijk.

Van Faust naar Niks en weer naar Faust en dan naar Margaretha

Ik ben benieuwd of er nog meer varianten te vinden zijn op dit thema... meld dit s.v.p. Vooralsnog beperkt het zich tot deze drie wisselingen.
Die dwaalsporen zijn in Hergé zijn creaties niet vreemd. Het staat stijf van dergelijke grappen en grollen. Dat geldt ook voor de naam van de held in het Frans. In dezelfde uitgave van Striprofiel haalt Hergé de schouders op over de onmogelijk naam van onze held, Tintin, die in het dagelijks leven niet voor komt. "Het is gewoon een naam", antwoordt de maker op de vaak herhaalde vraag. Het heeft ook geen betekenis... gewoon ontsproten aan de brein, schetste Hergé steeds. Nu blijkt met wat speurwerk van de Striprofiel redactie dat Tintin een verkleining is van Valentin. En er is zelfs de vrouwelijke variant Tintine, ofwel Ernestine verkleind. Uit het niet beantwoorden van de herhaalde, en blijkbaar antwoordloze vraag blijkt dat Hergé graag rookgordijnen optrok. Zoals dus ook met die titel van het vinyl, alhoewel Margaretha pas ver na zijn overlijden werd gehanteerd. Grapje van de bewerker van de clichés (zie de fietser in De Tartaarse helm van Suske en Wiske)? Of is dit het verder voeren van dergelijke grappen door de erven?

Frappant is wel dat Jacobs deze geintjes ook flikte in zijn Blake en Mortimers. Zijn na-opvolgers hanteren regelmatig eveneens die 'op het andere been'-zet foutjes (zie de recente Uitglijer van de Vallei der onsterfelijken). We moeten niet vergeten dat Jacobs een van de meest belangrijke medewerkers is geweest van Hergé en zeg maar rustig bevriend was met hem. Wellicht verzonnen ze samen allerlei Uitglijers en is dat nagevolgd door velen, tot zelfs nu aan toe. In elk geval wordt de oplettende lezer op een verkeerd been gezet, en dat lukt nog steeds erg goed. Wat dankbare stof oplevert voor deze stukjes.

Met excuus voor de zwart/wit illustratie. Die is overgenomen van Striprofiel. Het originele album zonder titel op de hoes is nogal zeldzaam. Vermoedelijk een collectors item en derhalve voor IC onvindbaar.
Met dank aan Menno Barkema van stripwinkel Mevrouw Kern/de Leidse Stripshop voor het zoeken in zijn rijke voorraad 'Juwelen' waardoor de ontdekking 'Margaretha' kon worden gedaan, en aan Willem van Helden die de scène met de 'gele hond' in zijn Franse collectie opzocht. (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim)Uitglijer Sirius door albumuitgave en De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin).

13 augustus 2019

Eppo 16 - De boekenkast van Achdé

Achdé voor een van zijn boekenkasten. © Foto: Valérie Darmenton (2019)

In Eppo nr. 16 staat van mij De boekenkast van... Achdé. De Fransman is de tekenaar van Lucky Luke en de opvolger van Morris sinds zijn dood in 2001. De afgelopen jaren zijn al diverse verhalen van zijn hand in Eppo voorgepubliceerd zoals ook de meest recente, ‘Een cowboy in Parijs’ (scenario: Jul) waarin de eenzame cowboy voor het eerst naar Europa gaat. Zelf schrijft Achdé nog de spin-off Kid Lucky dat ook in Eppo is verschenen. Hij is een echte stripliefhebber. Als favorieten koos hij voor boeken van vier stripauteurs (Morris, Uderzo, Franquin en Herriman) die belangrijk waren tijdens zijn jeugd en hem nog altijd inspiratie geven.

Eppo nummer 16 ligt tot 22 augustus in de winkels en is ook te bestellen via de Eppo site.

Eppo 16, 2019 (cover: Kim Duchateau) met De boekenkast van Achdé.

31 juli 2019

Daan Jippes - Onuitgegeven inhoudspagina, 1971


Wilbert Plijnaar (bekend als coauteur van Sjors en Sjimmie en Claire) heeft de afgelopen maanden een grote schoonmaak gehouden en vond in zijn archieven allerlei bijzondere originelen. Zoals deze inhoudspagina van Daan Jippes die hij in 1971 maakte voor een eenmalig blad met interviews dat Plijnaar wilde maken maar nooit verschenen is. Gelukkig heeft hij, nu hij met pensioen is, de tijd om in Californië (waar hij sinds 1995 woont) allerlei mappen en dozen onder het stof vandaan te halen uit de tijd dat hij nog werkte voor de stripbladen Pep en Eppo. En is hij zo vrijgevig om zijn vondsten te delen op de Facebookpagina De Jaren Eppo.

Eerder plaatste ik een Agent 327 tekening van Martin Lodewijk (en met hemzelf) dat ook bedoeld was voor Wilberts blad met interviews van allerlei stripauteurs. Welke dat geweest zouden zijn lees je in de balloen van Jippes' tekening. Ik noemde het op De Jaren Eppo 'een pareltje'. En Plijnaars reactie daarop was: "Dat meesterlijke inktwerk! Elke lijn drukt een ander materiaal uit door middel van het gewicht wat Daan het meegeeft. Wie is er nu nog zo virtuoos?"

28 juli 2019

Joost Swarte - Cover The New Yorker


De Haarlemse illustrator en striptekenaar Joost Swarte (1947) maakt al jarenlang covers voor het toonaangevende Amerikaanse weekblad The New Yorker. Dit is zijn nieuwste, voor de editie van 29 juli 2019. Titel van zijn coverillustratie is: Traveling can ruin dream destinations.

Op de site van The New Yorker staat ook een interview met Swarte door Françoise Mouly, vergezelt met schetsen die hij maakte tijdens zijn vakantie.

Swarte's eerste schets en een kleurstudie voor de cover (© The New Yorker)

27 juli 2019

Bert van der Meij - Kappie strips

Afgelopen voorjaar had ik weer even mailcontact met illustrator en striptekenaar Bert van der Meij, die ik zo'n 10 jaar geleden leerde kennen toen ik nog veel deed voor Stripster. Deze site was nu ook weer de aanleiding omdat Bert niet meer kon inloggen op StripSter, waar hij al sinds 2011 zijn wekelijkse blog Bert op woensdag op publiceerde. (StripSter dreigde te verdwijnen maar is online gebleven als archief, met nog wel een werkend Forum.)
(Klik op de Kappie afleveringen voor een groter formaat)
In ieder geval, ik kon het niet laten om na al die jaren wat vragen op Bert af te vuren (want je blijft toch journalist) zoals: teken je nog steeds de wekelijkse Kappie strip?
“Yep, het enige, dunne lijntje dat ik nog met strip heb. Straks om tien uur bel ik, zoals ik de laatste zeventien jaar heb gedaan, De Katwijksche Post op om te horen wat er zoal aan nieuws in gaat verschijnen. Vervolgens fiets ik naar een strandtent, lees de Volkskrant en ga dan aan het broeden over een grapje over dat nieuwslijstje dat ik van De Katwijksche Post heb gekregen. Eenmaal gevonden, laat ik de schets nog even liggen, om te kijken of mijn onderbewustzijn nog met wijzigingen komt en dan maak ik hem ergens vandaag, laat hem vanavond 'vertalen' door m'n goede vriend Leendert de Vink (doet hij ook al al die jaren, iedere dinsdagavond), letter hem en stuur hem dan op. Ik ervaar dit als een heerlijk vast punt in de week.”


Inhakend vroeg ik hem in de daaropvolgende mail:
Is het Katwijks dialect zelfs voor een geboren Katwijker als jij te ‘machtig’ om het zelf te doen voor de Kappie-strip? Of is het een dialect wat niet meer zo vaak gesproken wordt, en is Leendert juist daarin een expert?
“Katwijks dialect, en ik vermoed elk dialect, luistert nauw. Anders gezegd: het ligt gevoelig bij de sprekers er van. Doe je het verkeerd, dan voelt het voor een dialectspreker algauw als een persiflage of karikatuur. Daarom is het idee om Leendert, zo'n beetje de autoriteit op het gebied van Katwijks dialect, een gouden greep geweest. Zo is ere geen discussie meer mogelijk over of het nou met een k of met een c moet.”

Ik vroeg als laatste aan Bert of ik een paar Kappie afleveringen op deze blog mocht plaatsen, om te laten zien dat de strip nog steeds bestaat. Of zijn de grappen te veel toegespitst op de Katwijkse actualiteit? En zijn antwoord: “Dat laatste is wel het geval vermoed ik, en dan ook nog in Katwijks dialect. Maar goed, dat stopte Haagse Harry ook niet. Ik sluit de laatste zeven afleveringen bij, dan kun je zelf oordelen.”

En hier zijn ze dan, afl. 808-814 met de laatste vier strips onderaan dit bericht. (Eerder gepubliceerd in maart en april 2019 in De Katwijksche Post.)




Copyright: Bert van der Meij (2019)

10 juli 2019

Eppo 13 - De boekenkast van Alex Odijk

Alex Odijk thuis bij een deel van zijn verzameling, januari 2019. (Foto: Els Odijk - niet gebruikt in Eppo maar ter illustratie van zijn grote passie: strips.)

In Eppo 13 staat van mij De boekenkast van... Alex Odijk. Als de huisfotograaf van Eppo legde hij al vele momenten vast van tekenaars tijdens kerstborrels, presentaties, openingen van tentoonstellingen én de grote stripfestivals zoals De Stripdagen en Stripfestival Breda. Ook voor Het Stripschap maakt hij al jarenlang foto’s die gebruikt worden voor het kwartaalblad StripNieuws en diverse andere media (kijk op de Stripschap blog voor vele van zijn foto's). Maar bovenal is hij een groot stripliefhebber.
Alex Odijk in Eppo 13, 2019 (Foto: Robin Schouten)

Zijn favoriete boeken zijn van auteurs die hij al leest sinds zijn jeugd, getekend door Jan Kruis, Martin Lodewijk, Piet Wijn en Will. Eppo nummer 13 ligt tot 11 juli in de winkel is ook los te bestellen via de Eppo site.

Eppo #13, 2019 (cover: Gerben Valkema) met De boekenkast van Alex Odijk.

30 juni 2019

De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin)

Verbazingwekkend, maar het bestaat... een fout die iemand niet is aan te rekenen. Dat is Jacques Martin (1921-2010) overkomen. Wat is er aan de hand? Toen Martin aan het eind van de jaren 40, begin 50 zijn klassieke stripreeks Alex tekende was er nog weinig informatie voorhanden over de Romeinse wapenuitrusting. Pas sinds de jaren zeventig is die kennis in een stroomversnelling gekomen dankzij onderzoek van enkele, vooral Britse, archeologen en historici. Sindsdien is er heel veel bekend geworden over het antieke wapentuig en uitrusting.
Wat zien we nu bij Martin? Hij heeft zich steeds zo optimaal mogelijk proberen te documenteren. In de oudste Alex verhalen kun je goed zien dat zijn belangrijkste bron De Zuil van Trajanus is in Rome, onder meer aan de bepantsering van ruiters. Nu was Trajanus heerser van 98 tot 117. En Alex is een vriendje van Caesar en die is van een ander tijdperk. Deze werd in 100 vóór Christus geboren. Tja en dan heb je niks aan de 'kleding'adviezen van De Zuil. Daar zit zo'n 150 jaar tussen.

De 'modernere' dracht uit de tijd van Trajanus.

Opvallend is dat Martin zeer snel allerlei nieuwe ontwikkelingen in de ontdekking van Romeinse bewapening volgt: hij past die vanaf de jaren 70 per album aan. In de oude Alex albums dragen de soldaten een lorica segmentata, het bandenpantser, dat pas onder keizer Augustus langzaam in zwang begon te raken. En Augustus is weer van na Caesar.

Het bandenpantser is van na de periode Caesar.

In Caesars tijd, dus de tijd waarin Alex speelt, droegen de legioensoldaten meestal een lorica hamata, een maliënkolder.

Het correcte beveiligingsstuk ten tijde van Caesar dat
aanvankelijk niet door Martin voor Alex werd gebruikt.

Uiteindelijk komen alleen de correcte wapenuitrustingen in de Alex strip. Frappant overigens dat in zo'n korte tijd de wetenschap behoorlijk vorderde wat betreft deze onderwerpen. Hedendaagse tekenaars kunnen tenminste hun voordeel doen met deze kennis en zo een Uitglijer voorkomen.
Met dank aan Willem van Helden voor de tip en aan Rob van Eijck die goeddeels de tekst schreef als info én de illustraties aanleverde. (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer)Poederdons in plaats van zwaard (Akim) en Uitglijer Sirius door albumuitgave.

29 juni 2019

Unieke Storm + Agent 327 tekening (1996)

De iconische stripfiguren Storm en Agent 327 ontmoetten elkaar op deze unieke dédicace (opdrachttekening) van Don Lawrence en Martin Lodewijk uit 1996. Met dank aan Ed Hengeveld voor het betere plakwerk.

Kwam ik onlangs tegen op het internet. De tekening werd in februari 2019 geveild op Catawiki (te bekijken via View this lot).


24 juni 2019

Eppo 12 - De boekenkast van Hajo de Reijger

Hajo de Reijger thuis in Haarlem, 27 januari 2019. (Foto: Robin Schouten)

In Eppo nr. 12 staat van mij De boekenkast van... Hajo de Reiger. In het dagelijkse leven maakt hij cartoons voor onder andere NRC Handelsblad en nrc.next. Als uitstapje tekende hij het Agent 327 verhaaltje ‘Dossier Biertegoed’ (Eppo 18, 2018) op scenario van  Peter van Leersum. Tijdens de afgelopen Stripdagen in Utrecht werd het Agent album ‘Hulde aan de Jubilaris’ gepresenteerd en ook Hajo was daar bij. Als favorieten voor de rubriek koos hij voor albums van Jim Woodring, Brecht Evens, Blutch en Typex. Eppo nr. 12 ligt tot 27 juni in de winkels en is ook via de Eppo site te bestellen.

Op 9 december 2016 was Hajo te gast bij het tv-programma De Wereld Draait Door vanwege het overlijden van de cartoonist Peter van Straaten. Bekijk het fragment hier terug.

Eppo nr 12, 2019 met een Asterix cover + De boekenkast van Hajo de Reijger

14 juni 2019

13 juni 2019

Giraud - Blueberry expositie 2009

Tijd voor een flashback. Op 13 juni 2009 was ik met een vriend naar Brussel getogen om, een dag voor de sluiting, de overzichtsexpositie Blueberry by Gir te bezoeken met maar liefst 80 originele strippagina's getekend door de geniale Fransman Jean Giraud, ook wel bekend onder zijn pseudoniem Moebius.
Het zou een bloedhete dag worden en juist op de heenreis viel onze trein uit in, naar mijn herinnering, the middle of nowhere. Het leverde urenlange vertraging op (met een rap opklimmende temperatuur) waardoor we pas rond 15:30 uur in Brussel arriveerden.
Foto: Robin Schouten (2009)
We hadden nog een kleine anderhalf uur om bij La Maison de la Bande Dessinée de Blueberry tentoonstelling te bekijken. Maar het gevoel dat de uitputtingsslag van die ochtend en middag de moeite waard was geweest overheerste al vrij snel toen we eenmaal de expo, die zeer indrukwekkend was, konden bekijken.
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 24 (1969). Foto: Robin Schouten (2009)
Opvallend was toch wel dat we (al zal het late tijdstip en het mooie weer ook meegeteld hebben) tot de zeer weinige bezoekers behoorden. Met uitpuilende ogen, dat wel, want hoe vaak krijg je de kans om al deze originele pagina's van de beste westernstrip onder een dak te kunnen bekijken? Al met al kreeg ik het gevoel alsof we op dat moment een van de weinige uitverkorenen waren om al dat moois te mogen aanschouwen.
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 29-32 (1969). Foto: Robin Schouten (2009)
Wat me ook nog goed bijstaat van die tropische dag was ons bezoek aan een Brusselse boekhandel waar de blonde verkoopster, gekleed met een grote rode sjaal om haar middel, de klassieke soulsong 'Why can't we live together?' door de zaak liet schallen. Wellicht had ze liefdesverdriet. Hoe dan ook, de orgelklanken en de gekwelde stem van Timmy Thomas, in combinatie met de bloedmooie melancholieke blondine, riep een perfect weemoedige sfeer bij me op. Wat misschien ook meetelde was dat ik de volgende dag mijn veertigste verjaardag zou vieren, en dat vond ik een behoorlijke mijlpaal.
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 34-35 (1969) Foto: Robin Schouten (2009)
De jonge jaren van Blueberry - Yankee - pag. 36-37 (1969) Foto: Robin Schouten (2009)
Ik vind het wel toepasselijk om na precies 10 jaar dan eindelijk wat foto's prijs te geven die ik gemaakt had van die indrukwekkende Blueberry expositie. En... een nieuwe mijlpaal te vieren.
Blueberry 23 - Arizona Love (1990) - pag. 14

31 mei 2019

Uitglijer Sirius door albumuitgave

Een verdienstelijk striptekenaar die Sirius ofwel Max Mayeu (1911-1997). Naast de veel gezochte serie De Blauwe Sperwer is de Belg ook de creator van met name De Timoers. Jammer dat hij bij de uitgever Dupuis zat.

Over een jeugdzonde van Sirius gaat het hier en dan doel ik op het Blauwe Sperwer album De geheimzinnige vijand dat in 1979 opnieuw door Dupuis werd uitgegeven in de reeks Jeugdzonden. Deze kenmerkt zich door het gebruik van werkelijk foeilelijke kleuren op de cover. Op zich al een Uitglijer van de uitgever. De grootste klacht is echter dat de bladzijden 2, 3 en 4 van het oorspronkelijke verhaal zijn weggelaten waardoor het geheel keurig in het 50 pagina's tellend boekblok past. Zo zien we op de eerste pagina dat Eric, de echte naam van de held van het album, en zijn vriend Larsen een jager ontmoeten die 'Lars' elke dag tegenkomt. So far so good. Echter op de tweede bladzijde, 5e plaatje is er ineens sprake van een schietpartij. In het hele voorafgaande stuk is er geen schot gelost. Dit staat er ineens plompverloren, een losse flodder als je wilt.
De openbaring van de schietpartij. 
De meeste lezers zijn geen oplettende lezers en zien het niet of halen de schouders op, zo moet Dupuis hebben geredeneerd. Maar raar is het wel dat men niet de moeite neemt om bij deze heruitgave die missende pagina's aan te vullen, of toch op zijn minst iets te doen met de stroken zodat er een kloppend verhaal verschijnt. Maar nee... gewoon doen of  je neus bloedt. 
De volgende Uitglijer is dat in de oorspronkelijke mooi verzorgde albumuitgave van 1952 die pagina's er nota bene ook niet in staan! Deze zijn idioot genoeg alleen te lezen geweest in de Robbedoes weekbladen 500, 501 en 502 uit 1949. Een aantal fans heeft zich blijkbaar groen en geel aan die omissie geërgerd en lieten in 2012 een illegale uitgave het licht zien. Ik voel dat als een terechte wraak naar de weinig invoelende uitgever. 

Naar ik mag hopen is men wel in die onofficiële uitgave (ik heb het album nooit gezien) van de teksten afgebleven. Die zijn zo nu en dan weer zo heerlijk stom vertaald. Zo rekent Eric heel bijzonder af met de taxichauffeur.
Eric zoekt 'mot'.
Als je dat zo aan iemand zou vragen loop je het risico dat er klappen vallen. Dit valt in de categorie 'heb ik iets van je an'. Nu goed, dan nog even zeuren over de wapens. Er is sprake van een mitrailleuse en een mitraillette. Helemaal goed; de eerste is een grote mitrailleur en de ander is een handzamer wapen waar de kogels eveneens in hoog tempo de loop verlaten. Maar wie weet dat? Dat onderscheid kennen we niet in het Nederlands en je kunt je afvragen waarom dat onderscheid sowieso gemaakt moet worden in dit verhaal.  Overbodige informatie dus. Geloof mij; alleen mitrailleur volstaat, en niet die vrouwelijk aandoende achtervoegingen, want zo lief zijn die wapens niet.
De Franse variant is blijven staan.
Lof overigens voor het verhaal waarin geen pagina voorbij gaat of de heren knokken, vliegen uit de bocht met voertuigen of zijn te water geraakt. Minder lof is dat ze het hele avontuur dezelfde kleren aan hebben, maar dat wordt ruimschoots goed gemaakt door de onderkoelde opmerkingen die soms geponeerd worden. Zo komt Erik in het laatste plaatje van pagina 37 tussen twee hekwerken vast te zitten terwijl de boel in lichterlaaie staat. Hij kan geen kant op en de vlammen komen steeds dichterbij. Dan plaats hij de anekdotische opmerking; 'hier zal ik geen kou vatten'. Schier onmogelijk om zo te reageren in die hete omstandigheden natuurlijk, maar Erik doet het wel. Een Uitglijer? Ach, je kunt in elk geval stellen dat de held onder alle omstandigheden de humor blijft bewaren. Een sprekend voorbeeld voor de jeugd, nietwaar? (HvK)

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid PiemelHergéSuske en Wiske: De Tartaarse helmTintin: Le Sceptre d'OttokarSchanulleke (Suske en Wiske)Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2)Suske en Wiske: De RingelingschatUitglijers met dubbele betekenissen?Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergenEen speurtocht naar striptekenaar en scenarist PizarroDe Uitglijers van Eddy PaapeDan CooperDe Tartaarse helm (Jeugd Revue)Majesteitelijke UitglijerFournier, Suske en Wiske en Dick BosFoute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje)Rik overleeft de kogels (Rik Ringers)Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke)Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e drukJansen is de naam (Kuifje)Magda van TilburgHergé als geweten van de wereldUitglijer over een BommeljasUitglijer Paul PanterUitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck DannyLinks is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer)De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer) en Poederdons in plaats van zwaard (Akim).

29 mei 2019

Martin Lodewijk - Agent 327 en zijn schepper (jaren 70)

Wilbert Plijnaar vond onlangs deze originele tekening van Martin Lodewijk in zijn archief, met Agent 327 die zijn schepper vakkundig over de schouder neemt. Begin jaren 70 gemaakt voor een eenmalig blad met interviews dat Plijnaar wilde maken maar niet was doorgegaan. Wel is de tekening later nog gebruikt voor het schutblad van Top Secret, een bundeling van de eerste vier Agent 327 albums (Oberon, 1981).

26 mei 2019

Stripuitgever Alexis Dragonetti (Ballon Media) overleden

Met verslagenheid is in de media gereageerd op het nieuws dat Alexis Dragonetti, CEO van stripuitgeverij Ballon Media gisteren is overleden als gevolg van een auto-ongeluk op de ring van Antwerpen. De Vlaming speelde ook een belangrijke rol (als gedelegeerd bestuurder van Boek.be)  bij de organisatie van de Boekenbeurs in Antwerpen.
Twee jaar geleden kreeg ik de mogelijkheid om Dragonetti te interviewen voor 'De boekenkast van...' rubriek in stripblad Eppo (zie deze link) en zo leerde ik hem een beetje kennen als een zeer hardwerkende ondernemer, een drijvende kracht met een enorm groot striphart. Een inspirerende man. Ook zijn vriendelijke en warme persoonlijkheid staat me nog goed bij. Een groot verlies voor de Vlaamse boekenwereld en de Nederlandstalige stripwereld in het bijzonder. Alexis Dragonetti werd slechts 50 jaar (9 september 1968 - 25 mei 2019).
Alexis Dragonetti met Jommeke - een van de vele stripseries die hij uitgaf naast Largo Winch, Thorgal etc. - en Lucky Luke (alias Rutger Gret, de Nederlandse Lucky Luke). 

25 mei 2019

Nieuw stripfonds voor debutanten

Ter illustratie van haar site en folder kocht de SDB een paar tekeningen van Lode Devroe.
Nederland is weer een mooi initiatief op stripgebied rijker. Stichting Debutantenfonds Beeldverhaal (SDB) zet zich in voor beginnende stripmakers en ondersteunt talent op hun weg naar professionaliteit binnen de stripwereld. Ze doen dat bijvoorbeeld met de Debutanten Award waarbij ieder jaar maximaal zes debutanten gekoppeld worden aan een uitgever en een begeleider die de debutanten vervolgens ondersteunen met kennis, ervaring en geld. Met deze award wil de SDB een stimulans geven aan de Nederlandse stripwereld.

Het initiatief is afkomstig van stripjournalist en vertaler Hans Pols, Syndikaat uitgever Marc de Lobie, stripmaker en illustrator Bob Op ‘t Land en studente Kunst en Economie Roos Huijskes. De aftrap in de vorm van een presentatie was op zaterdag 18 mei tijdens het Brabants Stripspektakel in Eindhoven. Kijk voor meer info op www.stripfonds.nl

23 mei 2019

Strip De Rechter goes international

Van de populaire dagbladstrip De Rechter zijn al dertig boeken verschenen maar de eenendertigste is een bijzondere. Een uitgave in het Engels: The Judge, a Touch of Dutch.

Tekenaar en schrijver van de strip, Jesse van Muylwijck, maakte hiertoe een bijzondere selectie uit de 8000 strips die hij in 25 jaar heeft getekend. De opzet van de uitgave is een humoristisch beeld te geven van Nederland. De lezer kan daarom strips verwachten over Schiphol, Mondriaan, de Gay Parade, de Deventer Boekenmarkt,  de fiets, de coffeeshop en de bitterbal. Maar ook strips die een beeld geven van onze rechtspraak, politiek, privacy, zorg, onderwijs en integratie. Kortom, ons land met een knipoog bezien.
Luggage
Jesse van Muylwijck, zelf jurist, hierover: “De strip De Rechter is al uniek, het is de enige krantenstrip ter wereld die de rechtspraak en de maatschappelijke actualiteit als onderwerp heeft. En ook dit boekje is enig in zijn soort. Er bestaan wel boeken die Nederland met humor beschrijven,  maar nog niet in de vorm van strips.” Deze uitgave is dan ook interessant voor buitenlandse collega’s van Nederlandse juristen, zodat die ook eens kunnen zien wat ons land zo bijzonder maakt. En voor expats die in Nederland wonen en ongetwijfeld veel grappen heel herkenbaar zullen vinden.
Election

The Judge, a Touch of Dutch  kost 13,50 euro  en ligt vanaf half juni in de boekhandel en stripwinkel. Het is ook te bestellen bij de tekenaar zelf via info@jessecartoons.com

Jesse van Muylwijck (Groningen, 1961) studeerde rechten in Groningen en bezocht daarna de kunstacademie Minerva. In 1993 nam zijn strip De Rechter voor het eerst zitting in de dagbladpers. Tegenwoordig staat de strip zesmaal per week in 14 regionale kranten, van Den Helder tot Eindhoven en van Middelburg tot Delfzijl, en bereikt daarmee bijna 3 miljoen lezers.
Cheese!
Het maken van de Rechterstrip is slechts een van de activiteiten van de tekenaar. Jesse van Muylwijck maakt ook cartoons in opdracht die hij digitaal verstuurt en tekent als ‘stand-up cartoonist’ tijdens conferenties van grote bedrijven en organisaties in Europa, de VS en Canada. Vanwege deze activiteiten en het gemak van digitale verbindingen emigreerde Jesse in 2005 met zijn gezin naar Vancouver Island, Canada. Vanaf deze plek kan hij even snel, en letterlijk en figuurlijk met gepaste afstand, in zijn strip reageren op de Nederlandse actualiteit. Tenslotte geeft Jesse samen met zijn vrouw Marleen de boeken van De Rechter in eigen beheer uit. Marleen heeft de zakelijke leiding en doet de redactie en grafische vormgeving van de boekuitgaven.
Jesse van Muylwijck maakt De Rechterstrip in Canada op Vancouver Island.
In 2010 won Jesse de Stripschapprijs, de enige oeuvreprijs voor Nederlandse stripmakers en in 2011 en 2018 werden tentoonstellingen van zijn werk georganiseerd in het Nederlands Stripmuseum in Groningen. Vorig jaar vierde De Rechter zijn 25-jarig jubileum (zie ook dit bericht) waar Jesse uitvoerig over vertelde in een podcast van het Stripjournaal.

jessecartoons.com