31 juli 2021

Jerom evolutie in S&W en foutje bij Duck

Je ziet pas als het opvalt. Behalve dat Jerom zijn naam, evenals die van het popje van Wiske en tante Sidonia veranderingen heeft moeten doorstaan, moest ook zijn outfit er aan geloven. In het Suske en Wiske album De snorrende snor (1957) is de menselijke krachtbron aanvankelijk nog steeds gekleed in dat armoedige voorschootje. Dat je, mocht dat aan de orde zijn, je dochter of vrouw/vriendin van haar lijf zou verordonneren om haar decenter de deur uit te laten gaan. De hele familie Suske en Wiske vindt het blijkbaar geen issue dat de held in elf avonturen met het schaamlapje loopt. Behalve dan deels in De spokenjagers (1956) waarin hij vanwege zijn werk als butler in een livrei ronddobbert en zelfs in de nacht een pyjama aan heeft.

Jerom nog kortgerokt. Hierna verandert het kledingstuk.

Op bladzijde acht, vierde plaatje van De snorrende snor is Jerom nog steeds gekleed in dat achterlijke voddendoekje, dat op Wikipedia een berenvel wordt genoemd. Maar dat is dan ook de laatste keer. Alles evolueert ras bij onze vrienden en acht pagina's verder, op bladzijde zestien dus, eerste plaatje heeft de sterke man plotseling een broek aan... en zo blijft het. De reden van de omslag is ons bekend. Willy Vandersteen kreeg brieven van lezers die de onbehouwenheid van de knul blijkbaar niet humorvol vonden en de bosmens erg laag aansloegen. Zo ook de bijhorende outfit blijkbaar. Vandersteen heeft Jerom laten evolueren tot een netter persoon dan de bonkige aapmens die hij was. En die letterlijk en figuurlijk nauwelijks met meer dan twee woorden sprak. 

Jerom heeft plotseling een broek aan.

Het wordt nog erger, als je daar van wilt spreken. In het opvolgende album De stemmenrover (1957), bladzijde vijf het zevende plaatje, is Jerom zo ver geëvolueerd dat hij op een bankdirecteur is gaan lijken. Toen nog een respectabel beroep. Hiermee mag Jerom meedoen aan de echte wereld en daarmee wordt het figuur als sidekick moeilijker te plaatsen. Hij manifesteert zich steeds vaker als een normaal mens dat absurd sterk is, waardoor het verhaal vaak 'geweld' wordt aangedaan; de avonturen slaan dus dood door zijn overweldigende kracht. Weg uit deze familie zoals in het solo album Jeromba de Griek (1966) waar de familie op hun beurt de sidekick is, of zijn voortdurende excuus om op vakantie te zijn of dat werk hem wegroept doet de verhalen meer dan goed. Zo zit hij menig scenario dan ook niet meer in de weg. Het trouwe viertal kan eindelijk weer echte avonturen beleven zonder die oervervelende superkrachtdadige oplossingen. 

En natuurlijk is er naast het parkeren uit het rode reeksverhaal ook de eigen Jerom serie. In Het geheim van Brokkelsteen (1962) als eerste verhaal kan hij zich al ten volle uitleven. Zij het dat hij hier wel, nota bene door Sidonia, naar school wordt gestuurd om betere manieren te ontwikkelen. Tenslotte wordt hij nog wat deftiger door hem ballerig Jeroen te noemen in plaats van dat Jerom waarmee hij in De dolle musketiers (1953) werd gedoopt. Zeg nu niet dat Willy niet zijn best heeft gedaan om van Jerom een nette kerel te maken. Met dank aan de verbolgen brievenschrijvers.  

De totale metamorfose binnen twee albums.

We glijden uit in Japan of nee in Afrika... of nee...

Minder fortuinlijk lijkt het de helden te vergaan in het genoemde album De snorrende snor waarin de opa van Suske en Wiske een behoorlijke rol speelt. In elk geval worden Jerom en Lambik ontvoerd door een leider van de planeet Fiksion (fiction?) die in wezen Barabas blijkt te zijn, maar dit terzijde. Waar gaan de ontvoerden naar toe? Naar het Verre Oosten en naar een woestijn. Dat zou dan de Gobi moeten zijn die uit 1,3 miljoen km2 zand bestaat en nabij China ligt.

De reis gaat naar het Verre Oosten.

Opa Snor heeft het nieuws gehoord toen hij de raket binnendrong waarmee de ontvoerder en de ontvoerden zich op weg bevinden. Door een manoeuvre van de raket komt Snor ten val, zweeft door het luchtruim en wordt opgevangen door de Gyronef. Daar vertelt hij dat men naar… Afrika gaat.

Het doel lijkt veranderd.

Nu is er veel voor te zeggen dat een oudere heer na zo'n avontuur werelddelen door elkaar gaat halen, maar wat schetst onze verbazing. Na een lange trip landt de Gyronef aan de Arabische grens. Nu is er niet alleen sprake van Arabië, maar zelfs ook van een negerdorpje. In het Verre Oosten wonen vele volkeren maar daar hoort niet een dergelijk omschreven donker gekleurd persoon bij. Later in het verhaal ontmoeten we daadwerkelijk de negroïde mens. Dus ze zijn in het Nabije Zuiden geland, niks Verre Oosten.

Niks geen Verre Oosten.


Hoe nu zo'n fout er in kan slopen is misschien te verklaren aan de hand van het volgende: Willy Vandersteen was al druk bezig met het eerstvolgende Suske en Wiske avontuur en dat is De stemmenrover. Maakte de tekenaar gebruik van de persoon van Fiksion om de man in de zwarte mantel Komikio (dé stemmenrover) uit dat opvolgende album vorm te geven?

De Stemmenrover Komikio als kopie van de leider van Fiksion uit De snorrende snor?  


De man van Fiksion uit De snorrende snor stond model voor Komikio uit De stemmenrover?
  
Vandersteen had vermoedelijk de later in beeld komende Komikio in zijn hoofd toen hij de leider van Fiksion zijn verdere avontuur liet beleven en gaf zo het Verre Oosten op dat goed past bij de Stemmenrover uit Japan. Ik weet niet of hij aan meerdere verhalen tegelijk werkte, maar het zou dus een verklaring kunnen zijn voor de Uitglijer. Frappant is het in elk geval wel.

Maarrrrrrr, wat schetst onze hoogste verbazing? De uitgeverij of de studio hebben deze rarigheid zelf in gezien en zelfs gecorrigeerd. Althans, in de kleurenversie van 1971!

Het Verre Zuiden is best passend

Het is werkelijk de eerste keer dat een Uitglijer is gecorrigeerd. In al de jaren dat de Uitglijers bij IC verschijnt is dat nog niet eerder voorgekomen. We kunnen nu nog zeuren of de zuidelijke rand van de Sahara als 'ver' moet worden bestempeld. Maar in het toenmalige tijdsgewricht was dat wellicht verder dan we nu vinden als we voor een luttele munt er naar toe kunnen vliegen. Deze correctie  maakt veel goed zoals de mislukte poging een nieuwe 'blauwe' Suske en Wiske, De sonometer (2020) te lanceren. Een Uitglijer op zich, maar in elk geval is hiermee deze Uitglijer van de baan.

Woudlopertjes zouden meer woud moeten lopen


Ik leende van de buurjongen een jaargang Donald Duck om al lezend de drukte van de dag van mij af te schudden. Ik werd in nummer 46 van 1999 echter onaangenaam getroffen door een grove fout die niet had mogen voorkomen in het toch wel wat educatieve stripblad dat Donald Duck zou zijn. In het verhaal De verloren goudzak is Dagobert op zoek naar een zak die hij aan een tak had gehangen met daarin goudkorrels. Hij moest vluchten voor hongerige wolven, liet de zak achter en kon de plek waar hij die had opgehangen niet meer terugvinden. So far, so bad. De rijkaard had continue gezocht naar de tak op de hoogte waarop hij het nog steeds vermoedde, maar Kwek (of een van de andere twee kuikens) attendeerde zijn oudoom, de oude woerd, op zijn denkfout.

De hoogte wordt aangeduid en Kwek(?) corrigeert Dagobert verkeerd.

De grap is dat als een boom groeit, een tak niet hoger komt. De boom wordt onderop alleen maar dikker en zo ook de tak, maar verplaatsen ho maar. Dat is de reden waarom hartjes en namen in bomen gekerfd nooit de hoogte in gaan, maar alleen maar vervagen door het dikker worden van die boom. Het is toch nota bene een woudloper die vermoedelijk zijn woudlopersgids niet bij zich had en daarom zulke onwaarheden debiteert... het joch is volledig verloren zonder de Powellbijbel. Een behoorlijk Uitglijertje vinden we. 

Met dank aan Menno Barkema van stripwinkel Mevrouw Kern / De Leidse Stripshop voor het lenen van De stemmenrover uit 1971 voor een vergelijk en een scan.  (HvK)


Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid Piemel, Hergé, Suske en Wiske: De Tartaarse helm, Tintin: Le Sceptre d'Ottokar, Schanulleke (Suske en Wiske), Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2), Suske en Wiske: De Ringelingschat, Uitglijers met dubbele betekenissen?, Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergen, Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro, De Uitglijers van Eddy Paape, Dan Cooper, De Tartaarse helm (Jeugd Revue), Majesteitelijke Uitglijer, Fournier, Suske en Wiske en Dick Bos, Foute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje), Rik overleeft de kogels (Rik Ringers), Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke), Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e druk, Jansen is de naam (Kuifje), Magda van Tilburg, Hergé als geweten van de wereld, Uitglijer over een Bommeljas, Uitglijer Paul Panter, Uitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck Danny, Links is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer), De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer), Poederdons in plaats van zwaard (Akim), Uitglijer Sirius door albumuitgave, De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin), Jerry en Valentin glijen uit (Jerry Spring en Kuifje), Kuifje - Uitglijers in zwart-wit edities, Uitglijer Robbedoes en Kwabbernoot, Vlaams of niet Vlaams, Dupuis glijdt weer eens uit (Jan Kordaat), Marten en Willy glijden uit, Bazooka Joe, Uitglijer van jewelste? (75 beste Suske en Wiskes), Uitglijer over een getal, Giftige Anaconda's en omgekeerde grap en Uitglijers in Arman en Ilva, Kuifje en Suske en Wiske.

12 juli 2021

Berend Vonk - Hommage Marc Sleen (StripNieuws, 2012)

Striptekenaar en cartoonist Berend Vonk maakte speciaal voor de 90ste verjaardag van de Belgische striptekenaar Marc Sleen deze hommage tekening. Het is gepubliceerd in het kwartaalblad StripNieuws nummer 49 in november 2012. 

In hetzelfde nummer staat van mij een exclusief interview met Sleen, dat nu is opgenomen in de biografie Marc Sleen - De interviews (Davidsfonds, mei 2021) en waarin de schepper van Nero in 82 gesprekken door zijn leven en carrière gaat. Zie ook deze recensie. Overigens ben ik de uitzondering van de 'vier generaties Vlaamse journalisten' aangezien ik zelf Nederlands ben. 

11 juli 2021

Erik de Graaf - Expositie Scherven & Littekens in Loenen (t/m 3 sept)



De Nederlandse stripauteur Erik de Graaf heeft sinds 9 juli een expositie van zijn striptweeluik Scherven/Littekens (dat in 2020 bij Dupuis verscheen en vertelt over de impact van de oorlog op het alledaagse leven in Nederland) in de kapel op Nationaal Ereveld Loenen, op de Veluwe.
De Graaf: 'Op het ereveld liggen bijna 4000 Nederlandse oorlogsslachtoffers begraven, elk met een eigen verhaal. Een mooie parallel lijkt me en een prachtige en eervolle plek om te mogen exposeren.' 
De expositie is te zien tot en met 3 september 2021 en is dagelijks te bezoeken tussen 09.00 en 17.00 uur op het ereveld. Info: www.oorlogsgravenstichting.nl/nationaal-ereveld-loenen

Vorig jaar verscheen deze recensie van Scherven/Littekens op de 9e Kunst site; 'Een verstild portret van gewone mensen in een ongewone tijd.'



05 juli 2021

Bob de Moor - Cori de scheepsjongen, dédicace


Een originele tekening van Cori de scheepsjongen door de Belgische grootmeester Bob de Moor. Het staat hier te koop (vraagprijs is 100 euro). 

28 juni 2021

René Follet - Steven Severijn, Eppo cover 1980

Links de cover voor Eppo 41-1980 en rechts een pagina uit Eppo 44-1980 

Eriq Taranaki is een stripliefhebber die vanuit Nieuw Zeeland met grote regelmaat bijdraagt aan de Facebookgroep De Jaren Eppo waar hij zijn bevindingen uit de Eppo historie laat zien met collages. 

Zo kwam hij erachter dat René Follet de cover voor Eppo nr. 41-1980, bij aanvang van het zevende Steven Severijn verhaal 'Rozen voor Mata Hari', niet speciaal getekend heeft. Het blijkt een collage te zijn van drie tekeningen uit een pagina van het verhaal dat pas drie nummers later in Eppo stond, in nummer 44-1980. Verantwoordelijk voor dit mooie plak en knipwerk was Eppo vormgever Kees Klaver. Toch had de inkleuring van het gras wel iets minder 'rood' gemogen.

27 juni 2021

Lode Devroe - Cesium, weggelaten plaat voor Incognito (1998)

Lode Devroe - Cesium (1993-1998)


Lode Devroe
plaatste op Facebook deze weggelaten pagina uit zijn jaren negentig verhaal Cesium. We zien zijn heldin Dr. Dia in de Zagoraz kerncentrale van Bulgarije. "In de jaren rond 1990 reisde ik vaak met een collega naar het Oostblok, dat was telkens rond nieuwjaar: Tsjechoslowakije, Hongarije, Moskou, Sint Petersburg. De sfeer zat er goed in en ik nam telkens een berg documentatie mee naar huis." 

Cesium heb ik in 1998 in 4 delen gepubliceerd in mijn stripblad Incognito, in de nummers 12 t/m 15. Het 34 pagina verhaal is niet opgenomen in het Dr. Dia album voor de Incognito Reeks (in 2000).

Lode mailde me dat hij in 2018 zijn grote 'Cesium' doos weer eens had geopend en verbaasd opkeek toen hij zag wat daar uit tevoorschijn kwam. "Dat was werkelijk een berg tekeningen, probeersels, schetsen van de mogelijke personages, weggelaten platen, onafgewerkte trials... waar ik amper nog het bestaan van wist." In de periode 1993-1998 werkte Lode, naast zijn dagjob als ontwerper in een etikettenbedrijf, aan Cesium. Hij stuurde nog eens vier ongepubliceerde pagina's die ik de komende tijd zal plaatsen.

26 juni 2021

Hergé en Joost Swarte - Brussel 1977

Joost Swarte bekijkt met Hergé de schetsen van Kuifje en de Picaro's.
(Foto: Piet Schreuders, 1977. Bewerking: Erwin Suvaal, 2021)

Hergé en Joost Swarte bediscussiëren het concept van de Klare Lijn (Frans: Ligne Claire) op de Studios Hergé te Brussel, 19 januari 1977. Deze beroemd geworden term werd bedacht door Swarte. 

Piet Schreuders maakte deze historische foto. Het werd voor het eerst gepubliceerd in Furore nr. 6 (april 1977) bij het interview van Swarte met Hergé, dat plaatsvond in het kader van de tentoonstelling "Kuifje in Rotterdam" die in het Lijnbaancentrum te Rotterdam georganiseerd zou worden. 

De cover van Furore nummer 6 (april 1977)


31 mei 2021

Uitglijers in Arman en Ilva, Kuifje en Suske en Wiske

Arman en Ilva gaan in de fout, de vertaler van Kuifje wordt geroemd en er is er al vroeg lustig gesext bij Suske en Wiske.

In Arman en Ilva deel 1 van uitgeverij Brabantia Nostra staat het verhaal Het bevroren verleden waarin Arman Ilva kwijtraakt en al speurend terechtkomt bij een luxe ingericht huis. Daar wordt hij geholpen aan een snee in zijn vinger door blijkbaar de (pleeg)dochter des huizes. De (pleeg)vader geeft aan op bladzijde 37 dat het meisje doofstom is. 

Arman spreekt het meisje aan en krijgt geen sjoege.

Arman ruikt echter lont. Hij veronderstelt dat het meisje op aanwijzing van de vader stommetje speelt. Hij twijfelt oprecht, maar op volstrekt andere gronden dan het bewijs dat naast hem staat. Daar ZEGT de vader namelijk iets tegen het meisje en dat gehoorzaamt meteen. Dat kan dus niet als iemand doofstom is. De tekening laat niet zien dat hij met gebarentaal het meisje instrueert. Integendeel. Hij heeft de hand zowel in als tegen de boezem. Wellicht is het zo getekend dat het een mooi plaatje wordt met die wegschrijdende jongedame met een goed gemoed, maar het voelt niet kloppend.

Arman merkt niet het levende bewijs naast hem op. De vader maakt geen gebaar.

Liplezen kan ze blijkbaar ook niet want dan had de vader tegen Arman gezegd om articulerend te spreken. Jammer, foutje. Thé Tjong-Khing en Lo Hartog van Banda hebben met dit tweetal van de toekomst echter een mooie duo gecreëerd in een space odyssey-achtige setting en wisten er een klein maar indrukwekkend oeuvre mee op te wekken dat in de wereld van de verzamelaar weinig furore maakt. Onterecht. Vanwege de kwaliteit in verhaal en tekening is deze vage Uitglijer de makers dan ook van harte kwijtgescholden. Tevens is het de uitgeverij vergeven dat op de cover van dit eerste exemplaar uit de serie de naam van Khing als King is geschreven. In de herdruk werd die fout hersteld.

(Aanvulling: van 1977 tot en met 1983 werden de zestien verhalen van Hartog van Banda en Khing uitgegeven in zeven albums door Brabantia Nostra. Van 2006 t/m 2017 heeft stripuitgeverij Sherpa deze verhalen opnieuw uitgegeven, aangevuld met dossiers en onuitgegeven tekeningen, in zestien losse delen binnen de reeks Khing collectie. Een aanrader.)


Onbeperkte dorst
Van een andere orde is de uitglijer van Hergé, in het Kuifje album De krab met de gulden scharen en in dit geval de uitgave genoemd in de catalogus van Marcel Wilmet, 'Tintin zwart op wit 1930-1942' en aangeduid als CR2. In deze tweede zwart-witdruk uit 1941 zegt de kapitein vier plaatjes lang hetzelfde.

Hij zegt repeterend 'le pays de la soif' ofwel het land van de dorst. Een kwelling in het vooruitzicht van deze zuipende gezagvoerder.

Ik ga er vanuit dat het in de latere Franse kleurenversies van dit album, Le Crabe aux pinces d'or, de tekst ongewijzigd is. In de Nederlandse versie wordt het een stuk anders en... een stuk leuker. Hier varieert de vrijgezelle varensgezel zijn toekomstzang op een meer humoristische wijze. 


De variaties zijn komisch en geven de verslagenheid van de zeevarende met elke zin meer en meer weer. 

Terzijde zien we dat Bobbie plotseling zijn bot ziet slinken, maar daar hebben we het nu niet over. Het ging over de tekst. Dat  'onbeperkte dorst' is trouwens wel wat contrair, want zoiets geeft ook een soort verlangen aan dat nu eenmaal zit in zuiplappen, maar ook dit terzijde. Deze scenes zijn een aardige illustratie van humoristisch schrijven in de ballon. Dat zie je bij Kuifje vaker overigens als het detective-duo elkaar weer eens verkeerd napraat of Zonnebloem een opmerking volledig verhaspelt, omdat hij zo doof is als een kwartel. Later zal dit worden geëvenaard door de vertaler van Asterix. Daar wordt op soms sublieme wijze uit de hoek gekomen bijvoorbeeld bij de namen van de dorpsgenoten, maar ook bij het aanroepen van goden als er iets mis dreigt te gaan; de een zegt als voorbeeld 'bij Toutatis' en de ander blijkbaar verlegen om een godennaam roept 'bij stand'. Je moet er maar opkomen.


Onbeschaafd Vlaams?
Even maar weer een Suske en Wiske oude stijl. In de vroege uitgaven van Prinses Zagemeel wordt het Vlaams op zijn best gebruikt. Dat sappige Vlaams eindigt overigens in 1964 als Sidonia zegt; 'Lambik, vanaf nu spreken we beschaafd Nederlands.' Deze zin haalde ik van de Uitglijer Vlaams of niet Vlaams, dat is de kwestie van deze rubriek. Opvallend is echter de zin die ik hanteerde erna waarin ik mij afvraag of dat sappige Vlaams onbeschaafd is. Wordt het Vlaams als onbeschaafd ervaren door die Ollanders? Wellicht wel. Zie daarvoor de tekst in het volgende plaatje uit Zagemeel en met meer bepaald wat Wiske zegt.

Er wordt hier flink tekeer gegaan en wat Wiske zegt lijkt tamelijk onbeschaafd.

Ik weet niet of het Vlaams tegenwoordig nog steeds over iets kapot maken hetzelfde zegt, maar het lijkt mij een tikje onwaarschijnlijk, alhoewel, niets is onmogelijk. In het Vlaams woordenboek is het gewoon opgenomen. En kennen wij noordelingen tenslotte ook het niet al te veel meer gebruikte 'je verneukt' voelen? Toch staat het raar. In een latere uitgave van het album is het een stuk anders gesteld.


Het is nog steeds heerlijk Vlaams maar het n-woord is er uit.

Vermoedelijk is toen al rekening gehouden met de Nederlandse markt die bij kapot neuken zich iets anders voorstelt en werd de tekst aangepast. Ook in de later kleurendrukken is dat triviale woord uiteraard niet meer te vinden. Helaas is het dan van al het Vlaams gezuiverd en blijft er een beschaafd maar o zo stijvig Nederlands over. En is Schalulleke meteen ook meegenomen in de vaart der beschaving en werd lul nul. Ben je lekker mee.


Geen Vlaams meer, maar puur Hollands. Jammer.

We kunnen dan wel glimlachen over die rare Belgen met hun geneuk en lul, maar wat te denken van ons vroeger gebruik van geil. Een geile man was niet meteen iemand die de blauwe pil niet nodig heeft. Nee, het was aanvankelijk min of meer een type van twijfelachtige allure met een honger naar iets onfatsoenlijks, iets slechts. Langzaam aan is dat specifieker geworden om het maar eens zo te zeggen. Geldt ook voor een lodderoog. Wij zien dat als een oog dat half naar beneden is gezakt vanwege overmatig drankgebruik of heftig verlangen naar een bed. In de oude betekenis is het een vriendelijk dan wel een wellustig oog. 

Om aan te tonen dat het niet een slip of the pen is, tonen we Lambik in een vroege herdruk van het Suske en Wiske album De sprietatoom (1949) en daarin bezigt hij ook het N-woord. 

Klein of groot; in Holland zouden we dat toen ook anders gezegd hebben.


Bij elkaar was er weer veel naast de strips te lezen en we proberen dat voor u vol te houden met soms sterke en minder sterke Uitglijers. Daar mogen tips zeker aan bijdragen. Voor wat betreft Kuifje en Suske en Wiske in deze editie gaat mijn dank uit naar stripkornuiten Willem van Helden en Menno Barkema van stripwinkel Mevrouw Kern / De Leidse Stripshop. (HvK)


Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid Piemel, Hergé, Suske en Wiske: De Tartaarse helm, Tintin: Le Sceptre d'Ottokar, Schanulleke (Suske en Wiske), Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2), Suske en Wiske: De Ringelingschat, Uitglijers met dubbele betekenissen?, Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergen, Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro, De Uitglijers van Eddy Paape, Dan Cooper, De Tartaarse helm (Jeugd Revue), Majesteitelijke Uitglijer, Fournier, Suske en Wiske en Dick Bos, Foute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje), Rik overleeft de kogels (Rik Ringers), Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke), Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e druk, Jansen is de naam (Kuifje), Magda van Tilburg, Hergé als geweten van de wereld, Uitglijer over een Bommeljas, Uitglijer Paul Panter, Uitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck Danny, Links is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer), De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer), Poederdons in plaats van zwaard (Akim), Uitglijer Sirius door albumuitgave, De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin), Jerry en Valentin glijen uit (Jerry Spring en Kuifje), Kuifje - Uitglijers in zwart-wit edities, Uitglijer Robbedoes en Kwabbernoot, Vlaams of niet Vlaams, Dupuis glijdt weer eens uit (Jan Kordaat), Marten en Willy glijden uit, Bazooka Joe, Uitglijer van jewelste? (75 beste Suske en Wiskes), Uitglijer over een getal en Giftige Anaconda's en omgekeerde grap.

27 mei 2021

Mark Schilders - Oogklepjes


Mark Schilders, ooit medewerker van de stripbladen Incognito, Iris en Zone 5300 is het tekenen van cartoons en strips nog niet beu. De afgelopen tijd liet hij zich inspireren door het Nederlandse coronabeleid waar hij zijn scherpe commentaar op geeft, met de nodige humor uiteraard. 'Oogklepjes'  plaatste hij op 18 mei op zijn Facebookpagina wat ook de plek is waarop zijn nieuwe werk staat. 

24 mei 2021

Eppo 10 - De boekenkast van Marloes Dekkers

Foto's: Robin Schouten (2021)

In Eppo stripblad nr. 10 staat van mij De boekenkast van... Marloes Dekkers, de vaste inkleurster van Meccano. In dit nummer staat ook de laatste aflevering van Poppy, het nieuwe Meccano verhaal van Hanco Kolk dat Marloes met haar schitterende inkleuring naar een hoger plan heeft getild.

Voor de boekenkast-rubriek koos Marloes voor strips van auteurs die haar enorm hebben gevormd als inkleurder en stripmaker, gemaakt door Milan Hulsing, Dave McKean, Martin Emond en James O'Barr. 

Eppo nummer 10, 2021 ligt tot 27 mei in de winkels en kan los besteld worden via de Eppo site.

Een fragment uit het nieuwe Meccano verhaal Poppy en Marloes Dekkers. 


21 mei 2021

Gerrit de Jager signeert Songlife in Amsterdam

Gerrit de Jager met Songlife bij Concerto Recordstore, mei 2021.

Gerrit de Jager verstripte de soundtrack van zijn leven in zijn nieuwe beeldroman 'Songlife'. Zondag 23 mei a.s. signeert hij zijn boek (om de hoek bij Concerto Recordstore) op het terras van Café Krom, Utrechtsestraat 76 in Amsterdam. Aanvang is 15:00 uur. 

'Songlife' is handgeletterd met illustraties en strips. Een soort van autobiografie, maar dan aan de hand van liedjes die in je leven in je kop zijn blijven hangen. Die je terugbrengen naar bepaalde gebeurtenissen of gevoelens. Als een jukebox die aangaat in je hoofd. Luister hier naar de Spotify playlist met alle 64 songs uit 'Songlife'. 

Het boek verscheen bij Concertobooks, 144 pagina's in hardcover en kost € 26,99.

Gerrit de Jager ontving in 1987 de Stripschapprijs voor zijn hele oeuvre, dat toen al indrukwekkend was: samen met Wim Stevenhagen publiceerden ze onder het pseudoniem Prutswerk in De Vrije Balloen en maakten ze verschillende successeries zoals De Familie Doorzon en Roel en zijn beestenboel. In 1984 stopte deze samenwerking en ging De Jager alleen verder met deze reeksen. Begin jaren negentig maakte De Jager een uitstapje naar televisie: teksten voor Spaan / Vermeegen (Veronica), De Vereenigde Algemeene, Hoeksteen & Groenstrook. Maar strips / cartoons bleven het hoofdbestandsdeel van De Jagers oeuvre: John (voor het Algemeen Dagblad), Krijter (voor Hard Gras), Liefde en geluk, Mik (voor Margriet), Zusje (voor Trouw), Sneek, Toon Ladder, teveel om op te noemen eigenlijk.

Songlife verscheen op 6 mei 2021 bij Concertobooks.


30 april 2021

Giftige Anaconda's en omgekeerde grap

Dan toch maar eens de tanden in Chick Bill gezet om het zo maar eens te zeggen. In Klo-Klox-Klan, 1e druk Lombard, 1957 en gemaakt door Tibet (1931-2010) wordt het onafscheidelijke vriendje van Bill, Kleine Poedel, op pagina 11 aangevallen door een slang. Er staat dat het hier een ratelslang betreft. Ik kan de leeftijd van het joch niet goed schatten, maar hou het op een jaar of  twaalf. Zeg even dat hij ongeveer 150 centimeter hoog moet zijn. Dat is van belang te weten, omdat op het tweede plaatje op bladzijde 12 de dappere guit de slang met zijn kop tegen een rots doodslaat. Ook hieruit blijkt dat het een dier is van een ongelofelijke afmeting zoals eerdere plaatjes al weergaven. Zo groot wordt geen ratelslang. Dit is eerder een Anaconda die wel dergelijke vorstelijke proporties kan bereiken. Een wurgslang dus in het wilde westen. Hm. Die grote slangen komen wel in het noorden van Zuid Amerika voor, maar niet in de VS. Bovendien is het een wurger dus gif heeft hij niet. Raadsel alom.

Kleine Poedel met een onwaarschijnlijk grote ratelslang.

Dat het hier een giftig exemplaar zou moeten zijn bewijst het feit dat Chick de door de slang toegediende dosis uit Poedel zijn arm zuigt; een schijnbaar beproefde methode om te voorkomen dat het kwade goedje zich door het lichaam verspreidt. Dat wordt echter niet aangeraden. Evenals dat je niet in de wond moet gaan snijden, zoals Chick dat wil doen om te wond verder te laten bloeden, zo meldt de site WIKIHow. Mond- en mes-bacteriën kunnen het eerder allemaal veel erger maken. Ook zou je er niet een plas op moeten doen zo werd gewaarschuwd, maar die aanstalte heb ik Bill niet zien maken. We kunnen het hier vanwege de afmeting van het dier en zijn giftigheid op een Uitglijer houden van behoorlijke klasse, maar het houdt niet op. Chick Bill en de zijne maken furore in Arizona waar ook deze scene zich moet afspelen. Nu ligt Arizona behoorlijk zuid westelijk van de Verenigde Staten, terwijl de ratelslang juist in het zuid midden en zuid oostelijk deel van de samengeraapte landen voorkomt. Niks geen gifslangen in Arizona en met die kennis kunnen we zeggen dat Tibet de plank behoorlijk mis geslagen heeft.

Minder spectaculair is deze uit Dirkjan + Bert van Mark Retera, bladzijde 102 van de pocket Buitenaards goed uit 2013. Het is niet veel werk om te bedenken wat er aan de hand is. Je ziet het vanzelf, want deze gag is op deze manier helemaal niet leuk. Ik denk niet dat Mark dit niet specifiek voor de aandacht heeft gedaan, maar het lijkt wel een trend in de getekende wereld van de fantasie; fouten en foutjes maken om de lezer alert te houden. Dit is gewoon domweg verkeerd zetten door de layout-mens of drukker, of snap ik het niet? (HvK) 

Zo is er niet veel aan!!


Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid Piemel, Hergé, Suske en Wiske: De Tartaarse helm, Tintin: Le Sceptre d'Ottokar, Schanulleke (Suske en Wiske), Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2), Suske en Wiske: De Ringelingschat, Uitglijers met dubbele betekenissen?, Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergen, Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro, De Uitglijers van Eddy Paape, Dan Cooper, De Tartaarse helm (Jeugd Revue), Majesteitelijke Uitglijer, Fournier, Suske en Wiske en Dick Bos, Foute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje), Rik overleeft de kogels (Rik Ringers), Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke), Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e druk, Jansen is de naam (Kuifje), Magda van Tilburg, Hergé als geweten van de wereld, Uitglijer over een Bommeljas, Uitglijer Paul Panter, Uitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck Danny, Links is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer), De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer), Poederdons in plaats van zwaard (Akim), Uitglijer Sirius door albumuitgave, De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin), Jerry en Valentin glijen uit (Jerry Spring en Kuifje), Kuifje - Uitglijers in zwart-wit edities, Uitglijer Robbedoes en Kwabbernoot, Vlaams of niet Vlaams, Dupuis glijdt weer eens uit (Jan Kordaat), Marten en Willy glijden uit, Bazooka Joe, Uitglijer van jewelste? (75 beste Suske en Wiskes) en Uitglijer over een getal.

29 april 2021

Jan Vervoort - Koorddansen


Striptekenaar en illustrator Jan Vervoort (Melior, Elno) maakte deze illustratie vorig jaar aan het begin van de pandemie. In april 2021 is het helaas nog steeds van toepassing op de huidige corona situatie en Vervoort plaatste het opnieuw op zijn Facebookpagina, 'Nog altijd koorddansen'. Al zijn er wel onlangs weer wat versoepelingen doorgevoerd en dat is goed nieuws. 

27 april 2021

Willem Vleeschouwer - De nieuwe mens

Striptekenaar en illustrator Willem Vleeschouwer (geboren in 1950) haalde onlangs zijn coronavaccinatie in zijn woonplaats Amsterdam. En niet zonder gevolgen. Thuisgekomen maakte hij deze fijne Vleesch-illustratie en schreef er een heerlijk verhaaltje bij voor zijn Facebookpagina. Ik deel het graag.      

'De nieuwe mens. Ik heb een prik gehaald. Ik kan niet zeggen dat je daar nu zwaar gewond door raakt. Je merkt het amper. Maar buiten wel. Terwijl ik naar huis fietste merkte ik dat de mensen het in de gaten hadden.... 'Daar fietst er eentje waarbij je niks oploopt', zag je ze denken. Ik hoorde ook applaus en nu zal je mij niet horen beweren dat dat voor mij was, maar even later klonk er gejuich en dat was wel degelijk voor mij. Ik bleef natuurlijk rustig, ben wel wat gewend, maar ik ben niet rechtstreeks naar huis gegaan. Omweggetje. Zodat er meer mensen van me konden genieten.' 

25 april 2021

Fred de Heij tekent historisch stripboek 'Het waterwapen'


Striptekenaar Fred de Heij (1960) tekende het historische stripboek 'Het waterwapen' dat in het teken staat van het Rampjaar 1672. De stichting Oude Hollandse Waterlinie en Arjen Rijsdijk, voorzitter van de Erfgoedtafel OHW Zuid-Holland hebben dit initiatief genomen vanwege het 350-jarige jubileum in 2022. Samen met stripschrijver Ad Maas heeft De Heij het Rampjaar vertaald in een stripboek voor jong en oud. 

Fred de Heij tekende voor de hardcover versie een ander omslag.

Het boek is te koop in twee edities (softcover: € 9,95 en hardcover: € 19,95) met verschillende covers en te bestellen via oudehollandsewaterlinie.nl/stripboek-het-waterwapen

Fred de Heij in zijn atelier in Zaandam (AD, 13 februari 2021) Foto © Marlies Wessels

Een interview met De Heij over het stripboek kun je lezen via deze link op de site van Oude Hollandse Waterlinie. Het Algemeen Dagblad publiceerde reeds op 13 februari dit interview met Fred de Heij door Hans-Paul Andriessen, gelardeerd met veel beeldmateriaal uit 'Het waterwapen'. 

31 maart 2021

Uitglijer over een getal

Grappig is dat er niet alleen stripuitglijers in stripverhalen zijn te vinden. Neem nu de roman Herinneringen van een Engelbewaarder van W.F. Hermans uit 1971. Op bladzijde 109 van de eerste druk is de hoofdpersoon Alberegt in gesprek met een zekere Erik en die zegt “Nou opper eens een idee. Tom Poes verzin een list”. Wat later zegt deze persoon: “Toch naar commissaris Bullebas gaan?” Wanneer je bedenkt dat deze scene zich afspeelt even voor de invasie van de Duitsers in 1940, zie je dat Hermans de plank misslaat of in elk geval een helderziend moment introduceert. Onze witte vriend is namelijk op 16 maart 1941 in druk in de Telegraaf verschenen, Bommel op 12 juli van dat jaar en de volprezen commissaris mag pas op 14 augustus zijn entree maken. Alle drie een goed jaar later dus dan het tijdstip waarover de schrijver vertelt. Ha! Hermans getackeld. Het zal niet waar zijn.

Maar ook degene die Uitglijers constateert en publiceert op Incognito Comics kan er een maken. Misschien! In deze Uitglijer uit 2018 roept Paul Panter zomaar een getal en we proberen dat te verklaren door het een Franse vervormde vloek te laten zijn; vingt et deux (twee en twintig) ofwel go... me. 

Paul vloekt? (klik op de afbeeldingen voor een vergroting)

Edoch. Mij werd gewezen op Stripspeciaalzaak - Weetje van de Week en wel nummer 247 ervan dat een andere getal-gedoe onder de aandacht brengt. Zowel in Asterix - De Galliër (blz. 41, eerste druk, Amsterdam Boek 1972) als in Robbedoes en Kwabbernoot - De Gorilla heeft het gedaan (blz. 26, eerste druk, Dupuis 1959) wordt het getal vijftien zomaar gebruikt. Ook in het Frans overigens. Let op... Kwabbernoot gebruikt dat getal als een man met een baard in beeld komt. Hier schijnt de verklaring in te zitten. 

Vijftien out of the blue. 

In de Gorilla wordt het getal niet verklaard, net zomin als bij Paul Panter, maar bij Asterix zien we wel iets dat het mysterie lijkt op te lossen. Na een mislukte toverdrank is de haargroei bij de Romeinen flink uit de hand gelopen. Het is voor de veroveraar een volslagen afgang. De gefrustreerde commandant gaat verhaal halen bij Asterix en krijgt het volgende voor zijn kiezen.

Vijftien is een spelletje... dat blijkt.


Ook hier is er een connectie tussen het getal 15 en een baard. Bovendien wordt er in het kader op een spel gezinspeeld. Nu is er op de genoemde Stripspeciaalzaak site een verklaring gegeven. Het is een spel dat kinderen vanaf 1950 blijkbaar volop speelden. Als je een baard zag riep je 15, en de volgende 30, en de volgende weer 45. Wie het eerst aan 45 kwam had gewonnen. Deze telling, zo zegt de site, was van toepassing op mannen met een kinbegroeiing. In zowel Robbedoes als bij Asterix is er sprake van baarden en het getal vijftien. En dan klopt de bewering aardig... maarrrr ...waarom 15? Volgens Stripspeciaalzaak is dat de telling van het tennisspel (45 is dan 40), maar dát lijkt mij erg sterk.

Er zijn meerdere redenen om te twijfelen aan die sporttelling. Tennis was een elitesport en velen hadden rond 1950 van dit spel gehoord, maar nooit gezien, nooit gespeeld, laat staan de gescoorde punten bijgehouden. Het lijkt daarom onwaarschijnlijk dat kinderen tellen à la tennis gingen hanteren. Veel te ingewikkeld. Een, twee, drie ligt toch veel meer voor de hand? Eerder lijkt het er op dat jongetjes (en toch ook meisjes veronderstel ik) winnaar waren als ze de eerste vijftien baarden hadden gezien. De theorie gaat ook mank als je goed naar het plaatje voor de geestelijke ontploffing van de commandant kijkt. De kleine Galliër zit in dat plaatje al op de 3450 (230 x 15, dat klopt). Hiermee komt de theorie van het tennis-tellen op losse schroeven te staan. Of Goscinny en Uderzo hebben het spel naar hun hand gezet en zijn voor het effect doorgegaan met tellen. Terecht staat ook in Weetje van de Week #247, waarin de verklaring gevonden werd, dat je inderdaad wel zelf de regels van te voren moest maken zodat je het spel helemaal naar je eigen hand kunt zetten. Precies zoals Asterix dat blijkbaar doet. 

En dat geldt niet alleen voor het tellen. Ook voor de voorwerpen kun je variëren tot je een ons weegt; roodharige vrouwen, een barst in een raam of deuken in auto's kan allemaal, alleen verandert de naam van het spel niet; 15. En zo kan het ook over agenten gaan zoals bij Paul Panter. Je geeft gewoon met een getal een opvallende hoeveelheid aan. Geen 22 agenten, maar weer die agenten; veel dus en vaak. Geloofwaardig? Hm. Het blijft een theorie en vingt et deux nog aan toe... zo lijk ik aan een Uitglijer te ontsnappen. Tja, ik ben Hermans niet. (HvK)

Met dank aan Menno Barkema van de Leidse Stripshop voor de tip.

Hans van Klinken is freelance journalist en leest in zijn vrije tijd graag strips. Op de Incognito blog levert hij (on)regelmatig bijdragen met De Uitglijer (rubriek voor strip-misstappen) en andere stripgerelateerde stukjes.

Zijn bijdragen: 
Guus Slim: Kamerlid Piemel, Hergé, Suske en Wiske: De Tartaarse helm, Tintin: Le Sceptre d'Ottokar, Schanulleke (Suske en Wiske), Suske en Wiske: De Tartaarse helm (2), Suske en Wiske: De Ringelingschat, Uitglijers met dubbele betekenissen?, Uitglijer Guus Slim: Bomaanslag in de bergen, Een speurtocht naar striptekenaar en scenarist Pizarro, De Uitglijers van Eddy Paape, Dan Cooper, De Tartaarse helm (Jeugd Revue), Majesteitelijke Uitglijer, Fournier, Suske en Wiske en Dick Bos, Foute teksten bij onze wereldvermaarde held (Kuifje), Rik overleeft de kogels (Rik Ringers), Hoe geel is een bruine schoen ? (Ton en Tinneke), Je 1e druk Amoras: misschien geen volledige 1e druk, Jansen is de naam (Kuifje), Magda van Tilburg, Hergé als geweten van de wereld, Uitglijer over een Bommeljas, Uitglijer Paul Panter, Uitglijers Suske en Wiske, Jan Kordaat, Buck Danny, Links is niet rechts en andersom (Blake en Mortimer), De Vallei heeft foutjes (Blake en Mortimer), Poederdons in plaats van zwaard (Akim), Uitglijer Sirius door albumuitgave, De Uitglijer die geen Uitglijer is (Jacques Martin), Jerry en Valentin glijen uit (Jerry Spring en Kuifje), Kuifje - Uitglijers in zwart-wit edities, Uitglijer Robbedoes en Kwabbernoot, Vlaams of niet Vlaams, Dupuis glijdt weer eens uit (Jan Kordaat), Marten en Willy glijden uit, Bazooka Joe en Uitglijer van jewelste? (75 beste Suske en Wiskes)

Jeroen Thijssen schrijft Peter Pontiac biografie


Jeroen Thijssen (1959), bekend als de biograaf van Johannes van Dam, gaat ook de biografie schrijven van Peter Pontiac, voor Uitgeverij Nieuw-Amsterdam. Dit maakte Pontiac's broer en Volkskrant stripjournalist Joost Pollmann eerder deze maand bekend op Facebook. Het boek over Nederlands bekendste underground striptekenaar, die in januari 2015 overleed, moet voorjaar 2023 gaan verschijnen. Op de foto poseert Thijssen met het boek Rhythm waarin alle losse Pontiac strips uit 1969-2011 zijn verzameld.  

30 maart 2021

Mars Gremmen - Cover Eppo 7, 2021


 Mars Gremmen (The girl is mine, Mac & Maggie) maakte deze 'uit de lockdown' covertekening voor de nieuwe Eppo, nummer 7 van 2021. Na de kleine versoepelingen naar de detailhandel, waarbij dus ook weer de (strip)boekwinkel) kan worden bezocht, vond de Eppo redactie dat dit lichtpuntje gevierd mocht worden met een positieve cover. Het is een vrolijk spektakel met een tsunami aan stripfiguren geworden die in het blad staan. Gremmen, die al eerder dit soort covers voor Eppo tekende, maakt nu gebruik van het zogenaamde Droste effect... de Eppo cover, die in de Eppo cover, en opnieuw in de Eppo cover zit gemonteerd. Eppo nr. 7 is te bestellen via deze link.



12 maart 2021

Erik Wielaert - Isabel cover Incognito


De Groningse striptekenaar Erik Wielaert maakte voor stripmagazine Incognito nr. 17 (juni 1999) het korte verhaal 'Isabel' en tekende ook de bovenstaande cover. Dit verhaaltje werd een jaar later opgenomen in het album Nachtschade, deel 4 uit de Incognito Reeks (waar ik eveneens de uitgever van was). Voor leuke beelden, verhaaltjes en info over nabestellen van backissues, ga naar www.incognito-comics.nl

Fun facts: het Incognito logo werd ontworpen door Marcel de Jong en het prijsvignet door Michiel de Jong. Samen met de Isabel-tekening van Wielaert zien we dus drie tekenaars op een cover.

28 februari 2021

Stripdagen Haarlem geannuleerd, verplaatst naar 2022

De afgelopen weken heeft het bestuur van Stichting Beeldverhaal Nederland zich gebogen over de vraag of het reëel is te verwachten dat Stripdagen Haarlem in juni 2021 georganiseerd kan worden en na overleg is definitief besloten Stripdagen Haarlem te verplaatsen naar 3 t/m 12 juni 2022.


In haar persbericht geeft Stripdagen Haarlem een paar belangrijke redenen. 
'Ten eerste weten we op dit moment nog steeds niet hoe Nederland er over een paar maanden aan toe is. Stripdagen Haarlem is een veelomvattend festival en dat willen we graag zo houden. In de huidige situatie is niet te zeggen hoe Stripdagen Haarlem 2021 binnen de corona-maatregelen eruit zou gaan zien, en zijn we bang te veel te moeten inleveren op de uitgangspunten van het festival. 
Ook is de komst – en veiligheid – van onze buitenlandse gasten, van wie een aantal een expositie zouden inrichten, nog steeds in het geding. 
Om kort te gaan: de onzekerheden zijn op dit moment nog zo groot dat wij liever de keuze maken het festival een jaar uit te stellen en onze 15e editie te vieren met al het moois en leuks dat bij een jubileum hoort. Alle ideeën en plannen blijven daarbij gehandhaafd, omdat we ook het festivalthema ‘Wereldbouwers’ meenemen naar 2022.
Ondertussen zitten we niet stil en broeden we op mogelijkheden om 2021 niet helemaal een striploos jaar in Haarlem te laten zijn. Er zijn al voorzichtige plannen, en zodra we hier mee over kunnen meedelen, komen we graag bij u terug.'

Noteer alvast in uw agenda: 3 t/m 12 juni 2022 - Stripdagen Haarlem - 15e editie


Officiële website: www.stripdagenhaarlem.nl

03 februari 2021

Typex - Je moeder! - Lief en leed op anderhalve meter


 'Je moeder! - Lief en leed op anderhalve meter' bundelt de collectie stripcolumns die illustrator en striptekenaar Typex (Rembrandt, Andy) tijdens de eerste lockdown tekende over hem en zijn moeder Alice. De afleveringen, die samen een bijzonder verhaal vormen, verschenen iedere donderdag in de kunstbijlage van de Volkskrant. Deze coronaserie is tevens Typex' eerste puur autobiografische strip! 


Het boekje telt 64 pagina's en verschijnt begin februari bij Nijgh & Van Ditmar. De fraaie vormgeving is van Fake Booij (die ook Pontiac's Styx, of: de Zesplankenkoorts verzorgde).  ISBN 9789038810089, € 20,-

Lees ook dit interview met Typex en zijn moeder van vorig jaar oktober in de Volkskrant. 

Ode aan zijn overleden collega en vriend Eric Schreurs, de maker van de Joop Klepzeiker strip (Volkskrant, 4 juni 2020)